The Strange Death Of Liberal England :: 3 november 2007, Botanique

Ergens tussen de post-apocalyptische ruïnes waar ook A Silver Mt. Zion zijn donkere, gebroken post-folksongs brengt, zwerven tegenwoordig ook de Britten van The Strange Death Of Liberal England rond. Met een energie die de manier benadert waarop Arcade Fire de scène in 2004 bestormde, stelde het vijftal zaterdagavond in de Rotonde van de Botanique het minidebuut Forward March! voor.

Het gebeurt niet vaak dat een Engels bandje van bij het begin zo origineel uit de hoek komt. Liever dan nog maar eens de erfenis van The Libertines (en dus The Kinks) of Britpop te herkauwen, besloot de groep instrumentale rock te maken naar het voorbeeld van Godspeed You! Black Emperor. Dat hielden ze niet lang vol, want al snel begon frontman Adam Woolway dan toch te zingen. Met Forward March verscheen net voor de zomer een mooie collectie songs waarop de groep meteen met een erg eigen identiteit naar buiten komt.

The Strange Death combineert jengelende folk met de energie van punk en de neus voor muzikale landschappen van Godspeed-spinoff A Silver Mount Zion. Tel daar de tomeloze energie van een roedel jonge honden bij en je krijgt een behoorlijk overrompelende cocktail die het zich niet aan het hart liet komen dat de kleine rotonde van de Botanique nog niet half gevuld was.

Dat de groep nog honger heeft, blijkt uit het grote aandeel nieuw werk. Zo wordt ook afgetrapt: met een furieus nummer dat zo plaatklaar lijkt te zijn. Er zullen er nog volgen, en soms erg beloftevolle. Op het slechts drie kwartier durende concert, passeren maar liefst vier nieuwe songs de revue.

"Just a modern folk song" kondigt een opgestoken pancarte aan — de groep communiceert enkel zo met het publiek — in een knipoog naar Belle & Sebastian. "Oh Solitude" erna is folkrock die opgepompt wordt met militaire roffels. Bij de begrafenismars "Goddamn Broke And Broken Hearted" dreunen omineuze toetsen en hameren de drums des doods: het is deze groep bittere ernst, op het podium wordt niet gelachen.

Geen enkel bandlid is gebonden aan zijn instrument en dus wordt er van bas naar toetsen naar drums geschoven en weer terug. Eén constante: de muzikanten vallen hun instrument aan met een niets ontziende overgave. In "A Day Another Day" wordt met energie gemorst en het door alle muzikanten geschreeuwde refrein van "We are Bandini" is ronduit overweldigend. Opvallend is ook het ongelofelijke zelfvertrouwen waarmee Woolway zingt. Had hij ooit problemen met zijn wat aparte, schelle stem, dan zijn die twijfels tegenwoordig duidelijk opgeborgen. Terecht, overigens: zijn off-mic schreeuwzang draagt veel bij aan de kracht van deze groep.

Nog maar eens een nieuw nummer toont aan dat het echt wel snor zit met het materiaal voor de nog op te nemen eerste langspeler: de groep lijkt zijn zin voor melodie nog meer ontwikkeld te hebben, en dat is zeker een goeie zaak. Gaan doet de groep in stijl met een tot op een doorhamerende beat afgebroken "I Saw Evil". Zij wel. Wij zagen een belofte. U had er bij moeten zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twaalf + vijftien =