Suuns :: ”De blues is helemaal uitgespeeld”

Bouwde Suuns met debuutplaat Zeroes QC en de daaropvolgende concerten een solide reputatie op, dan gaat de band met opvolger Images Du Futur onverdroten verder op het kwalitatieve pad. De toekomst mag dan, zowel in de muziek als daarbuiten, onzeker zijn, Suuns biedt een lichtpunt. Al is dat bij momenten gitzwart.

Met Ben Shemie heeft de band een frontman in huis die weet waar hij muzikaal naartoe wil, maar die net zo goed aan het twijfelen durft te slaan over zichzelf en zijn werk. Klinkt de twintiger op plaat dreigend en bij momenten intimiderend, in de omgang blijkt Shemie een beleefde jongeman die met een uitgestoken hand en een vlekkeloos uitgesproken “bonjour” de hoffelijkheid zelve is.

Ben Shemie: “Goh, ik kom van Canada, dus net als iedereen kan ik wel wat Frans. Ik hou ervan het te spreken, probeer het zoveel mogelijk te oefenen.”

enola: Zing je het ook?
Shemie: “Nog niet. Ik heb geprobeerd om nummers in het Frans te schrijven, maar het is fucking moeilijk, omdat het mijn moedertaal niet is. Bovendien is het ook een moeilijke taal om te gebruiken bij rock-‘n-rollmuziek. Het is niet de natuurlijke taal voor dat genre.”

enola: Nochtans maakt Suuns niet onmiddellijk typische rock-‘n-roll.
Shemie: “True. Maar dan nog. Ik zou wel willen, maar ik ben de taal niet meester genoeg, voel me er niet comfortabel bij om het voor publiek te doen.”

enola: No offence, maar u zingt doorgaans minder verstaanbaar dan Michael Stipe, en die had op dat vlak een reputatie.
Shemie: “I could bullshit it, maar het is iets persoonlijk, het zou voor mezelf niet goed voelen, alsof ik aan het valsspelen ben.”

enola: Blijft de vraag waarom u in het Engels zingt zoals u doet: want het is doorgaans moeilijk verstaanbaar.
Shemie: “Vergeleken met de eerste plaat denk ik dat de lyrics nu beter verstaanbaar zijn, dus er zit evolutie in. Maar het is niet dat ik probeer mezelf te verbergen achter gemompel. Ik heb nogal een gesloten mond, en het is misschien ook een soort esthetische keuze: ik heb nu eenmaal geen krachtige stem. Een nummer écht zingen, kan ik simpelweg niet, hoe hard ik ook zou willen.”

enola: De muziek klinkt bij momenten wél heel krachtig, al duurt het even voor je als luisteraar vat krijgt op de songs.
Shemie: “De muziek komt ook op een mogelijk onconventionele manier tot stand. Ik schrijf het materiaal en vervolgens monteren we het met de band tot een geheel. Sommige nummers moeten het dus hebben van hun arrangementen, meer dan van typische ingrediënten zoals melodie. Soms hebben we gewoon een baslijn die we beginnen te spelen en dan voelen we aan hoelang die moet doorgaan.”
“Het is geen traditioneel songschrijven, maar voor ons werkt het, voelt het natuurlijk aan, omdat we het nu al enkele jaren zo doen.”

enola: Hoe weet u wanneer een nummer klaar is? Sommige songs klinken alsof ze gerust nog een hele tijd zouden kunnen blijven doorgaan.
Shemie: “Soms gaan ze ook nog een hele tijd door, maar je moet ergens een grens trekken. Als een deel van het nummer langer wordt, moet de rest namelijk ook langer, om het evenwicht te bewaren. En de songs zijn over het algemeen best lang, we willen dat ze de tijd krijgen zich te ontwikkelen. Het is een beetje puzzelen. Vaak weten we wel wat we willen, maar het is zoeken naar een manier om er te raken. Het is zoals plasticine, altijd in beweging.”
“We boeken ook altijd enkele concerten voor we gaan opnemen. Een nummer ontstaat pas echt als je het live gespeeld hebt, dan krijg je perspectief. Na zo’n show weet je welk stuk te lang is, waar je meer moet schaven.”

enola: Het heeft eventjes geduurd voor de tweede plaat kwam. Toch na de vooruitgeschoven single “Bambi”. Moeilijke bevalling?
Shemie: “Neen, het was niet hard. Toch niet zo hard als ik verwacht had. Er was wel een beetje druk deze keer. Maar het heeft eigenlijk niet lang geduurd om deze plaat te maken. We hebben anderhalf jaar met het eerste album getourd, dat is lang. Dan moet je natuurlijk nog nieuwe nummers schrijven en vervolgens opnemen, wat samen ook bijna een jaar duurt. We hebben sindsdien trouwens nog nummers geschreven, die niet op de plaat staan, maar waar we nog plannen mee hebben.”
“Ik weet eigenlijk niet hoe andere bands werken. Sommige artiesten zijn heel productief en het lijkt daardoor dat ze sneller gaan. Maar als ik iets maak, wil ik dat het een concept is dat juist zit, dat de productie klopt. Als we een lofi-band waren, zouden we veel meer muziek kunnen uitbrengen, maar dit vraagt veel voorbereidingstijd voor je de studio intrekt, zodat je ter plaatse niet met de handen in het haar komt te zitten en je afvraagt wat je nu moet doen.”

enola: Naar wat voor muziek luistert Suuns eigenlijk zelf?
Shemie: “We zijn heel fel beïnvloed door Kraftwerk, de klassieke synthesizers. Maar ook Vangelis, dat bijna cheezy klinkt. Niet dat we zo willen klinken, maar dat is waar we op tournee naar luisteren.”

enola: Dus er is een moment, op de tourbus, waar een van jullie Vangelis opzet. Er zijn bands waar voor minder geweld gebruikt wordt.
Shemie: “Het is riskante muziek, die heel polariserend werkt. Je houdt ervan of je haat het. Maar we houden van heel diverse muziek, van klassieke muziek en rock-‘n-roll, wat zo’n beetje de basis is, over techno tot drones zoals Sunn 0))), die een heel sonische impact hebben. En er is ook een kantje aanwezig dat heel hard into dance is, maar daar is al zoveel van gemaakt dat we niet gaan proberen daar tegenop te boksen door een normaal klinkende danceplaat te maken. Een hit schrijven is één ding, maar het is moeilijk om met een interessante hit op de proppen te komen.”

enola: “20-20” klinkt, hoewel niet typisch dance, wel als een floorbom. Op zijn eigen manier.
Shemie: “Het is een dancenummer, dat valt niet te verstoppen. Maar we hebben geprobeerd er een draai aan te geven. Er is weinig harmonie, maar wel veel subbass en gitaartricks. Dat is de uitdaging waar we voor stonden, een nummer maken dat zo intens is dat het je hoofd wil doen ploffen.”
“Maar we zijn eigenlijk geen studioband. We amuseren ons in de studio en het is fijn om muziek te maken, maar het is onze biotoop niet. Het voelt niet natuurlijk, zeker nu al die digitale mogelijkheden er zijn. Er is niets romantisch meer aan een plaat maken. Een live-identiteit behouden is heel belangrijk voor ons en die proberen te vertalen naar de studio is het doel.
We zijn ook meer bekend als een liveband en zijn trots op het feit dat we een goede liveshow brengen.”

enola: Live is ook spannender: het Suuns-concert op Sonic City leek wel met de handrem op gespeeld te worden, terwijl een week later op All Tomorrow’s Parties de boel meermaals ontplofte.

Shemie: “Zoiets plannen we uiteraard niet, veel hangt af van de atmosfeer, de vibe die in de concertzaal hangt. ATP was meer een feest, waar we dan nog eens laatst speelden die avond, na allemaal eerder rustige bands. We hadden iets gedronken en waren in de mood om heftig uit te pakken. Een hele dag lang was het heel gemoedelijk geweest, met mensen die aan het keuvelen waren, iedereen heel (spuwt het uit) nice. Dan adopteer je een attitude: Fuck this, ik wil een rockshow.
“In Kortrijk waren wij de gastheren en hadden we het idee dat we beleefd moesten zijn. En daardoor was dat een heel ander concert.”
“Dat is ook het leuke aan deze band: er is veel ruime om te manoeuvreren met de muziek tijdens concerten, waardoor je dus twee keer op een week heel verschillende concerten kunt krijgen, die elk op hun eigen manier hopelijk goed zijn.”
“Het enige dat we doen om ons voor te bereiden, is het schrijven van de setlist. Die minuten voor het concert, bepalen heel veel. Als we merken dat het publiek levendig is, zetten we een eerder heftig nummer vooraan. Dat is wat het opwindend en leuk maakt.”

enola: Een band die zo met muziek begaan is, sluit dan wel zijn nieuwe plaat af met een song getiteld “Music Won’t Save You”.
Shemie: “Iedereen zal voor dat nummer wel een andere interpretatie hebben, zoiets is persoonlijk. In de context van deze plaat, waar het het laatste nummer is, is het een soort epiloog die je met beide voeten op de grond plaatst nadat de andere songs getracht hebben je met een ruimteschip de kosmos in te sturen.”
“Het is een van onze meer donkere songs, maar ik hou van confronterende nummers, er zit vaak poëzie in. En dit is wat het is: na een hele tijd touren en op festivals spelen, is het niet makkelijk gebalanceerd te blijven functioneren. Er is de jij, de persoon, maar ook de jij, de gast die muzikant is in een band. Soms vervaagt de lijn daartussen en wordt wat je doet verward met wie je bent.
Ik kan alleen voor mezelf spreken, maar muziek spelen bepaalt in heel grote mate wie ik ben, maar het is niet helemaal wie ik ben. Het is wat ik graag doe. En ik neem het heel serieus, maar soms stoort het mij. Als het erop aankomt, is dit niet mijn familie, kan het evenmin zijn dat dit alles is dat er is.”

enola: Dat klinkt een beetje als wat iemand met een midlifecrisis zegt.
Shemie: “Het is geen crisis en muziek kan wel degelijk mensen redden. Ook ik heb platen die mee bepaald hebben wie ik ben. Maar het is eerder een zet-allemaal-een-stap-achteruitidee. Fuck muziek. Ook al is het contradictorisch om dat te zeggen in een song, dat is wat ik wil zeggen. Soms.”

enola: Ziet u zichzelf iets anders doen, dat helemaal niets met muziek te maken heeft?
Shemie: I think about it a lot. Maar tegelijk voel ik zo’n compulsieve drang om muziek te maken. Ik voel me ook nooit beter dan wanneer ik muziek creëer. Ik weet niet of ik dat door iets kan vervangen.”
“En toch ben ik niet tegen het idee om de rest van mijn leven geen muziek meer te maken. Ik heb nu een fijne tijd, kan spelen met fantastische andere muzikanten, er is niemand die ons komt vertellen wat we moeten doen. Mensen reageren bovendien nog eens positief op wat we doen. En toch heb ik niks tegen het idee om ooit een leerkracht te worden.”

enola: Samen met het beeld dat geschetst wordt, krijgt de titel Image Du Futur een donkere bijklank.
Shemie: “We leven ook in een tijd waarin veel mensen de toekomst somber tegemoet kijken. Al geloof ik niet dat dat een nieuw gevoel is, dat is altijd al zo geweest.”
“Het idee achter de titel is niet letterlijk te nemen. We proberen onze voorstelling van de toekomst niet te projecteren. De titel is ontleend aan een tentoonstelling die in Montréal startte midden jaren tachtig en tien jaar lang elke zomer open was. Het idee ervan was om artiesten aan het werk te laten gaan met toenmalige nieuwe media, zoals touchscreen, de eerste 3D-experimenten. Dingen die er nu silly uitzien. Als kind ben ik daar met mijn familie naartoe geweest en die ervaring is mij bijgebleven. Bovendien hou ik van het idee Image du futur. En het is in het Frans en klinkt cool. (lacht)

enola: Veel van wat op die tentoonstelling te zien was, is ondertussen alweer passé. Houdt u daar rekening mee bij het maken van muziek? Die veroudert vaak nog sneller dan technologie.
Shemie: “Het is op z’n minst een interessant gegeven dat we nu in een tijd leven die verder in de toekomst ligt dan waar die tentoonstelling naar verwees en die heel wat ingewikkelder is dan iemand toen had kunnen denken. We leven altijd in de toekomst van het verleden.”
“En je kan je inderdaad afvragen hoe deze plaat over tien jaar zal klinken. Als je kijkt hoe de muziekwereld op enkele jaren veranderd is, meer dan iemand had kunnen vermoeden, is het onmogelijk te beantwoorden hoe het één plaat zal vergaan.”

enola: Het is echter wel opvallend dat vandaag, meer dan ooit, hedendaagse muziek naar het verleden verwijst.
Shemie: “Absoluut. Het is zelfs scary. De trend is terugkijken in plaats van vooruitkijken en met deze plaat proberen we een beetje vooruit te kijken.”
“Misschien ligt het aan het feit dat jongeren sommige cruciale dingen niet kennen en bij een band die een sixtiesgeluid heeft veronderstellen dat het nieuw is. Al kan dat net zo goed vroeger zo geweest zijn.”
“Ik weet niet wat de volgende muzikale beweging gaat worden. Het is interessant om te zien waar het naartoe gaat. Je moet je verleden kennen, om niet dezelfde fouten te maken, om ervaring op te doen, maar je moet dat achter je kunnen laten en innovatief zijn als je zelf muziek maakt.”
“Ik denk niet dat de volgende grote golf uit een typisch muziekgebied gaat komen: in de VS en West-Europa is de blues helemaal uitgespeeld: dat is de taal die we spreken, de bron van alle populaire muziek die we hier kennen en die staat stilaan droog. Het gaat in het Midden-Oosten gebeuren of in Azië.”

enola: Zoals “Gangnam Style” plots opdook?
Shemie: “Daar heb je het. Een Koreaans nummer, niet in het Engels, en nummer één in de ganse wereld. Het mag dan een oninteressant nummer zijn, het is een teken.”
“Waar is de subcultuur bij ons? Hij bestaat niet meer. Het gebeurt niet. Het gebeurt wel op plaatsen waar er regels tegen dat soort dingen zijn.”

enola: Hoe past een band als Suuns in die filosofie?
Shemie: “Het moet voor onszelf interessant zijn, als je met een open geest muziek maakt, kan er nog veel gebeuren. Je moet niet denken dat je de wereld kan veranderen of iets compleet nieuws uit de grond stampen. Toch hier niet.”
“Er zitt vast ergens iemand in een of andere donkere kelder in een ellendige plaats de meest waanzinnige muziek in elkaar te draaien. We’ll see.”

Suuns staat op 11 mei samen met Apparat op Les Nuits Botanique.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × drie =