Jarvis Cocker :: 6 juni 2009, AB

Le nouveau Jarvis est arrivé. Dat kun je denken wanneer je zijn ringbaard en nieuwe groep op het podium ziet verschijnen. Maar de nieuwe Jarvis is nog steeds gewoon de Jarvis waar we allemaal van houden: een cynische wereldverbeteraar die de maatschappij maar kut vindt en daar intelligente glamrock over maakt.

Toen Jarvis het podium opkwam, kreeg hij van een dame op de eerste rij een roos toegestopt. Als volleerde toreador stak hij die tussen de tanden en draafde niet voor het laatst als een bezetene het podium op en neer. Het was ook het begin van een haat-liefdeverhouding met de mic-stand. Met een ontiegelijke vaart kwam opener “Pilchard” aangestormd. Het kleine visje van “Further Complications” klonk live even psychedelisch als wijlen Syd Barrett in een champignonkwekerij.

Drummen was het niet in de AB zaterdagavond. Zeker als je weet dat er maar een halve zaal voorzien was voor de heer Cocker, kun je je afvragen waar al die muziekkenners in ons landje gebleven waren. Jarvis liet het alvast niet aan zijn hart komen. Hij stoomde door, samen met “Angela”, dat live nog slonziger bleek dan op het album. Een aanstekelijk begin van een set die vooral uit de nieuwe plaat putte.

Jarvis schokt over het podium als de bastaardzoon van zijn naamgenoot, Joe, en Tony Clifton. Even herkennen we zelfs de Kylie – Can't get you out of my head – move. Pas wanneer “Slush” aan de beurt is, neemt Jarvis de gitaar ter hand. Je kunt de man net zo goed de armen amputeren. Niet dat zijn gitaarspel zo ondermaats is, maar al vlug mis je al die La Tourette-tics. Jarvis vertelt dat het achtergrondkoor voor “Slush” bestond uit mensen die hij van straat had geplukt. Hij had hen pizza beloofd en die beloofde hij ook aan het publiek. Als tegenprestatie dienen ze een noot aan te houden. Om het even welke noot. Het effect: het gezoem van een Tibetaanse zingende kom.

Het vormt een rustpunt dat de aanzet geeft tot een aantal ballads zoals “Leftovers” en “I never said I was deep.” Wanneer daarna iemand informeert waar de pizza blijft, legt Jarvis uit dat pizza de zaal alleen maar zou verdelen. De “Pepperoni's” zouden het volgens de meesterkok al snel aan de stok krijgen met de “Veggie Delights” en eens de “Chicken Hawaï's” zich zouden moeien zou de anarchie niet meer te stoppen zijn. Nu bleef de zal verenigd in honger. Misschien stuurt Obama maar beter Jarvis naar het Midden-Oosten. De blokfluit-intro van “Caucasian Bleus” is het toppunt van anti-rock en toont nog maar eens aan dat Jarvis zichzelf niet al te serieus neemt.

In het tweede deel van de show komen een aantal nummers uit de vorige plaat bovendrijven. De “Fat Children” zijn nog vetter geworden, “Big Julie” heeft een stevig paar ballen gekweekt en ook “Black Magic” blijkt bezewerender dan ooit, aangevuurd door een Danteske lichtshow. En tussen al die gitzwarte blokken cynisme zie je nergens de geest van Pulp ronddwalen. Niemand van de common people die er ook maar aan denkt om te vragen wat er van Deborah – it never suited ya – geworden was.

Aan de vooravond van de verkiezingen ware “Cunts are still running the world” een inkoppertje geweest. Niet zo voor Jarvis, die ook “Fuckingsong” op de bank liet. Gelukkig maar, anders moesten we van een perfect concert spreken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes + vijftien =