Polinski :: ”65DaysOfStatic zal altijd eerst komen. Dat moet.”

65DaysOfStatic deed het in 2011 ongewoon rustig aan, maar gitarist/pianist/beatman Paul Wolinski is geen stilzitter. Tijd dus om die schetsen elektronica waar zijn groep niets mee aankon eindelijk af te werken en als Polinski tot een plaat te kneden. Het resultaat is de trancetrip Labyrinths en een uitstekende aanleiding om een tussenstand op te maken na vijf jaar rollercoasterride die de groep dan niet rijk, maar wel rijk aan ervaringen maakte.

We schrikken bijna als hij ons van uit onverwachte hoek vindt in de drukte die de hal van Brussel-Zuid is; stil en onopvallend, zwaar gepakt, een ingepakt toetsenbord achter zich aan rollend. Met een paar uur zoek te maken op doorreis van Rijsel, waar hij gisteren optrad, naar Manchester, treffen we Wolinski in de luwte van dat bijna 65Days-loze jaar. Al is dat allemaal relatief. Moest 2011 een jaar worden waarin de groep vakantie nam, dan was dat nog voor Nieuwjaar al een ijdel voornemen: eind oktober 2010 kondigde de groep immers aan dat het in februari de klassieke science fiction film Silent Running live van een nieuwe soundtrack zou voorzien op vraag van het filmfestival van Glasgow. En zo ging die onstuitbare bal weer aan het rollen; extra voorstellingen volgden en deze week verscheen de muziek dan op vinyl op hun eigen Dustpunk-label.

enola: De financiering voor die opnames en het persen, haalden jullie op met een online-veiling. Dat bleek een groot succes: op een paar uur tijd haalden jullie het bedrag dat jullie vooropgesteld hadden. Verrast?
Wolinski: “Nogal ja. Het was ook de ideale aanpak wat ons betreft. We wilden de muziek voor Silent Running immers wel beschikbaar maken, maar het mocht zeker niet als ‘de volgende 65DaysOfStaticplaat’ worden gezien. Het was een gok, want als we dat beoogde bedrag niet zouden gehaald hebben, moesten we de mensen terugbetalen. En aangezien Indiegogo sowieso een percentage nam als tussenpersoon, zouden we in dat geval verlies maken. Maar goed, na een paar uur waren we van die zorg dus al verlost.”
“Het moeilijkste kwam dan nog; uiteindelijk moesten we die 500 vinyls en t-shirts en andere elementen ook zelf verstuurd krijgen. Dat vroeg nog een paar dagen hard doorwerken met de band. Vrienden en familie inzetten? Die hebben we al zo vaak belast, dat we ‘t niet meer durfden. Natuurlijk, we hadden naar Monotreme Records, onze vorige platenfirma, kunnen stappen, en die zouden de plaat ongetwijfeld hebben willen uitbrengen, maar dan zou het ook als een echte release zijn behandeld: met promo, een tour,.. en dat wilden we niet. Het zou ook financieel een groter risico zijn geweest. Niet dat het daarom meer zou hebben gekost, maar er zou meer van moeten betaald worden zoals die promo. Dus neen, het voelde juister zo.”

enola: Je wil de plaat buiten het “oeuvre” houden op die manier?
Wolinski: “In zekere zin. Het moest iets aparts zijn. We hebben ook muziek gemaakt voor Inside, een dansvoorstelling van Jean Abreu, en nu dit, en her en der nog wat van die losse soundtrackstukjes op kleine schaal,… Dat is goed. Het voelt alsof 65DaysOfStatic niet langer één iets is, maar een amalgaam van al die stukjes. Zelfs al zal het grote financiële succes ons altijd ontsnappen; het is goed dat dat er is. Ik vind het wel fijn, die losse eindjes. Maar het moet los staan van de echte albums.”
“Bij die dansvoorstelling zijn we ook pas heel laat betrokken. Jean Abreu had ons wel gevraagd of hij onze muziek mocht gebruiken, maar pas vele later kwam daar ook bij of we de muziek toevallig niet live wilden spelen tijdens de voorstelling. We schreven één nieuw nummer, voor de rest was het bestaand materiaal. Het was een vreemde ervaring. Ik ga niet zeggen dat ik er niets van begreep, maar het ging me toch wat over het hoofd. Het was ook een vreemd idee, dat wij daar een paar weken geleden bij een heropvoering stonden, in een theater in de Londense South Bank (het culturele hart van de stad) voor duizend mensen. Wij, met 65DaysOfStatic? In zo’n chique omgeving? Achter een doek, terwijl een paar man danst over in het gevang zitten? Nooit gedacht dat het zou gebeuren. Maar het is fijn dat we ook dat kunnen doen. Het maakt op zo’n moment niet uit dat we financieel nog altijd worstelen om boven te blijven. Als het gaat om evolutie, om dingen kunnen doen, dan gebeurt er heel wat. Dat besef maakte ons meer dan gelukkig.”

enola: En nu is er dus ook dat soloding. Waar kwam dat zo plots vandaan?
Polinksi: “Dat is niet iets waar ik hard over heb nagedacht. Nu had ik gewoon tijd om te stoppen met aanmodderen en die nummers af te werken; meer was het niet. Nu is het iets echts, en voel ik me verplicht om het zo goed te doen als maar kan. De rest van de groep had het er ook niet moeilijk mee. Ik kan me niet eens herinneren dat we er een echt gesprek over hebben gevoerd. Er was een moment, toen we met de ferry terugkeerden uit Europa, dat ik met Joe (Shrewsbury, gitarist, mvs) een gesprek had over het jaar pauze dat we zouden nemen, en ik besefte dat als ik dat sologedoe ooit wat verder willen brengen, het nu zou moeten zijn. Er was geen masterplan. Dat is er bij 65DaysOfStatic meestal wel, maar bij mij was het niet meer dan een vaag verlangen om die plaat te maken.”
“Het is eigenlijk verfrissend om het eens zo te doen. Bij 65DaysOfStatic draait het allemaal om de liveshow. Het was fijn om daar nu eens niet over te moeten nadenken, geen rekening te moeten houden met het feit dat het live moet kunnen worden gespeeld of dat er anderen ook hun ding over moeten kunnen doen. Het voelt helemaal anders. Ik hoop dan ook dat Labyrinths steekhoudt als plaat.”
“Ik zou graag beide balletjes de lucht in houden: dit, en 65DaysOfStatic, maar dat gaat misschien niet. Het kan zijn dat dit een eenmalig iets wordt, maar dat hangt ook af van wat de groep maakt. Ik ben in elk geval niet van plan iets achter te houden voor hen omdat ik het te goed vindt of zo. Als ik me kan voorstellen dat ze iets met mijn beats aankunnen ga ik het niet apart houden voor Polinski.”

enola: Hoe voelt het nu om nu alleen op te treden?
Polinksi: “Het voelt goed. Ik ben verwend geweest de laatste jaren, want optreden met 65Days is erg fun, maar dit ook. Al is het zoeken naar een evenwicht; het laatste wat ik wilde was weeral zo’n gast zijn die achter zijn laptop wat staat te prullen. Al mijn hardware meesleuren kan ik me echter ook niet veroorloven, dus ik hou het bij mijn toetsen. Ik ben nog aan het zoeken hoor. Als ik het geld zou hebben, zou ik met licht en projecties willen werken. De shows zijn tot nu toe erg goed geweest, dus dat is wel bemoedigend. Ik probeer de laptop zo veel mogelijk opzij te houden en veel rond te springen.”
enola: Ik herinner me nog hoe je in ons eerste interview zei dat “een man achter een computer niet echt uitnodigt tot wild gedrag”. En daar sta je dan.
Polinski: (lacht) “Ja dat klopt. Wel, met wat ik nu weet, denk ik toch dat er veel ruimte voor verbetering is. Voor mij is dat allemaal nog wat buiten bereik, maar voor veel van die mannen moet dat perfect mogelijk zijn. Als je beats kunt programmeren, is het heel mogelijk om licht en beeld daar op te synchroniseren. Ik geef mezelf op dat vlak nog even een vrijstelling omdat ik pas begonnen ben, en het ook maar als een zijproject doe, maar iedereen die met dit soort muziek op een hoger niveau optreedt, kan iets doen. Het gaat nooit een punkrockshow zijn, en zolang je dat accepteert, dan moet er iets mogelijk zijn.”
enola: Je kunt als elektronisch artiest alleen maar meer Jean-Michel Jarre worden, vrees ik: meer toetsen en machines rond je.
Polinski: (schatert) “Ik ga niet beweren dat ik het zoveel anders doe dan die anderen. Het blijft ik, mijn keyboard en een laptop, maar ik doe mijn best om het interessant te houden. Uiteindelijk draait het altijd om de muziek, of het nu Polinski is of 65DaysOfStatic. Al kan het om zoveel gaan. Voor The Glitch Mob, waar ik gisteren mee speelde, gaat het alleen maar om de builds en de drops. Da’s ook ok. Ik zit helaas ergens halverwege: je kunt er niet altijd op dansen, en het is niet altijd geweldig om naar te kijken.”
“Het is ook zoeken om optredens te vinden. Ik doe geen volledige tour, maar probeer her en der een voorprogramma of een show te spelen naargelang er tijd is, want het blijft belangrijk dat dit 65DaysOfStatic niet in het gedrang brengt. Dat blijft het belangrijkste. Ik schiet mezelf zo misschien wat in de voet, maar de groep komt eerst. Het is moeilijk om het zo te doen, maar ik hoop dat er meer interesse komt nu de plaat uit is.”

enola: Hoe is het met 65DaysOfStatic ondertussen?
Polinski: “Onze laatste Europese tour, die voor de Heavy Sky-EP, eind 2010, heeft de band veel deugd gedaan. Het was een moeilijk jaar geweest, doordat Hassle, het label waar we voor de release van We Were Exploding Anyway net naar verhuisd waren, er een potje van had gemaakt. We waren naar hen verkast om de boel een niveau hoger te tillen na goeie jaren van trage, maar gestage groei bij Monotreme, en uiteindelijk hebben we gewoon een jaar lang moeten vechten om vast te houden wat we bereikt hadden.”
“Op die laatste tour werkte dat in ons voordeel. We zijn altijd behoorlijk zelfredzaam geweest, en dus voelde die situatie aan alsof we opnieuw in onze begindagen zaten: met vier tegen de wereld. Ik kan nog niet goed zeggen wat er precies veranderd is, maar het voelde goed. Door het hele Silent Running-project, dat toch een pak minder energie vergt dan wat we normaal doen, gingen we ook opnieuw onze reguliere songs appreciëren. Niet dat we het touren beu waren, maar je kweekt er een soort ongevoeligheid voor. Het was fijn om er zo opnieuw aan te worden herinnerd hoe graag we razen op het podium.”

“We zijn ondertussen langzamerhand begonnen met nieuwe nummers te schrijven. Het was nooit iets voor ons om een plaat te maken, zomaar om opnieuw op tour te kunnen trekken — dat is niet fair voor de mensen die ons steunen — maar door die stap terug te zetten dit jaar, hebben we gemerkt dat we er zelf echt zin in hebben. Dus vonden we dat we er maar net zo goed voor konden gaan. Liever vroeg dan laat. Anders is het 2013 voor we iets kunnen uitbrengen.”

enola: Jullie hebben ondertussen wel het punt bereikt dat je van de groep kunt leven?
Polinski: “Ja. Niemand van ons heeft ondertussen een andere job gedaan de laatste vijf jaar. Dat kon alleen maar omdat we zo verschrikkelijk hard getourd hebben en genoeg t-shirts verkocht hebben en zo. Nu we dat jaar pauze hebben genomen is het moeilijk geweest, maar we wisten dat het zo zou zijn. Het is een onophoudelijk gevecht. Ik zou niet weten hoe we ook een andere job hadden kunnen hebben, want we zijn voortdurend bezig geweest.”

enola: Ik heb altijd het gevoel gehad dat jullie het momentum dat jullie met “Radio Protector hadden opgebouwd, hebben verknald met The Destruction Of Small Ideas.
Polinski: “Ik begrijp wel wat je bedoelt, maar zelfs al is het zo, dan nog we mogen daar niet op blijven hangen. Laat het element ‘succes’ los als ijkpunt, en het is niet waar: we zijn een betere band dan we toen waren. Ik heb ooit een lang gesprek met Emily Haines van Metric gehad daarover. Ze vertelde hoe ze in Zuid-Amerika gingen spelen, en daar bij wijze van spreken moesten openen voor lokale groepen waar ze nog nooit van had gehoord, maar waar wel een paar duizend man voor stond te wachten. Het bewijst maar dat die hele muziekpers, die zich richt op Londen of New York niet het alfa en omega is. “
“Het is perfect mogelijk om nooit met je kop in NME of Q te komen, en toch van je muziek te leven. Het is sowieso moeilijk om nog in die bladen te komen als je niet langer het nieuwste snoepje van de dag bent geworden, dus ons moment daar is ongetwijfeld voorbij. En het is in die context dat aandacht een wereld van verschil kan maken, zeker voor een groep als ons. Maar als je als groep een punt kunt bereiken waarop je goed genoeg bent, dan kan dat je momentum zijn: mensen zien je en vertellen dat verder, je speelt festivals, en zo bouw je je eigen ding op. Buiten dat wereldje van mensen die de rockpers lezen zijn er nog zoveel muziekliefhebbers. Genoeg om je ding te doen.”
“Maar je hebt gelijk dat we — zeker ten tijde van The Destruction Of Small Ideas — de boel al eens durfden kapot te denken. Het betert. We noemen stukken muziek nu al ‘songs’, waar we vroeger zouden gezegd hebben ‘moet zeker nog een laag of drie bij’. We hebben geleerd dat een song niet minder krachtig is omdat je minder doet. Sommige dingen als “Radio Protector”, “AOD” of “Retreat! Retreat!” zijn heel simpel; gewoon dezelfde melodietjes die blijven duren, maar het werkte door de dynamiek en de arrangementen. Misschien moeten we dat wat terug vinden.”

enola: Ik ben het ondertussen wel met je eens dat er op The Destruction Of Small Ideas een paar van jullie strafste songs staan, zoals “These Things You Can’t Unlearn. Ergens ver weg onder dat dof geluid.
Polinksi: Weet je, een vriend zei me een paar maanden nadat de plaat uitkwam voorzichtig dat hij die plaat zo vreemd vond. Hij had ook de opnames in de studio gehoord. ‘Die plaat klinkt niet als toen’, zei hij; ‘toen klonk het als iets heel opwindend, maar op plaat werkt het niet.’ Het deed deugd om dat te horen, omdat het alvast aantoonde dat wij ons niet vergist hadden toen we de opnames maakten. We waren niet gek geweest. Misschien is het omdat het in die studio zo luid werd gedraaid op een verdomd goeie installatie, dat het wel klonk zoals het moet, maar dat het op een stereo niet tot zijn recht komt.”
enola: Je hebt gewoon een plaat gemaakt voor audiofielen die zich boxen van 100.000 euro kunnen veroorloven?
Polinski: “Ik vrees het. (lacht) Het inspireerde ons wel om de volgende keer dan maar iets directer en meer dansbaar te maken. En nu, weet ik het nog niet. Voorlopig is het luid en nogal traag, wat nieuw is voor ons. We zien wel. We hebben nog niet echt een groot idee, een richting gevonden, ‘t is nog heel vroeg. Toen we schreven aan We Were Exploding Anyway zijn we zes maand bezig geweest met nummers die teveel als het oude 65DaysOfStatic klonken om die vervolgens weg te gooien, en opnieuw te beginnen. Nu voelt het beter aan. We zijn heel erg tevreden met We Were Exploding Anyway, dat het bijna als een nieuwe start voelt. Er is opwinding om verder te gaan. Het is bijna intimiderend om nu iets te moeten maken dat daarnaast kan staan. Maar de eerste probeersels zijn goed, dus het voelt fijn.”

enola: In dat geval kijken we er geweldig naar uit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 − acht =