Tree Of Sores :: A Cry Of Despair

De double-dip recessie is ongenadig hard, Europa kijkt toe hoe een ‘verloren generatie’ zijn hoop in de toekomst kwijt raakt en het volwassen leven doelloos en met tegenzin instapt. Die generatie heeft gelukkig wel nog muziek om haar wanhoop en radeloosheid te uiten, in de hoop dat de boodschap begrepen wordt.

Neoliberalen, austerianen, technocraten en staatspapiersmulpapen bekijken elkaar en wachten af tot er ergens een bank in (figuurlijke) vlammen opgaat vooraleer er actie genomen wordt, ten gunste van de bank. Een klimaat van wantrouwen en zielig eigenbelang installeert zich onder het steeds dikker wordende CO2-deken. Het noopt de massa echter nog steeds niet om haar eigen gulzigheid en hoogmoed even correct in te schatten als die van haar corrupte leiders. Een volk krijgt de leiders die het verdient.

Een rottend samenlevingsweefsel is de ideale voedingsbodem voor contraire kunsten en dadaïstische durvers. Of het nu gaat om het timmeren van slumhuisjes in de draaikom aan de Dampoort of het in elkaar knutselen van een 27 minuten durend, hoofdzakelijk instrumentaal, metal-epos dat zo diep onder je huid kruipt dat het rechtstreeks je endocriene klieren manipuleert. A Cry Of Despair is het muzikale equivalent van een psychotherapeutische groepssessie van langdurig crisiswerklozen met een beperkt antidepressiva rantsoen. Meeslepend, zwaar, deerniswekkend zwaar maar in- en inmenselijk; getextureerd, gelaagd en ondanks de druil en de tranen boeiend en verhelderend.

Tree Of Sores is een band uit Leeds, het desintegrerende industriële hart van Engeland. Het trio debuteerde vorig jaar met een straffe E.P. maar pakt nu grandioos uit. Ze spelen atmosferische klanken uit de shoegazemetal school van Neurosis en Isis met de rauwheid en oprechtheid van black metal en crustpunk. Dat klinkt als een recept voor een paar goede tracks van pak ‘m beet een minuut of vijf à zes maar A Cry Of Despair is wel degelijk 27 minuten lang en verveelt niet.

Je zou kunnen zeggen dat het album grosso modo uiteen valt in drie delen. Eerst is er een langzaam opbouwende intro, dan een heftiger stuk waarin er ook vocals te horen zijn en dan, na amper negen minuten, begint een lange instrumentale passage die ons op monumentale wijze naar het mooiste uitzicht op de Apocalyps leidt. Tijdens dit stuk denk je meermaals dat het verhaaltje ten einde is, maar telkens lanceert A Cry Of Despair zich weer met een riff of een subtiel melodieus stukje. Let wel, je dénkt dat het voorbij is, je wénst dat niet. De luisteraar wenst alleen maar zijn hoofd leeg te laten lopen van alle muizenissen en stress en zich volledig over te geven aan de leegte na de wanhoop. Omhels het monster, alle hoop laten varen is ook een verlossing.

Alle fans van doom, sludge en Isis-school bands moeten dit monumentaal stuk muziek beluisteren. Na een eerste volledige trip doorheen dit weidse maar onheilspellende muzikale landschap zullen er nog volgen. Je zal op zijn minst het vakmanschap van deze band leren appreciëren om met een beperkt aantal compositorische kunstgrepen en een nog beperkter arsenaal aan effecten en instrumenten A Cry Of Despair op het grandioze wijze het (door smog gesluierde) daglicht te laten zien. Het is echter nog waarschijnlijker dat je iedere keer opnieuw bijna een half uur lang meegesleept en ondergedompeld wordt in de sfeer van een vervallen wereld die de onze niet is, maar wel dreigt te worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen − acht =