Guapo :: 18 september 2008, Botanique

Guapo heeft een gong op het podium. Wij herhalen: Guapo heeft een gong op het podium. Een gong, op het podium, …

Daar de groep onlangs met Elixirs zijn achtste, en uitstekende, plaat heeft uitgebracht, mag het niet verbazen dat de huidige tour rond dit album is opgebouwd. Toch is het te eenvoudig om te stellen dat hij louter de vier instrumentale nummers (“Twisted Stems – The Heliotrope” en “Twisted Stems – The Seliotrope” zijn met gastzangers) uit de plaat brengt. Want ook al komen alleen “Jeweled Turtle”, “Arthur, Elsie And Frances”, “The Planks” en “King Lindorm” in de set aan bod; ze krijgen wel degelijk een extra toefje venijn.

Met vier nummers en een naar zijn normen korte bis (tien minuten) speelt de groep net geen uur. Het mag een korte set lijken, maar wie louter instrumentale muziek brengt, speelt sowieso met vuur en de aandacht van het publiek. Zonder een frontman die de aandacht erbij kan houden, ligt het zwaartepunt bij de muziek zelf en dat is in het geval van Guapo geen sinecure. De uitgesponnen nummers (op plaat al meer dan tien minuten lang) leggen geen uitgestippeld parcours af, maar vormen op zichzelf al kleine doolhoven waarbij het aan de luisteraar is om hierin zijn weg te vinden. Wat op plaat al niet eenvoudig is, laat zich naar een podium vaak moeilijk vertalen.

Live wordt het cerebrale van de plaat ingeruild voor een levende dynamiek waarbij de songs in twee brokken van meer dan twintig minuten wordt geserveerd, en improvisaties en zijsprongetjes haast achteloos in het geheel geïncorporeerd zijn. Net als op de plaat wisselt de groep ook nu moeiteloos psychedelische freak-outs af met door krautrock-geïnspireerde tempowissels, rockende interludia en uitgesponnen drones. Guapo live is niet de afstandelijke denker die hij op plaat is, maar een grommend beest is hij evenmin. De tempowisselingen en stijlwijzigingen worden wel harder in de verf gezet waardoor de aan elkaar geregen songs een vitaliteit meekrijgen die op de plaat (bewust?) vermeden wordt.

De vier groepsleden, naast Dave Smith en Daniel O’Sullivan treden ook James Sedwards (bas) en Kavus Torabi (gitaar), zorgen bovendien (on)bewust voor een komisch element door zich, op de drummer na, te hullen in gelijkaardige strakke shirts voorzien van de nodige kleurrijke kralen. In het bijzonder tijdens de meer psychedelische stukken, lijkt het wel alsof de Witloofbar getransformeerd is tot een Londense undergroundclub medio jaren zestig. Smith en O’Sullivan houden zich nog het meeste op de achtergrond, terwijl Torabi opgaat in zijn gitaarspel en de meest vreemde smoelen trekt. The king of cool is echter Sedwards, die zich tot de getalenteerde bastaardzoon van Noel Gallagher en Syd Barret ontpopt en een set lang met een zekere arrogante afstandelijke blik het publiek aanstaart.

Een klein uur lang bepaalt Guapo de sfeer in een nauwelijks gevulde Witloofbar. Moeiteloos neemt hij het publiek mee op een weergaloze trip langs vertrouwde en vreemde landschappen zonder ook maar een ogenblik te talmen of achterom te kijken. De beheerste set krijgt in de bis bovendien een semi-geïmproviseerd staartje waarbij niet alleen het publiek maar ook de band zelf niet het einddoel kent. Guapo live is een belevenis, niet in het minst omdat de groep bewijst dat instrumentale muziek niet alleen langs de geijkte paden hoeft te wandelen om een publiek mee te krijgen. Bovendien gebruikt de band een gong op het podium. U leest het goed, een gong …

Guapo speelt op 3 oktober in de Vooruit samen met Kiss the anus of a black cat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × een =