Bexar Bexar :: Tropism

Tien jaar geleden nam de wereld afscheid van Jacques-Yves Cousteau. De Franse bioloog en voormalige marineofficier hield het midden tussen wijlen crocodile hunter Steve Irwin en Sir David stiff upper lip Attenborough. Generaties groeiden op met de documentaires van deze ontdekkingsreiziger in de onderwaterwereld.

Cousteau figureerde uiteraard prominent in zijn eigen werk, maar wist vooral de liefde voor de wereld van de oceanen tastbaar te maken. De wetenschapper doorkliefde met zijn schip Calypso de oceanen en bracht met zijn documentaire films een aardige inkijk in het leven op een schuimer, zij het dan door een zomerse bril.

Als geen ander weet de Texaan Bexar Bexar die sfeer te vatten. De hoes alleen al verraadt een duidelijke voorliefde voor vergane, hete zomers waarbij het goed toeven is op het scheepsdek, Op muzikaal gebied wordt duidelijk geopteerd voor een zachte en lome sound die naadloos aansluit bij het algemene gevoel van tijdloosheid dat Bexar Bexar op zijn tweede album aanbiedt.

Net als in de documentaires van Cousteau speelt alles op deze plaat zich onder de oppervlakte af. De luisteraar voelt dan ook aan dat de kalmerende klankenstroom elk moment verstoord kan worden, maar de dreiging blijft uit. Op Tropism is het voorlopig allemaal peis en vree en dreigt alleen de eigen onrust de vrede te verstoren.

De onderlaag van indietronica die doorheen het album stroomt, wordt slechts aangevuld met een akoestische gitaar die de nummers een plaat lang laat knikkebollen. Strikt genomen heeft Tropism niet zoveel om het lijf: de gitaarmelodieën klinken verrassend eenvoudig en ook de elektronica kabbelt een eindje weg, maar het samenspel is wel zonder meer indrukwekkend te noemen. En daar ligt duidelijk de kracht van Bexar Bexar.

De schijnbare nonchalance van het album verbergt namelijk een doordachtheid en een talent om de juiste sferen aan te voelen, en dat is weinigen gegeven. Op geen enkel moment wordt de gitaar of de toegevoegde electro de dominante partner. Veeleer vullen ze elkaar voortdurend aan en heffen ze elkaar naar een nieuw en hoger niveau, waardoor zelfs een term als indietronica eigenlijk tekortschiet.

Toch is Tropism geen eenvoudige easy-listeningplaat geworden die op de achtergrond mag wegdeemsteren: daar zijn de uitgepuurde nummers te veeleisend voor. Bexar Bexar weet duidelijk wat hij wil en laat zijn luisteraar niet zomaar los. Hoogstens zal hij toestaan dat die langzaam wegzinkt in de armen van Morpheus, daarheen gedreven door het gevoel van rust dat Tropism verschaft.

Maar het album kreunt ook iets te hard onder zijn eigen eenduidigheid; de rimpelingen blijven uit en de nummers durven in elkaar over te vloeien zonder duidelijkheid te scheppen. Het is een kleine olievlek op een verder vlekkeloze zee, een restant menselijk afval binnen de fauna en flora van een koraalrif… Maar wie let daarop als er zoveel moois te zien valt? Bexar Bexar wil met Tropism een moment van rust schenken. Nu het weer het steeds meer toelaat, wordt dat moment, bij gebrek aan een eigen schuit, bij voorkeur ’s avonds op het eigen terras geconsumeerd.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien + zestien =