The Black Heart Rebellion :: Monologue

Vroeger was het simpel: je had punkrock en je had hardcore. Het ene klonk poppier dan het andere, maar in essentie hadden ze dezelfde stamvaders. En plots was er emocore, "uitgevonden" door Embrace en Rites Of Spring, maar vooral bekend geworden door hun opvolger Fugazi.

Tot ook dat genre uitgehold werd en nitwits als My Chemical Romance het genre definitief verbeurd verklaarden. Uit onvrede met die uitholling zochten een aantal bands (Thursday, Glassjaw, Thrice,…) andere horizonten op, zonder hun afkomst echter te ontkennen. De muziek bleef in hetzelfde stramien en dezelfde patronen geworteld, maar werd ook agressiever gespeeld en gezongen: screamo was geboren. Evenals zijn grote broers is het een genre van vele vaders en nog meer invullingen, waardoor de term nog holler klinkt dan de code Lippens binnen het huidige financiële debacle.

The Black Heart Rebellions debuut als screamo omschrijven, blijft met andere woorden een zwaktebod, hoezeer de term ook van toepassing is op de band. Ook de term postrock zou van toepassing kunnen zijn. Vooral bij het zwaar op Explosions In The Sky leunende "The Morphing Light" lijkt de blauwdruk van de Texanen nauwgezet gevolgd te zijn, inclusief de licht knetterende leadgitaar en stemsamples. Alleen de harder klinkende drums en groezelige backing gitaren verraden dat er meer aan de hand is.

Het snoeiharde "Leaving The Capital" gooit na de weifelende opener alle twijfels overboord en ontbolstert meteen tot het betere hardcore-meets-postrockwerk. De nukkige ritmes en pompende drums snijden zichzelf aan de messcherpe postrockgitaren terwijl Pieter Uyttenhove met grove korrel zijn teksten uitspuwt. Zijn schrille kreten roepen in eigen land vergelijkingen op met Amen Ra, maar hebben net zo goed bloedbanden met het Japanse Envy.

In tegenstelling tot de Japanners nemen deze Belgen echter geen gas terug. "The Machining" mag dan wel sfeervol starten, eens de teugels gevierd zijn barst een nieuw inferno los. Op vernielde muren staat de coda "Enclave" gekalkt naast Red Sparowes, de zoveelste naam die bij het horen van deze plaat vermeld mag worden. Originaliteit is zeker niet de hoofdbekommernis van The Black Heart Rebellion, maar nog voor de bedenking tot kritiek is kunnen rijpen, heeft "Amongst The Nomands" de gedachten al andere richtingen uitgejaagd.

Het is een postrocksong die ondanks alle aanwezige genre-elementen verfrissend klinkt, louter door zijn op een hardcoreleest geschoeide opbouw. Dat het nummer evenals "Erase. Redraw Our Map" zichzelf moeiteloos binnen het keurslijf van de band kan wurmen, is niet relevant. Waarom klagen over de voor de hand liggende pauze-explosie bij het laatste nummer? Een slag die verwacht wordt, komt net zo hard aan als een onverwachtse klap. Laat "The Darkest Of Men" dan ook geen zure oprispingen over aha-erlebnissen teweegbrengen, het is beschimmelde kritiek.

Monologue van The Black Heart Rebellion is geen mijlpaal in de geschiedenis, zelfs niet in de Vlaamse, maar het is wel een oprechte plaat. De intentie is er, de emotionaliteit en de geestdrift ook. Binnen een genre waar begrippen als oprechtheid, emotie en eerlijkheid meer van waarde zijn dan originaliteit of vernieuwingsdrang, zijn dat de parameters waarop een album afgerekend wordt. En in die optiek slaagt The Black Heart Rebellion met verve.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twaalf + vier =