The Low Lows

Music in Mind, Concertgebouw Brugge, vrijdag 23 februari
2007

lowlows.jpgVrijdagavond zou er in de Lighthouse heel wat
gitaargeweld te horen zijn, en de kersverse band van Parker Noon
mocht ceremonieel de deur intrappen. Wie Noon al langer meent de
kennen, die heeft het uiteraard bij het rechte eind: hij maakte
lange tijd deel uit van het dreampopproject Parker and Lily, samen
met zijn voormalige bedpartner, Lily Wolfe. In 2005 liep het helaas
aardig mis; de relatie liep op de klippen en de band volgde niet
lang daarna. Maar uit de rookwolk die na Parker and Lily overbleef,
kwamen drie van de vier oorspronkelijke bandleden gestrompeld. Het
zijn ook deze drie, met Parker Noon aan het roer, die The
Low Lows
vormen.

Wat we uiteindelijk moesten verwachten, was niet echt duidelijk.
Debutplaat ‘Fire on the Bright Sky’ heeft onopgemerkt ons luchtruim
doorkruist. Daarenboven is er al een nieuwe Low Lows-plaat op til,
dus we konden ons aan heel wat nieuwe nummers verwachten. Gooi daar
gerust de discografie van Parker and Lily bij en je hebt een aardig
aantal nummers waaruit Noon en de zijnen konden kiezen. U raadt het
al; er werd uit alle bronnen geput, en ook het oude materiaal kreeg
een aardig plaatsje in de setlist.

Hetgeen vooral opvalt bij The Low Lows is natuurlijk Parker Noon
zelf, en dan vooral diens stem. Zet de man voor een microfoon, pas
de juiste effecten toe en je krijgt een wauwelende klaagzang die
weinigen uit hun keelholte krijgen. Deze stem is zeker geen
weergaloze troef; het is vooral in een livesetting een geluid dat
vaak stoort, en het duurde toch even voor wij deze unieke aanval op
onze trommelvliezen geassimileerd hadden. Verder was het niet
altijd even eenvoudig de teksten van het ruwe lawaai te scheiden.
De songstructuren die The Low Lows tot ons brachten, hadden vaak te
maken met de alomtegenwoordige zacht-hard-combinatie. Hierbij werd
het eerder ‘zachte’ gedeelte gevuld met Parker Noons stem en een
gitaarbegeleiding die stonk naar de reverb. Daarna was het
de beurt aan de rest van de band, met Noon die nog steeds het beste
van zichzelf gaf. Het waren ook deze momenten waar de vocals net zo
goed te herleiden waren tot het uitstoten van enkele klinkers, want
de combinatie van vuile, lawaaierige gitaren en de toegepaste
effecten maakten Noon zo goed als onverstaanbaar.

Gelukkig slaagden Jeremy Wheatley (drums) en Daniel Rickard
(keyboards) erin hun rol met glans te vervullen. Wheatley legde een
bijna foutloos parcours af, zonder daarbij de show te willen
stelen. Hij kon de mengeling van genres die The Low Lows aan de man
brengen goed vertolken, of het nu om countryrock of psychedelische
dreampop ging. Maar het was toch Daniel Rickard die, ondanks zijn
beperkte (hoorbare) aanwezigheid, het meest tot de verbeelding
sprak. De oude synthgeluiden gaven een echte meerwaarde aan de
nummers. Jammer genoeg werden deze keyboards niet prominent
gebruikt, al zorgden ze steeds weer een prachtige verademing.

Na een sterk slot, waarin ook het prachtige ‘Hello Halo’ te horen
was, bleven we toch wat verwonderd achter. Deze kerels uit de
vruchtbare muziekbodem van Athens, Georgia hadden heel wat noten op
hun zang, waarbij de enige constante een donker, rommelig geluid
was. Een echt hoogtepunt kon je dit zeker niet noemen, maar de
goedgevulde lantaarntoren kreeg wel heel wat kwaliteit en ervaring
voor de kiezen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + 12 =