Andre Williams :: Hoods And Shades

De vijfenzeventigjarige oppervetzak en rhythm & blues-referentie Andre Williams gaat al erg lang mee in het rock-’n-roll-circuit. Tegenwoordig laat hij zich echter vooral door bekende rock-’n-rollartiesten omringen. Met wisselende resultaten tot gevolg, want de ene artiest is natuurlijk de andere niet. Na enkele dolle avonturen met beroemd volk als Mick Collins van The Dirtbombs, Jon Spencer Blues Explosion en The Diplomats Of Solid Sound heeft hij weer wat nieuwe bondgenoten gevonden om met Hoods And Shades naar buiten te komen met wat hij een folkplaat noemt.

Het hangt er natuurlijk maar van af wat je folk noemt, maar wie het hoesje van Williams nieuwe plaat bekijkt, krijgt de indruk dat Williams het vooral heeft over de Noord-Amerikaanse folklore bestaande uit revolvers, halfnaakte vrouwen, wolkenkrabbers en explosies. Van trekzakken en banjo’s ontbreekt er op Hoods And Shades namelijk ieder spoor en als er één groep is waarbij je bij de beluistering van het plaatje aan moet denken, dan is het wel aan het übercoole Fun Lovin’ Criminals, niet toevallig eveneens een met het verleden dwepende band. Op geen enkele andere ons bekende plaat klinkt Williams namelijk zo relaxed en vol zelfvertrouwen. De vuile praat van platen als Silky en The Black Godfather heeft namelijk plaats gemaakt voor chilly melodietjes. Williams klinkt dus voor één keer als een opa waarmee je effectief kan buitenkomen zonder in affronten te moeten vallen.

Beter dan met "Dirt" kan het album in ieder geval niet aftrappen. Het eerste wat u van Williams te horen krijgt, is namelijk een vettig lachje, gevolgd door de geruststellende woorden "It don’t matter how high you go, it don’t matter if it’s high or low…", hierbij bijgestaan door een lekker rustig voortkabbelend gitaartje. Met "A Good Day To Feel Bad" gaat hij er nog net iets rustiger tegenaan. Het nummer roept met onheilspellende koren herinnerigen op aan mid-seventies spaghetti westerns met sfeermakende filmmuziek van Ennio Morricone en Bob Dylan.

En Williams blijft scoren, want met "I’ve Got Money On My Mind" klinkt hij vervolgens als een boosaardige pooier zonder dat hij er echt veel moeite voor moet doen. Tot meer dan "I’ve got my mind on money and money on my mind…" reikt de tekst weliswaar niet, maar dat is ook helemaal niet nodig omdat de typische seventies melodie het nummer genoeg inkleurt en de fantasie van de luisteraar voldoende activeert om er zelf een verhaal bij te bedenken.

Misschien dat Hoods And Shades juist zo’n goede plaat is geworden omdat echt grote namen ontbreken in het lijstje van begeleidende artiesten. Er werd weliswaar gewerkt met de bassist van The Dirtbombs, de drummer van Dirty Three en nog een bekende gitarist uit het motown-circuit, maar een dominante stempel levert dat niet op. Het zijn eerder gewoon professionele muzikanten die Williams de vleugels geven die hij nodig heeft om zijn ding te kunnen doen. Dat was op platen als Silky en The Black Godfather niet altijd zo. Bepaalde tracks op die albums klonken bijvoorbeeld echt als typische Dirtbombs-nummers .

Op Hoods And Shades grijpt Williams veel meer terug naar de eigen roots en dat is bijvoorbeeld duidelijk te horen in "Hu-Matic Man" dat met het erg strakke ritme haast een nummer lijkt dat Boo Diddley himself voor Williams geschreven heeft. Met "Jaw Dropper" brengt hij dan weer een ode aan de rhythm & blues van John Lee Hooker. Toch klinkt Williams bovenal als zichzelf, want zijn als schuurpapier klinkende stem doet dat soort antieke genres uiteraard alleen maar eer aan.

Het resultaat is een plaatje waarmee Williams meer dan met zijn andere platen klasse uitstraalt. Hoods And Shades is namelijk een album zonder teveel extra franjes en dat is eigenlijk alles wat een rhythm & blues-artiest op leeftijd nodig heeft om indruk te maken. Wie Andre Williams dus wil leren kennen en een goede indruk aan hem wil overhouden, doet dat best met een eenvoudige, maar krachtige plaat als Hoods And Shades.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 5 =