Ballroomquartet :: ”Het hoedje af van Blixa Bargeld”

Voor zijn derde plaat wist Ballroomquartet niemand minder dan Blixa Bargeld als producer te strikken. Dan verwacht je een plaat waarop de heren de experimentele lijn van hun vorige platen verderzetten. Niets is echter minder waar. Ballroomquartet werd een Yann Tiersen-achtige soundtrackplaat zonder film.

Andries Boone (mandoline/viool): "Nochtans had ik mijn batterij effecten meegenomen in de studio, en die gebruik ik normaal gezien volop. Of je gebruikt ze goed, of je gebruikt ze niet’; die instelling. Maar daar hield Blixa niet zo van. Hij dwong me om daar heel gematigd mee om te gaan, wat best leerzaam was. "
"We hadden al snel door dat hij heel goed wist wat hij wilde met onze muziek: experimenteren met ruimte en manieren om op te nemen. Hij gebruikte bijvoorbeeld bepaalde ruimtes die hij ’tanken" noemde — een olievat, de resonantiekast van een piano — waarlangs hij dan pakweg de klank van een accordeon opnam. Zo moesten we de eerste dag een gigantische ijzeren plaat binnensleuren waarop ze een goedkope piazzo-gitaarpickup zetten. Om te zien wat dat zou geven. Uiteindelijk is dat maar op een paar momenten gebruikt, maar soms gaf dat echt knap resultaat."

enola: Bargeld staat niet echt bekend als een gemakkelijke persoonlijkheid. Gaf dat geen aanleiding tot spanningen?
Boone: De eerste dag kwam hij al niet opdagen, dus maakten we ons al behoorlijk zorgen of we wel iets aan hem zouden hebben. Hij had immers ook nog geen feedback op de demo’s gestuurd in de aanloop naar de opnames, zoals we vooraf nochtans waren overeengekomen. Onze drummer, Doeffe en Ronny dachten al dat we er niet meer op moesten rekenen en we het met de studiotechnicus zouden moeten doen."
"De volgende dag was hij er echter wel, en meteen begon hij bevelen te geven. We moesten dit veranderen, dat anders doen,… Hij maakte onze nummers met de grond gelijk, gaf ons vier uur om met iets nieuws op de proppen te komen, en vertrok. Het was heel kort op de bal, maar daardoor bleef het ook fris. Daardoor heeft de plaat iets van een momentopname. Hij was heel tevreden dat ons dat lukte, trouwens. Veel groepen gooien op zo’n moment de handdoek in de ring. Vandaar dat hij weinig productiewerk doet."

enola: Waarom wilde hij met jullie wel samenwerken?
Ronny Deprins (accordeon/synths): "Ik zag hem in een bepaald filmfragment ooit zeggen dat het hem niet uitmaakt wat je doet, muziek maken, toneel spelen, maar als iemand komt kijken moet je een indruk nalaten. Het leven van de toeschouwer mag daarna nooit meer hetzelfde zijn. Hij heeft beslist op basis van een YouTube-fragment van een optreden in Eindhoven. En ik denk dat we daar op dat concert in geslaagd waren."

Boone: "Daarom wilde hij ook livefragmenten zien. Ik had hem onze vorige cd’s gestuurd, maar dat moest hij niet hebben. ’Die mag je opnieuw meenemen als je hier bent’, mailde hij terug. Nu, hij heeft die uiteindelijk niet afgegeven hoor. Het is een heel dominant figuur, niet echt iemand waarmee je een maand op een eiland wil zitten. Maar toen we met hem spraken, bleken onze visies op muziek toch wel wat raakvlakken te hebben. "

enola: Hoe zou je zijn invloed op het opnameproces beschrijven?
Boone: "Vergeleken met opnemen met een Belgische producer was het ongelofelijk. Hij kon onmiddellijk zeggen: ’dat zit daar goed, dat moet anders, doe dit zo’. En hij zocht ook nooit compromissen, wat bij andere producers wel vaak het geval is, ook al zeggen ze het niet. Hij heeft een visie, maar je moest wel tegen iets kunnen. Als dit onze eerste plaatopname was geweest, dan had dit niet gewerkt. Zoals hij kon zeggen dat wat je net gespeeld hebt, het slechtste is dat hij ooit al gehoord had…. Nu, dat is natuurlijk ook gewoon zijn vorm van humor. Nog zoiets: als je iets bij een derde take nog niet goed had, dan was het of geen goed idee, of je kon het gewoon niet. En dus moest het afgevoerd worden. Hij haalde het onderste uit de kan bij ons."
"Uiteindelijk zei hij op het einde van de opnames dat hij het heel fijn had gevonden. Ik zag hem nog net geen traan wegpinken. Dat was fijn. We hadden hem halverwege de letterlijk vertaalde uitdrukking "hut ab" geleerd, hoedje af, en op de laatste dag zei hij plots letterlijk ’hut ab für ihrerselbst’. Wij strijk van het lachen, wat hij dan weer niet begreep."
Deprins: "Hij weigerde ons ook met koptelefoons te laten werken. Dat was de voorwaarde: we zouden met monitors werken, zoveel mogelijk in een livesituatie. Hij zei dat hij zag dat we dat nodig hadden, om elkaar te zien. Zelfs de overdubs deden we met monitors, en mijn accordeon klonk nog nooit zo goed."

enola: Jullie hebben de plaat gebaseerd op een antiek scheepsjournaal. Hoe moet ik me dat voorstellen?
Boone: Dat was ook een tip van Blixa: zorg dat je bij elk nummer in je hoofd een verhaal hebt. Zeker omdat we instrumentale muziek maken, is het belangrijk dat we allemaal wel op dezelfde lijn zitten. Dan zit iedereen met hetzelfde gevoel in de muziek, en ga je ook qua arrangement beter op elkaar afgestemd zijn."
"Dat verhaal was voor ons niets meer dan een vertrekpunt waarop we konden bouwen. Uiteindelijk hebben we hem op het einde van een waterval laten storten. Dat is natuurlijk niet zo in het logboek. We denken er wel over na om dat verhaal in een samengevatte versie uit te delen op theaterconcerten. Mensen zijn dan veel sneller mee. Aan "The Farewell Song" hebben we onder leiding van Blixa ook zo hard gewerkt om die versnelling als de boot wegvaart juist te krijgen. En dan hebben we ook die beslissing genomen om daar een tekstflard door een spraakcomputer te jagen aan het einde. We wilden dat eerst vertalen naar het Duits of naar het Engels. Maar Blixa stond er op dat we dat in het Nederlands deden."

enola: De computerstem die dat fragment dagboek voorleest, heeft een heel vervreemdend effect. Vooral omdat je niet meteen door hebt dat het onnatuurlijk is. Het botst enorm met het organische karakter van de rest van de plaat.
Boone: "Daarom wilde hij dat natuurlijk: voor het schokeffect. Wij zagen dat eigenlijk niet zitten om een stuk van het verhaal zo snel uit te spelen. Maar Blixa legt zijn redenen altijd goed uit, hij was niet bang om te argumenteren. En toe te geven als hij mis was. Want hij zat vaak fout."

Deprins: "Maar hij kon ons wel overtuigen. Eén van de laatste dingen die we in de overdubs nog hebben gedaan is onder "The Storm" "Hoedje van papier" spelen. Onze drummer weigerde dat, maar Blixa stond er op. Uren zijn we daar mee bezig geweest. Maar ik begreep hem wel. In alle horror — Stephen King, David Lynch — worden kinderliedjes gebruikt bij wijze van schokeffect."
"Hebben we onszelf op internationaal vlak daarmee in de voet geschoten? Goeie vraag. Ik denk van wel."
Boone: "Bwah, Sigur Rós zingt ook in het IJslands. Alles hangt ervan af hoe exotisch men het vindt. Misschien mocht het meer vervormd, maar het was heel moeilijk om dan geen komisch effect te hebben."

enola: Mag ik dit als jullie eerste soundtrack beschouwen?
Boone: "Misschien wel. Het is zeker onze meest filmische plaat. Het wereldje van mensen dat filmsoundtracks schrijft en theatervoorstellingen begeleidt is heel erg klein. Daar raak je niet snel binnen. Met deze plaat hopen we even te tonen dat we dat ook kunnen. We willen gerust eens muziek maken voor een theatervoorstelling."
Deprins: "Dat je er af en toe wat Yann Tiersen in hoort, is zeker niet vreemd. We zijn vorig jaar door hem uitgenodigd om op het filmfestival van Montmartre te komen spelen, op een tribute voor zijn Amélie Poulain-soundtrack. Daardoor hebben we ons over zijn muziek moeten buigen, en daar is misschien wel iets van blijven hangen."
Boone: "We voelen zeker affiniteit met hem. Ook wij werken met heel veel invloeden, veel klassiek en folk. Als je niet met zang werkt, dan is het erg belangrijk om goeie melodieën te hebben. Dat proberen we altijd na te streven, en dat doet Tiersen ook. Hij kleedt ze anders in dan ons, maar zelfs in een metalversie zouden zijn nummers mooi blijven dankzij die melodieën."

enola: Op Soundmanifest, jullie vorige plaat, zaten jullie met hier en daar wat trance- en dance-invloeden nog op een heel ander spoor. Is dat een afgesloten verhaal?
Deprins: "Totaal niet. Het kan heel goed zijn dat we op onze volgende plaat opnieuw met elektronica aan de slag gaan. We zijn door een bassistenwissel, gewoon even terug naar de basis moeten gaan. We hebben Michael moeten inwerken, met hem leren spelen. Met Jasper (Hautekiet, speelt nu bij Milow, mvs) speelden we al acht jaar samen. Dat was helemaal anders."
Boone: "We hebben door die bassistenwissel op drie maanden een nieuwe plaat moeten schrijven, want die opnames lagen nu eenmaal al vast. Terugkrabbelen ging niet, dus moesten we er maar keihard voor gaan: heel veel repeteren, wat oude nummers spelen met Michael, en zo waren we minder geneigd om met elektronica af te komen. Je wil die jongen niet meteen helemaal overdonderen." (lacht)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 10 =