Jim Noir :: Jim Noir

Voor vernieuwing moet je niet bij Jim Noir zijn. Al twee platen op rij plukt de Britse multi-instrumentalist de sixties kaal. Het resultaat is lang niet slecht, maar het gebrek aan originaliteit maakt dat de twijfels omtrent Jim Noir nooit helemaal verdwijnen.

In sommige Britse muziekbladen werd Jim Noir al vergeleken met Sgt Pepper. Beide zijn uiteraard ronde schijven in een plastic doosje, maar verder gaapt er toch een behoorlijke kloof tussen het meesterwerk van The Beatles en deze opvolger van Jim Noirs debuut The Power Of Love. Ja, ook deze plaat dweept met psychedelica en al wat daar bij komt kijken. En bij momenten levert dat muzikaal vuurwerk op. Maar het zou ons ten stelligste verbazen als deze plaat over enkele decennia deel uitmaakt van de canon van de populaire muziek.

Daarvoor klinkt Jim Noir net iets te vrijblijvend, al is dat natuurlijk, waar het sixties-psychedelica betreft, niet noodzakelijk een nadeel. Toch rijst de vraag of deze titelloze plaat écht iets te bieden heeft dat op voorganger Tower Of Love al niet gezegd is. Anderzijds: wie helemaal weg was van die plaat, zal nu evenmin ontgoocheld worden.

Hoor bijvoorbeeld hoe opener “Welcome Commander Jamson” de boel op gang trekt. Het nummer duurt amper een minuut, maar klinkt waanzinnig episch en geeft aan de luisteraar de illusie dat de kosmos open ligt. Hoeft het in zo’n geval te verbazen dat tijdens het beluisteren van Jim Noir geregeld aan The Flaming Lips gedacht wordt, nog eerder dan aan The Beatles? “All Right” heeft immers hetzelfde zweverig gelukzalig gevoel over zich dat zo prominent aanwezig was op Yoshimi Battles The Pink Robots. Ook “Don’t You Worry” lijkt zo uit het Lips-universum weggeplukt, zij het dat het voorzien is van een ritme dat net zo goed aan Franse chansons uit de jaren zestig doet denken.

Maar tegenover elk van die parels staan er ook mindere goden op de plaat. “Ships And Clouds” is te zweverig om aangenaam luistervoer te vormen en lijkt te mikken op die enkelingen die nog wel eens een tripje bij hun thee nemen. Ook “Good Old Vinyl” is een tenenkrullende track van jewelste. Niet in het minst omwille van de toch nét iets te kige titel, al stelt het nummer inhoudelijk ook amper iets voor. En zo kabbelt Jim Noir langzaam naar het afsluitende “Forever Endeaver”. Echt storen doet de plaat niet, toch niet op momenten dat je jezelf kan openzetten voor muziek zo licht als een veertje. Wee u en de naaste omgeving in andere omstandigheden. Wie niet in de juiste mood is, kan namelijk ongelooflijk kwaad worden na langdurige blootstelling aan de al te zweverige songs en het gedweep met lang vergeten elementen uit de populaire cultuur.

Een plaat puur voor de fans, zoveel is onderhand wel duidelijk. Hopelijk voor Jim Noir beseffen die fans niet dat alles wat hij op deze plaat doet niet alleen door hemzelf al eens gedaan is, maar eveneens door de groten der aarde, vier decennia geleden. Daarmee in 2008 in competitie gaan, is om problemen vragen. Het resultaat is weliswaar niet beschamend, maar het feit dat Sgt Pepper aan midprice in elke cd-winkel ligt, zet je wel aan het denken, zeker met de beperkte duur van een mensenleven in het achterhoofd.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − tien =