The Delgados :: The Complete BBC Peel Sessions

We vergeven het ons nooit dat we The Complete BBC Peel Sessions, afscheidsplaat van de The Delgados, een half jaar hadden genegeerd. Konden de schilderijen van Monet, de gedichten van Rimbaud en de toneelstukken van Shakespeare muziek maken, dan zou het resultaat als deze plaat klinken.

The Delgados is de missing link tussen noisecombo’s als My Bloody Valentine en Mogwai, en groepen als Tindersticks en The Walkabouts. Bij hun debuut in 1996 zei de legendarische John Peel dat “The Delgados het beste is wat de UK in tien jaar is overkomen.” Driemaal nodigde hij de Schotten uit in zijn studio, wat resulteerde in deze dubbellaar. Helaas zijn de sessies volledig door elkaar op de cd’s gekwakt waardoor je met een microscoop naar de enorme evolutie van de band moet zoeken: de chaos uit de beginjaren en de slaapliedjes staan compleet dooreen.

Cd een knalt open met het snoeiharde “Lazarwalker” – Mogwai op het scherpst van de snede. Het breed uitwaaierende “Blackpool” barst open als een rottende zweer. “Blackwell” en “I’ve Only Just Started To Breathe” evenaren dan weer het ergste van L7, “Primary Alternative” doet onfris aan. Een ontstemde gitaar haalt niet altijd de klasse van Sonic Youth. “Under Canvas Under Wraps” en “Teen Elf” – klinkt als The Cramps — flitsten ons terug naar 1987, waar hardcorebands als D.R.I. van ‘melodieus’ een scheldwoord maakten. De stinkers op deze dubbellaar zijn als naalden in een hooiberg, maar ze staan ongunstig aan het begin.

Op de tweede helft van cd een kleurt de groep netjes binnen de lijntjes van songs die verdrinken in violen of volledig zijn opgetrokken uit prikkeldraad. “4th Channel” klinkt als een verloren song van The Pixies en “Sucrose” is een tour de force. Wordt u ooit afgevoerd met een ambulance, vraag dan de chauffeur dit nummer loeihard door de speakers te jagen. Wedden dat hij overal direct voorrang krijgt?

Let ook op het uitmuntende flangereffect in “The Weaker Argument Defeats The Stronger”, waarin de noise meer fluctueert dan de carrière van Wendy Van Wanten. De groep heeft wel vaker een patent op granieten meezingers. “Mauron Chanson” klinkt als het ultieme padvinderlied. “The Arcane Model” heeft ook zo’n subliem melodietje: prachtige zang van frontman Alun Woodward, en een mooie dwarsfluit. Pure klasse!

Ook bassist Stewart Henderson imponeert: in het Eels-achtige “Everything Goes Around The Water” — met mooie tegenzang van ritmegitariste Emma Pollock — beroert hij de bas inventief als New Orders Peter Hook. Ook in het in machtige crescendo’s van violen aanzwellende “Don’t Stop” en “Pull The Wires From The Wall” knipoogt de band duidelijk naar Tindersticks en The Walkabouts. Woodward zingt “Don’t Stop” breekbaar als porselein; Pollock bewijst in “Pull The Wires…” dat haar stem op een niveau ter hoogte van de stratosfeer vertoeft.

Op cd twee evenaren de sympathieke Schotten bij momenten het niveau van cd een. Er zit zelfs logica in: meer ballads, minder noise, nog meer violen. “No Danger” is de Perfecte Popsong, een walsachtig nummer zo fris als dauwdruppels, met de onschuld van een pasgeboren baby.

Er komt geen einde aan het moois. Het prachtige “Make Your Move” doet denken aan Tori Amos en This Mortal Coil. Het bloedmooie “Mr. Blue Sky” is een cover van godbetert ELO. Pas bij de zesde beluistering van “California Uber Alles” daagde het dat het wel degelijk een nummer van Dead Kennedy’s is en niet slechts een gestolen titel. “Accused Of Stealing”, weer met hemelse zang van Pollock, kent meer tempowisselingen dan Radioheads “Paranoid Android” en eindigt in een battle tussen gitaar en strijkers.

De madeliefjes van songs blijven als manna uit de hemel vallen met in “Aye Today” de communicantenzang van Pollock en Woodward, en speldenprikjes van een dwarsfluit: een song met een refrein zo solide als de fundamenten van de Eiffeltoren. Door het vrolijke “Matthew And Son” zou zelfs een terminaal depressieve weer kunnen lachen.

Zo kunnen we nog een tijdje doorgaan: van simpele ambient in “Last Rose Of Summer”, de rake pianoriedel in “Parcel Of Rogues” tot het als volksliedje vermomde “Ballad Of Accounting” en de perfecte akoestische gitaar in hekkensluiter “Everybody Come Down”. Deze Peel Sessions zijn een waardig testament van een groep die pure schoonheid in schijfjes leverde. “A thing of beauty is a joy forever” zei John Keats ooit. Inderdaad.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 3 =