The Strangers





Met Liv Tyler, Scott Speedman, Kip Weeks, Gemma Ward, Laura
Margolis e.a.

Een dikke tien jaar geleden blies Wes Craven de slasherfilm
nieuw leven in met het postmoderne giechel-en huiverfestijn
‘Scream’. Het succes was te wijten aan vele genredefiniërende
dingen – het metasnorretje van David Arquette, de guitige Johnny
Depp-smoel van Skeet Ulrich, de Tarantineske geekspasmen van Jamie
Kennedy, you name it – maar het zat hem toch vooral in die
retespannende openingsscène met Drew Barrymore als blonde
bliksemafleider en slachtvee van dienst. Een meesterlijke oefening
in spanningsopbouw, psychologische terreur en ironische knipogen.
‘The Strangers’, het debuut van Bryan Bertino, neemt die tien
minuten, rekt ze uit tot anderhalf uur en laat de clevere
kwinkslagen achterwege. Er wordt absoluut niks nieuws gedaan en
zowat alles wat gebeurt is overgenomen uit het grote slasherboek
voor dummies, maar verdorie, het werkt wel. Een ‘Funny Games’ zonder de
spiegelboodschap van Haneke, een ‘Halloween’ met nieuwe
maskertjes of een stiekeme Hollywoodremake van het Franse ‘Ils’.
Veel smoel en identiteit heeft het derivatieve ‘The Strangers’
niet, maar wanneer de kont meermaals omhoog wipt, de haartjes in de
nek onder hoogspanning knetteren en de handjes zachtjes aan elkaar
beginnen te plakken, kan het ook niet zo erg gesteld zijn met deze
genietbare slasher trash.

Kristen (Liv Tyler) en James (Scott Speedman) trekken na een
trouwfeest naar een afgelegen zomerhuis om de nacht door te
brengen. Hun relatie is na een onenigheid in een onverwachte coma
belandt en het ziet ernaar uit dat het een koude, kille
overnachting gaat worden. Alsof dat al niet genoeg was, krijgt het
fragiele koppel ook nog eens een bezoekje van een creepy
jongedame die op zoek is naar haar vriendin (een Tamara dan nog).
De weirdo meid is nog niet goed en wel weggestuurd of er beginnen
mysterieuze vreemdelingen op de deuren en vensters te bonken. Het
begin van een bloedstollende nachtmerrie of het werk van een paar
flauwe grappenmakers? Het eerste graag…

Met die doodeenvoudige premisse gaat debutant Bryan Bertino aan de
slag om een sensationeel voyeurfilmpje in elkaar te boksen waar de
sensatie verrassend genoeg wordt ingeruild voor sfeervol geritsel
tussen de bomen, akelig doodse stiltes die doorbroken worden door
een harde slag op het middenrif en in de schaduwen verdwijnende
monsters achter enge maskertjes. ‘The Strangers’ mag dan wel
nihilistisch (er hoeft niet gezocht te worden naar de motieven van
de daders), sadistisch en een tikkel latent exploitatief zijn, het
doet ook deugd om eens geen borrelende darmen, uitgelepelde ogen of
andere torture porn-lekkernijen op het netvlies te zien branden.
‘The Strangers’ is een minimalistische, ouderwetse slasher zoals
een vroege John Carpenter ze wellicht graag zou zien. Een tergend
trage opbouw, de spanning ten top laten stijgen en ten gepaste
tijde met de voeten en de zenuwen rammelen van de kijker met al dan
niet goedkope schrikeffecten. Tuurlijk hangt het vooral aan elkaar
met de grootste clichés van het genre – de plaat die blijft hangen,
de gsm’s die absoluut niet mogen werken, de psychopaat die plots in
beeld verschijnt met een geluidseffect waar de oren nog dagenlang
van fluiten – maar Bertino zet die clichés vakkundig en spaarzaam
naar zijn hand en dat levert voor een dik uur spannende cinema
op.

De reden waarom ‘The Strangers’ voor driekwart van zijn speelduur
meer dan behoorlijk werkt, is te danken aan Bertino’s respect voor
de regeltjes en zijn bekwaamheid om die regels strak en efficiënt
toe te passen. Structureel gezien valt ‘The Strangers’ netjes onder
te verdelen in drie grote blokken. Eerst worden de personages op
een ijzig kalme en bijna sadistisch serene wijze voorgesteld,
vervolgens laat Bertino de psychologische aanvallen (lang geleden
dat een eenvoudige klop op de deur zo scary was) en
spanningsuitbarstingen geleidelijk aan komen als een onheilspellend
briesje dat langzaamaan uitgroeit tot een helse storm en tenslotte
verliest hij – helaas – de controle in de finale akte, waarin het
allemaal net iets te generisch en goedkoop moet worden. Alsof
regisseur Bertino een uur lang met een elastiekje zit te spelen,
maar het uiteindelijk toch niet kan laten om even te hard te
trekken waardoor het rubbertje doorknapt. Jammer, maar ondertussen
heb je wel een uur lang met een iets verhoogde hartslag zitten
gluren tussen de vingers.

De sobere, antikinetische filmstijl van Bertino werpt ook zijn
vruchten af. Hij weet hoe hij moet spelen met licht en schaduw (de
scène waarin één van de daders geruisloos in een deuropening op de
achtergrond verschijnt is geweldig in beeld gezet), houdt alles
overzichtelijk in beeld en geeft – in tegenstelling tot zijn
protagonisten – nooit toe aan hysterie of chaos. Geef gestoef met
opvallende camerastandpunten en geen zwierige cameratuimelingen,
maar gewoon een rustige, bijna onzichtbare en stijlvolle
registratie van de ontwikkelingen die helemaal in functie staan van
de spanningsopbouw en de moody sfeerschepping. Het
resultaat: wanneer de camera samen met Kirsten en James door het
raam gluurt en een meisje met een masker zien staan in de verte,
dan is dat effectief eng. Ik moet het Eli Roth of de
worstendraaiers van ‘Saw’ nog eens zien
doen.

De fouten zitten natuurlijk niet ver onder de oppervlakte. Hoe meer
dialogen Liv Tyler en Scott Speedman – allebei meer dan ok in hun
beperkte rollen – in de mond krijgen, hoe minder spannend het
wordt, en hoe langer Bertino bij de horrorstruikelblokken blijft
hangen (die verdomde gsm’s toch), hoe zwakker ‘The Strangers’ komt
te staan. En waarom moet Liv Tyler halverwege een lelijke val
maken? Omdat een mankend opgejaagd vrouwmens een veel kwetsbaardere
prooi is dan een frisse dame die zonder problemen kan weglopen van
het onheil natuurlijk. Het blijven tere punten, die altijd in de
buurt blijven, maar zolang Bertino en zijn trio psychopaten het mes
op de keel houden, blijft er weinig tijd over om stil te staan bij
de breekbaarheid van de genreconventies. Trouwens, een B-thriller
die Joanna Newsom op de soundtrack zet, scoort sowieso een paar
extra bonuspunten.

‘The Strangers’ duwt op alle knopjes die al eindeloos werden
ingeduwd in andere slasherfilms, maar het blijven wel de juiste
knopjes. Nog niet zo angstaanjagend – daar is ‘m! – als een reünie
van de Strangers in brasserie ‘t Pakhuis, maar als vrijblijvende en
pretentieloze genreoefening is ‘The Strangers’ zeker niet de
slechtste in zijn vaak verguisde soort. Doe er nog een half kopje
bij als je ‘m helemaal alleen bekijkt in een groot, afgelegen
zomerhuis.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

20 + 8 =