Holly Herndon :: Movement

Elektronische academicus presenteert een plaat die op zijn minst uitdagend te noemen is. Het zal voor sommigen wat werk vergen, maar eens je je er volledig in kan onderdompelen, schuilt er een wonderlijk vreemde sonore wereld achter.

Holly Herndon zomaar een dj noemen, zou een zware onderschatting van haar cv zijn. Dit roodharige Amerikaanse buitenbeentje is een master, docent en binnenkort doctorandus in elektronische muziekwetenschap. Terwijl velen de laptop als een noodzakelijk kwaad beschouwen, noemt zij hem het meest persoonlijke instrument dat de wereld ooit gezien heeft. Voor haar debuutalbum maakte ze er een werkstuk mee dat door de meticuleuze compositie bijna een product van de wetenschap genoemd kan worden, maar anderzijds ook onder je vel kruipt met een ongrijpbare bevreemding. De ene zal deze Ellen Allien voor gevorderden innig in de oren sluiten, de andere zal haar als rariteitenkabinet labellen en onmiddellijk naar de onderste rij van de platenkast verbannen, maar dat deze plaat zal intrigeren is een belofte die je zonder blikken of blozen kan maken.

Movement is opgedeeld in zeven tracks, maar kan eigenlijk beter als één werk beschouwd worden. Het avontuur start op een weinig alledaagse manier; “Terminal” opent met golven ruis waarin stilaan een beat hoorbaar wordt. In een spel van afstoten en aantrekken leidt het je een unheimlich traag opgebouwde compositie binnen, waarin de ontmenselijkte stem van Herndon eveneens tot beat herleid is. Eens je gewend raakt aan de doemsfeer, lijken de sporadische pieken je na een flatline nieuw leven in te blazen ter voorbereiding van de fenomenale single “Fade”, die je badend in de sfeer van de Berlijnse underground een futuristische clubervaring schenkt.

Na een iets toegankelijker luik begint Herndon het haar luisteraar pas echt moeilijk te maken. Na de hypnotiserende adrenalinestoot bestookt ze je met “Breathe” dat — what’s in a name — voornamelijk opgetrokken is uit lange, gretige ademstoten die tegelijkertijd het begin en het einde van het leven evoceren. Naar het einde toe duiken demonische sluiers van sirenenkreten op, die je na een paar laatste inhalaties het titelnummer in trekken. De industriële clubtrack “Movement” mixt de verstoorde sirenengezang met een zenuwachtige beat en werkt als een acid trip waar je alleen iets kan uithalen door erin mee te gaan.

De nonsensicale geluidscollage “Interlude” voert je naar de laatste halte, “Dilato”. Niet meteen een warm afscheid, want misschien wel het meest verregaande experiment dat meer naar sonore kunst dan naar muziek neigt. Nadat alle muzikaliteit verdwenen is, blijft enkel een diepe mannenstem over. Deze wordt gemanipuleerd, vervormd en gemixt met een vrouwelijke tegenhanger tot je het gevoel hebt een gehoortest van Stanley Kubrick te krijgen.

Besluiten dat dit album allesbehalve voor de hand liggend is, is een open deur intrappen. Toch is het geen curiositeit die enkel beoogt vreemd te zijn. De experimentele muzikale avonturier beleeft op deze elektronische drug een unieke trip die elke keer meer intrigeert.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × een =