The Frames :: The Cost

Of The Frames nog een introductie behoeft? Geen flauw idee. Als je een Ier bent, dan kan je waarschijnlijk alle songs van deze band van voor naar achter en omgekeerd meelippen. Buiten de wijde omgeving van Dublin weet dit prototype van vaderlandse trots echter niet veel potten te breken. En daar zal met deze plaat bitter weinig verandering in komen.

Niet dat het ook maar iets uitmaakt. Het gebrek aan wereldwijde erkenning heeft de afgelopen zestien jaar immers bezwaarlijk contraproductief gewerkt. In gestaag tempo werden nieuwe platen afgeleverd, de ene al wat beter dan de andere. Zo was er vorig jaar Burn The Maps. Hoewel dat album niet bepaald een artistiek hoogtepunt was, wisten frontman Glen Hansard en co op inventieve wijze het betere gitaargeweld te combineren met een incidentele uitspatting op elektrische viool. Nergens werd echter nog het niveau van Steve Albini-vehikel For The Birds gehaald, een single als "Fake" even buiten beschouwing gelaten.

Naast dat laatste album is er nog steeds "Set List", een live-verzamelaar. En god, wat is die cd goed. Dat is geen toeval: wie ooit al eens een concert van deze band meemaakte, weet dat deze mannen keer op keer de pannen van het dak spelen. Het is dan ook verdomd jammer dat het voor hen zo moeilijk blijkt te zijn om dat unieke geluid te vertalen naar een studio-album dat boven het predikaat "degelijk" uitstijgt. Maar al te vaak bevatten de platen een overdaad aan melodrama, en breed uitwaaierende arrangementen gaan vervelen, wat Elbow ook moge beweren. Dat besef is nu eindelijk ook doorgedrongen tot Hansard. Voor de opnames van dit nieuwe album sommeerde hij zijn troepen om alles live in te blikken. Of om het met zijn woorden te zeggen: "if anyone fucked up, we started again". Maar goed ook, want de band klinkt opeens een stuk organischer dan op voorgaande platen. Dat enkele songs niet meer dan veredelde recyclage zijn, mag niet hinderen.

Begin dit jaar dook Hansard al met de klassiek geschoolde Tsjechische vocaliste en pianiste Markéta Irglov´ de studio in om The Swell Season op te nemen. Een erg eerlijk album met enkele mooie ballads, volgens de internationale pers. Als Hansard die lijn wil doortrekken, dan zou hij wel eens kunnen slagen in zijn opzet The Frames eindelijk eens als The Frames te laten klinken. Waar "Falling Slowly" op de duetplaat nog erg sober oogt, wordt de Frames-versie heel wat breder aangezet. Zelfs al wapperen de gitaren verder uit dan ooit tevoren, dit blijft een prachtnummer. Ook "People Get Ready" — nog zo’n afleggertje — bedient zich van dat naakte stemgeluid van Hansard en is een uitstekend nummer.

Het compenseert meteen met opener "Song For Someone". Dat is immers geen hoogvlieger. Al na enkele seconden is er de vrees dat dit album weer een voortkabbelaar wordt die, zwellend in het pathos, zich opwerkt tot een hoogtepunt in de vorm van een enkel stel gitaarmuren. Nee, gelukkig komt het zover niet. De klasse van deze band komt bovendrijven op een track "Rise": wat een juiste dosering van strijkinstrumenten allerhande al niet vermag. Als deze track als hoogtepunt mag aangemerkt worden, dan mag "Sad Songs" ook nog even vermeld worden als de absolute afknapper. Met een slagzin als ’too many sad words make a sad sad song" getuig je niet van groot vakmanschap, en dat is feitelijk geen beschuldiging Hansard waardig.

Gelukkig ademt de rest van het album nog voldoende kwaliteit uit om er een herfstige avond mee te vullen. De vier heren van The Frames zijn bijzonder bedreven in het trucje met opgefokte pathos, iets wat in de praktijk niet altijd uitstekende songs oplevert. En toch vormt dit geen bezwaar om de groep fantastisch te vinden. Hoewel hun cd’s niet altijd grossieren in kwaliteit, zijn de optredens een ware belevenis. Gaat dat zien, en geef "The Cost" ook maar eens een kans.

The Frames spelen op 22 november in de AB.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × vier =