Eindejaarslijstje 2012 van Maarten van Meer

Veel goeie albums in 2012 (er stonden er nog een stuk of vijf meer op de longlist), waarvan we er zeker vijf nog lang zullen koesteren. Enkele ontzettend memorabele concerten ook, maar 2012 zal helaas vooral het jaar van ‘nooit meer Beastie Boys” zijn. R.I.P MCA.

  1. Frank Ocean :: Channel Orange Werd met enige bombarie rond ‘s mans seksualiteit gelanceerd, maar nadat het stof was gaan liggen (ook dankzij een geannuleerde Europese tournee waar tanden hier danig om knarsten), bleef een klein meesterwerk van een debuut over. Ergens tussen Prince, Michael Jackson, Stevie Wonder en Leonard Cohen, weet Ocean dankzij scherpe, mysterieuze teksten en een zeer gevarieerd songaanbod tegelijk tijdloos en hedendaags te klinken. Bevat met “Pyramids”, “Thinking ‘bout You”, “Super Rich Kids” en “Bad Religion” bovendien al minstens vier van de songs van het jaar.
  2. The XX :: Coexist Het debuut leek al een niet te evenaren perfecte oefening in minimalisme en sfeer, maar Coexist is nòg beter. Nog meer spanning, nog meer stiltes en details en vooral nog meer betoverende klanken en melodieën die na enkele seconden alweer verdwijnen. En — de grootste verrassing — meer groove en afwisseling. Al krijgen ze dat live helaas lang niet zo goed voor elkaar als op album.
  3. Chromatics:: Kill for Love Ruth Radelet betoverde ons bij een graad of 45 in de Pukkelpop saunatent genaamd Castello, maar Kill for Love was al langer een trouwe gezel doorheen nachtelijke wandelingen en autoritten. Het knalroze vinyl kleurt ook erg goed bij vrijdagavonden die ondanks grootse plannen niet verder dan de zetel en een huisgemaakte Cuba Libre evolueerden.
  4. Andy Stott:: Luxury Problems In een jaar met veel concurrentie, de elektronicaplaat van het jaar, dankzij het perfecte huwelijk tussen beats en sfeer. Een album dat tegelijk soundscape en diep brommend dansfeest is, met inspiratie uit alle hoeken van de wereld der elektronische muziek. Andy Stott giet er zijn saus van schuivende en brommende subbassen en verknipte en verplakte vocalen over. Het resultaat is onwerelds.
  5. Sigur Rós :: Valtari Meest gedurfde en minst begrepen album van het jaar. ( ) was minstens even moeilijk doordringbaar, maar heeft het voordeel van vele jaren rijping en allesvernietigende gitaarcrescendo’s. Valtari doet het subtieler, met ingehouden (koor)zang en op het eerste gehoor nauwelijks evoluerende soundscapes. Maar met tijd, geduld en rust aan haar zijde ontvouwt zich mogelijk Sigur Rós’ mooiste en meest coherente album.
  6. Alt-J :: An Awesome Wave Indiedebuut van het jaar. Clever, genre-hoppend, catchy en dansbaar. Weten het ook live overtuigend te brengen. Alt-J verliest echter een pak punten door minder dan een half jaar (en voor de bekendmaking van hun Mercury Prize) na de release een nieuwe, expanded version van hun album uit te brengen. Als dank voor de fans en journalisten die hen al van dag een word-of-mouthgewijs steunen. Graag gedaan, douchebags.
  7. Yeasayer :: Fragrant World Minder in your face dan Odd Blood (gelukkig maar). Er staat ook nauwelijks een matig nummer op, waardoor je op het eerste gehoor een hit als “O.N.E.” of “Ambling Alp” mist, maar dat blijkt een beluistering of drie verder slechts schijn. “Devil and the Deed”, “Blue Paper”, “Henrietta” en zeker de ongegeneerde Beloved-pastiche “Reagan’s Skeleton” stelen (ook live) overtuigend de show.
  8. Flying Lotus :: Until the Quiet Comes Veel toegankelijker dan het zichzelf soms wat voor de voeten lopende Cosmogramma. Doordat de tracks ook beter in elkaar overvloeien, klinkt Until the Quiet Comes ook meer als een groot geheel. Het is een iets toegankelijker album (ook omdat zijn invloed intussen al op meer plaatsen te horen is), maar dat mag de pret niet drukken. Niet de meest innovatieve elektronische plaat van het jaar, wel de meest coherente en met een perfect evenwicht tussen experiment en toegankelijkheid.
  9. Baroness :: Yellow & Green Na de al zeer imposante Red Album en Blue Album, stak Baroness ineens twee kleuren in deze indrukwekkende release. Minder heavy en minder metal dan de vorige twee, maar ook al is er meer aandacht voor een folkmelodie en akoestisch instrument op zijn tijd, Baroness blijft rauw en flirt nog steeds met sludge, hard rock, post rock en metal. Hopelijk revalideert de band snel van het zware ongeval, zodat we hun muziek weer live kunnen horen.
  10. Grizzly Bear :: Shields Een beetje braver dan het van ideeën barstende Veckatimest, maar eigenlijk vooral het album waarop Grizzly Bear zijn talent bestendigt en bevestigt. Ook Shields is met veel liefde en oog voor detail opgenomen, maar roept iets minder hard om aandacht met uitzinnige songs en mood swings. Een band en album om te koesteren voor het juiste moment.

Ook uw aandacht meer dan waard, maar net dat tikje minder dan de tien hierboven:
Fence :: Fence
(wegens nooit eigenzinniger en beter met hun vele invloeden staan musiceren. Als ze op hun volgende album iets unieker weten te klinken, wordt het pas echt de klassieker die Fence al meer dan 10 jaar in zich heeft.)
Lana Del Rey :: Born to Die
(wegens vooral dankzij de extra Paradise-ep in deze lijst geraakt. De vijf topsongs op het eigenlijke debuut compenseren helaas de tien behoorlijk matige andere tracks niet.)
Liesa van der Aa :: Troops
(wegens grijsgedraaid tot de tien albums van het jaar begonnen binnen te sijpelen.)
Neneh Cherry & The Thing :: That Cherry Thing
(wegens geweldig album, maar (ook daar moeten we eerlijk in zijn) uiteindelijk toch niet zo’n free jazz freaks.)
Richard Hawley :: Standing At The Sky’s Edge
(wegens toch liever de slepend croonende dan psychedelisch rockende Hawley.)
Animal Collective :: Centipede Hz.
(wegens na vijf nummers toch weer net iets te druk, al zijn we heel blij met “Applesauce” Moonjock” en vooral “Today’s Supernatural”.)
Actress :: R.I.P.
(wegens zwaar overklast door Stott en Flying Lotus en de twee Burial-ep’s.)
Bruce Springsteen :: Wrecking Ball
(wegens heel erg goed en zijn beste in tien jaar, maar toch niet aan de enkels van zijn beste werk komend.)
The Weeknd :: Trilogy
(wegens eigenlijk een heruitgave van wat vorig jaar al albums van het jaar waren — ingewikkeld, eindejaarslijstjes in tijden van gratis mixtapes en internet.)
Ellen Schoenaerts Kwartet :: Feiten
(wegens iets te rauw, pijnlijk en donker om dagenlang grijs te draaien en helemaal verslaafd aan te geraken.)

Geweldige songs die niet op deze albums staan: Blur – “Under the Westway”, Neil Young – “Oh Suzanna”, Burial – “Ashtray Wasp”, “Kindred” en “Truant”, Burial + Four Tet – “Nova”, Django Django – “Default”, OFWGKTA – “Oldie”

Meest memorabele song van eigenlijk een ander jaar: “New Noise” – Refused

Meest memorabele songs van eigenlijk een ander jaar, maar van dezelfde artiest en op hetzelfde concert, dus we kunnen niet kiezen: “Thunder Road”, “Born to Run”, “I’m On Fire”, “Tenth Avenue Freeze-Out”, “My City Of Ruins”, “Spirit In The Night” en “Because The Night’” – Bruce Springsteen And The E Street Band

Reissues van het jaar: “Frigid Stars”, “Barely Real” en “The White Birch“- Codeine en “Masters of Reality” – Masters of Reality

Concerten die nog lang zullen heugen:
The Afghan Whigs, Kings of Convenience, Mayhem, Refused, Girls en The Weeknd op Primavera Sound
Jack White, Lana Del Rey en Pearl Jam en op Rock Werchter
Alt-J, Chromatics, Björk, Refused, Santigold en Hot Chip op Pukkelpop
The Afghan Whigs in het Koninklijk Circus
Richard Hawley en Yeasayer in de AB
Radiohead in het Sportpaleis
En vooral: Bruce Springsteen op Pinkpop

Concert dat het meest deugd had gehad van een betere sound engineer: Grizzly Bear in de AB

Pijnlijkste annulatie: Frank Ocean op Pukkelpop

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 8 =