CLUBSIDE DOWN :: Arbouretum :: ‘’Een nummer is nooit af’’

’Meeslepend’ en ’majestueus’ zijn maar twee woorden om Arbouretums doorbraak-album te omschrijven. De mix van (Britse) folk en stoner/doom op Rites Of Uncovering koppelt uitgesponnen gitaarpartijen aan ingetogen gezang. En de man die daarvoor verantwoordelijk is, leidde vroeger een doodeenvoudig bestaan in de marge als sessiemuzikant.

David Heumann, tot voor de release van de tweede plaat hét gezicht achter Arbouretum, kluste in het verleden bij als gitarist voor Bonnie ’Prince’ Billy en Cass McCombs. Een eerste vraag die rijst, is hoe hij bij beide heren terecht gekomen is. Het antwoord ligt echter zo voor de hand dat het haast ridicuul is. Nadat Will Oldham verhuisd was naar Baltimore ging hij op zoek naar nieuwe muzikanten, waarna gemeenschappelijke kennissen hen met elkaar in contact brachten. Heumann bood zijn diensten aan, en van het een kwam het ander. "Ik geloof graag dat ik aangenomen ben omdat ik een redelijk goede muzikant ben, al zal het feit dat ik op dat moment beschikbaar was er ook wel voor iets tussen zitten."

Sinds 2002 speelt Heumann ook mee in Anomoanon, de groep rond Ned Oldham. Maar hoewel Heumanns zang op sommige nummers duidelijk leentjebuur speelt bij Will Oldham, wil hij niet gezegd hebben dat hij alles louter van hem geleerd heeft. "Op de een of andere manier heb ik van iedere muzikant waarmee ik samengespeeld heb wel iets geleerd. Ik kan je dus niet vertellen wat ik van deze of gene overgenomen heb. Iemand kan je bijvoorbeeld leren hoe je in een andere toonaard zingt of een ander ritme in je stem legt, maar evengoed zijn er ontelbaar andere en vaak veel subtielere dingen die je oppikt door met elkaar te praten of te spelen. Je deelt een bepaalde ervaring, daarna wordt het iets van jou dat je dan opnieuw met anderen deelt, enzovoort."

Op het debuut Long Live The Well-Doer was Arbouretum nog een eenmansproject. Nu is er sprake van een hele band, en dat is volgens Heumann duidelijk te horen: "Rites Of Uncovering klinkt als een groep die samen in een kamer speelt. Technisch is het natuurlijk niet zo; op verschillende nummers spelen andere mensen mee, maar het idee van een band is wel gebleven. De nummers ontstonden vanuit de groep." Heumann bracht weliswaar vaak ideeën voor songs aan, maar die werden naderhand verder uitgewerkt. "Iedereen droeg ideeën bij tijdens repetities."

Toch is dat verschil in aanpak niet de reden waarom er geen nummers uit het debuut gespeeld werden. "Tijdens onze laatste tour hebben we niet veel nummers van de vorige tour gespeeld, dat is waar. We hebben een twaalftal, vaak korte sets gespeeld. Het leek ons verstandig om ons te concentreren op het meest recente materiaal, dat wat voor ons nog het nieuwste aanvoelde. In de toekomst zie ik ons wel enkele nummers spelen uit het debuut. Daarnaast hebben we ook al wat nieuwe nummers die we live uitproberen."

Maar zo recent zijn die nummers van de plaat nu ook weer niet. De opnames namen zelfs enkele jaren in beslag. "Twee jaar om precies te zijn. Zoals ik al zei, werkten er verschillende mensen mee aan de plaat en hadden die relatief frequente shifts in de line-up gevolgen voor de opnames. Het is ook niet zo eenvoudig om de juiste mensen te vinden. Daarnaast veranderden we ook geregeld van mening over hoe de plaat moest klinken en worden. We hebben onze tijd willen nemen om te bepalen welke richting de band zelf moest uitgaan en welke songs er op de plaat thuishoorden en in welke volgorde. Ook het budget speelde een rol."

Wie echter met de twee platen achter de kiezen gelooft alle nummers te kennen, is eraan voor de moeite. Zo durft de groep live geregeld zijn tanden te zetten in Music Hall-klassieker "Under The Arches": "We namen het op voor een compilatie-album waarbij elke groep het nummer op zijn manier interpreteerde, en eigenlijk vinden we het wel fijn om het live te spelen." Maar ook de eigen nummers worden niet per se gespeeld zoals ze op plaat staan. "Het is niet omdat je een song opgenomen hebt, dat het schrijfproces ophoudt. Er komen nog steeds nieuwe stukken bij, net zo goed als er stukken verdwijnen. Soms veranderen we wel eens van instrumenten of wijzigen we een melodielijn. Maar belangrijker nog zijn de ingevingen tijdens de liveshows wanneer er zich iets onverwachts manifesteert. Wie zijn wij om dat dan tegen te gaan of te bedwingen?"

Verschillende recensenten nemen de term doom folk in de mond wanneer Arbouretum besproken wordt. Een van de redenen daarvoor is ongetwijfeld dat de groep graag en geregeld lange gitaarsolo’s speelt. Daar is volgens Heumann een eenvoudige verklaring voor: "Oh, but it’s such great fun to get up there and blast away on those things!"Bij de term doom folk heeft hij duidelijk meer gemengde gevoelens. Folk is dan ook een term die de voorbije decennia andere betekenissen heeft gekregen. In de beginjaren had je muzikanten als Roscoe Holcomb, een gewone man die muziek speelde voor andere mensen. Later kreeg het begrip een nieuwe invulling met Bob Dylan en Joan Baez, waarna ook muziek gespeeld met elektrische gitaren opeens onder de noemer folk kon vallen, "er zijn ergere vergelijkingen denkbaar."

Met folk heeft Heumann nochtans een hang naar traditie en verhalen gemeen. Maar zijn teksten ontstaan niet onafhankelijk van de nummers. Veeleer worden ze geschreven in functie van de muziek en zijn ze eerder intuïtief ontstaan. Dat er in een aantal nummers sprake is van een verhaal ontkent hij niet, maar evengoed kan een tekst verwijzen naar "een gevoel of een idee dat ik heb en dat heel moeilijk uit te drukken is, tenzij ik het in een song doe."

En voor wie zich ten slotte afvraagt of "Arbouretum" niet een u te veel heeft, heeft Heumann ook een uitleg klaar: "We hebben die u toegevoegd omdat we ze mooi vinden. Maar sta eens stil bij de naam arboretum (een grote verzameling bomen in een park of tuin). Hoe kan je ook maar iets inbrengen tegen de the beauty and grandeur of such a stately domain?" Vreemd genoeg heeft hij volkomen gelijk. Een andere naam zou niet passen bij de nu eens ingehouden pastorale en dan weer wild meanderende nummers met een doom en folk-inslag, al mogen we het zo eigenlijk niet noemen.

Arbouretum speelt op 28 oktober in De Kreun in Kortrijk in het kader van Clubside Down en op 9 november in de Botanique.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 5 =