The Antlers + Dry The River





Tot
voor kort waren The Antlers aan een foutloos parcours bezig. Heden
ligt dat met de op hoongelach onthaalde en op Pitchfork met een
bespottelijke 3.0 bekroonde ep ‘(together)’ misschien eventjes
anders, maar voor ons hebben ze met het lichtjes overschatte, edoch
nog steeds bijzonder mooie ‘Hospice’ en de superieure opvolger
‘Burst Apart’ alleszins meer dan genoeg krediet opgebouwd. Al waren
ze heute Abend net iets minder overtuigend dan op Crossing
Border twee jaar geleden, en – vooral – un poco
saai.

The Antlers openden nochtans straf, gewaagd zelfs. Hun barokke
shoegaze lieten ze in het openingsnummer zowaar in de clinch gaan
met een geluidenkakofonie die niet had misstaan op een album van
Throbbing Gristle of een verzamelaar van primitieve elektronica. ‘t
Is niet meteen een begin dat het publiek aan het heupwiegen krijgt,
maar wij ruiken lef in de lucht hangen en kruisen onze vingers.
Daarna gaat het echter stelselmatig bergaf. Door een onevenwichtige
geluidsmix klinken de Brooklynites meer als een losse verzameling
muzikanten dan als een band. Bovendien lijken ze hun ganse set
haast in slow motion te spelen, zo gezapig en langgerekt spreiden
de nummers zich over 5+ minuten uit.

De goeie wil is er wel en het publiek lijkt eerbiedig genoeg, maar
niemand lijkt echt in vervoering te worden gebracht – of lag het
aan ons? De trage sfeerschepping, afgewisseld met flarden ambient
zorgt – hoewel daar in theorie natuurlijk helemaal niks mis mee is
– voor verveling, in de hand gewerkt door een tamelijk makke
setlist, die nummers van ‘Burst Apart’ en het debuut op weinig
swingende wijze door elkaar zwiert, met nauwelijks oog voor opbouw.
Met ‘My Teeth Are Falling Out’ gaat het beter: er zit plots weer
schwung in en het geluid lijkt beter afgesteld, maar tegen
dan moeten wij ons al naar onze trein haasten en heeft The Antlers
op 50 minuten tijd toch betrekkelijk weinig laten zien.

Wij hadden ingetogen emotie verwacht, afgewisseld met dramatische
uithalen, postrockgeweld dat in de kiem wordt gesmoord door
smachtende vocalen, elektronische lappendekens en briesende gitaren
die liefdesleed en obsessie in meezingbare popsongs dwingen. In de
plaats kregen wij een lichtjes weirde rockshow die noch
experimenteel, noch opzwepend, noch emotioneel uitdagend was. The
Antlers bevindt zich ergens tussen Antony, My Bloody Valentine en
Wild Beasts in, en bij momenten kwam die smakelijke mix tussen de
wolken piepen. Voor de rest leken ze zichzelf vooral voorbij te
willen steken om hun muziek complexer voor te stellen dan eigenlijk
zou moeten.

Niks mis met groepen die zich live moeilijker laten kennen dan op
plaat, noch bands die hun nummers op podium graag in een helemaal
ander kleedje stoppen (zie in beide gevallen: Animal Collective)
maar je moet als toeschouwer toch het gevoel hebben dat het
allemaal ergens toe leidt, en vooral: dat het iets met je doet. Dat
was hier niet het geval en dat was best spijtig.

Meer
The Antlers

Meer
Dry The River

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × vijf =