Wolves In The Throne Room :: 1 november 2011, Magasin 4

Geen beter moment dan een druilerig Allerheiligen om atmosferische metalacts aan het werk te zien. Opwarmer Wolvserpent paste volledig in het deprimerende herfstige kader. Wolves In The Throne Room bracht de kille Noorse winter naar Brussel.

Geen pretentieuze, pseudokunstzinnige shit zoals in mei vorig jaar in Brussel, maar wel een volstrekt onbekende drone/doomformatie. Wolvserpent heeft niet meer dan een reus van een gitarist, een uitzinnige drumster en een handvol effectjes nodig om een verwoestende wall of sound neer te poten. Gedurende een vijfenveertig minuten durende stormachtige set switcht het duo — je zou ze “The Black Stripes” kunnen noemen — van een explosieve cocktail van ranzige black metal en krakende doom metal naar van Earth afgekeken hypnotiserende drones en vervolgens naar haast pure funeral doom, waaruit de geest van Evoken opdoemt.

Wolvserpent is een band die we in onze woonkamer nooit zouden draaien uit angst voor depressieve uitbarstingen. Maar zoals een stevig doomoptreden het betaamt, zwelt het oergeluid van de Amerikanen aan tot een kolkende vuurbal die elk moment in het gezicht dreigt uiteen te spatten. De onaards klinkende, laaggestemde gitaren worden tot in het ondergoed gevoeld en doen de maag bijna omkeren, de ziedende gitaren en gierende viool kruipen diep in de gehoorgang. Misschien is de lang uitgerekte set, en vooral het dronenummer, iets te veel van het goede, toch horen we een overtuigende opwarmer voor het gitzwarte metalgeweld van Wolves In The Throne Room.

Wolves In The Throne Room: van de naam alleen halen sommige (niet-)metalfans de wenkbrauwen op. Ecofundamentalisten? Pseudo-intellectuelen? Status van hippe cultband? Dat kan allemaal kloppen. Als er een ding is dat de Amerikanen demonstreren, dan is het wel dat ze in de extreme metalscene terechte vedetten zijn. Vijf grootse en prachtige doeken, roadies die voor de show (of zo lijkt het toch) de gitaren nog eens komen stemmen en een volgelopen (bijna compleet verduisterde) concertloods bewijzen dat Wolves In The Throne Room een toonaangevende band blijft. Het maakt niet of je een black metalfan, hardcorekid of indiekid bent: als er maar een oerdegelijke portie onvervalste black metal op het menu staat.

De fans hebben dit waarschijnlijk al duizend keer gelezen. Voor de dummies die deze recensie toch aanklikten een snelcursus “liveshows van Wolves In The Throne Room”: deze band moet niet weten van stinkende varkenskoppen, corpse paint, zwarte spikes-uniformen en flashcamera’s, maar heeft des te meer boodschap aan podiumattributen als kaarsjes, wierrook, mistige rook en vooral zo weinig mogelijk belichting. Geen Scandinavische stijl à la Dark Funeral of Gorgoroth dus, hoewel een eigenzinnige show voor Wolves In The Throne Room minstens even belangrijk blijkt te zijn als een doorsnee black metalcircus voor de Scandinavische collega’s.

Op muzikaal vlak grossiert Wolves In The Throne Room live wél in Scandinavisch puritanisme. Op Two Hunters en laatste plaat Celestial Lineage zijn de synthscapes — dikke lagen sfeervolle synthesizers — duidelijk aanwezig, maar daar hoor je daar live veel minder van. Het lijkt alsof Satan uit het Noorwegen van de grimmige nineties terug is en van onder de vloerbekleding kruipt om in je voeten te bijten. Wie geeft op dat moment nog een fuck om de teksten van de band? Met donderende drums, onverstaanbaar ijselijk gekrijs — een instrument op zich — en episch gitaargeweld brengen de broers Aaron (drummer) en Nathan (krijsen en gitaar) Weaver en hun compagnon op extra gitaar de hoogdagen van de misantropische black metal terug. Dat de set moeizaam op gang komt, vergeten de meeste aanwezigen.

De Neurosis-achtige kolossale sound en intensiteit die we van Wolves In The Throne Room gewend zijn, wordt tijdens het eerste kwartier niet volledig gevoeld. Het is pas vanaf “Cleansing” en “I Will Lay Down My Bones Among The Rocks And Roots” (uit Two Hunters), de climaxen van de set, dat de band het gewenste trance-effect creëert. De ogen gaan dicht en net als bij Burzum en de oudste Enslaved barsten atmosferische gitaren uit, als de Etna in zijn meest destructieve vorm, in intens instrumentaal lawaai. In het meer experimentele “Prayer Of Transformation” (Celestial Lineage) is de stemming even duister, maar tussen de explosies van feedbackende gitaren zitten meer doomy stukken.

Tussen de nummers is er zelfs (adem)ruimte voor een applausje uit het publiek en een subtiel thank you vanwege de band. Beide gegevens zeggen veel over de uitmuntende livegroep die Wolves In The Throne Room op het (naderende) einde van zijn bestaan is geworden. Het is nu aan Liturgy, Nachtmystium en Deafheaven om het zwarte gat in de toekomst op te vullen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

15 − 1 =