Diamanda Galàs

Zaterdag werd met OdeGand de aftrap gegeven van het Festival van
Vlaanderen te Gent: een hele dag lang baadde de stad in klassieke
en wereldmuziek en werd van verschillende voorstellingen al een tip
van de spreekwoordelijke sluier opgelicht. Om in stijl te eindigen,
sloot de Grieks-Amerikaanse stemkunstenares Diamanda Galàs de dag
af op een drijvend podium tussen Gras- en Korenlei. Galàs heeft er
ondertussen al een carrière van bijna dertig jaar opzitten.
Doorheen deze periode wisten haar ondertussen legendarische
performances heel wat oproer te veroorzaken: zo becommentarieerde
ze in haar ‘Plague Mass’ besmeurd met bloed de AIDS-polemiek en
liet ze voor ‘Schrei X’ enkel ijzingwekkende kreten op haar publiek
los ter illustratie van een staat van dementie. Ondertussen zijn
haar live-exploten minder choquerend geworden, maar daarom niet
minder beklijvend. Enkele jaren geleden tourde ze zo de wereld rond
met ‘Defixiones’, een aanklacht rond de Griekse, Armeense en
Assyrische genocide. Voor OdeGand werd geopteerd voor een meer
toegankelijk programma aangezien het gratis concert vooral de massa
wou laten kennismaken met de muziekwereld buiten Q-Music. Galàs
opteerde voor een repertoire dat voornamelijk uit blues en chanson
bestond, maar voor het grote publiek is deze stap nog groot genoeg.
Als geen ander zet ze de klassiekers namelijk naar haar hand met
een stem die door mes en been gaat en een atypische
pianobegeleiding waarbij ze het instrument lijkt te tergen om de
noten uit te blazen. Op een podium drijft Diamanda Galàs haar
demonen uit, maar dan wel op een huiveringwekkend mooie
manier.

Zonder een woord te uiten of het publiek een blik te gunnen
betreedde la Galàs het podium. Doorheen het hele optreden zou ze
geen poging ondernemen om contact te leggen met haar publiek en
hield ze haar hevig gemaquilleerde ogen strak op de piano gericht.
Als geen ander beseft ze dat haar muziek het communicatiemiddel bij
uitstek is en als toeschouwer voel je dit zelf ook aan. Een uur
lang zinderde elke aanslag op het klavier na langsheen de
ruggengraat en meermaals zorgden de schrille noten ervoor dat het
armhaar in opstand komt. Als eerste kennismaking werd ‘My World is
Empty Without You’ op Gent losgelaten. Diana Ross en haar Supremes
brachten deze break-up-song destijds in een snelle, speelse versie
waardoor het leed slechts momentaan leek en muzikaal al een blijk
van heropleving gegeven werd. Met deze hoop maakt Galàs meteen
komaf: ze weet de duistere kern van het nummer te ontginnen en zet
net de tristesse in het licht: ze zingt de lyrics als een vrouw
getekend door de liefde die gedwongen wordt om haar leven alleen
verder te zetten. Hoewel de klankkwaliteit niet optimaal was (de
hele set werd geplaagd door feedback en geruis), zorgde deze aftrap
toch al meteen voor kippenvel. De littekens der liefde worden
doorheen de avond meermaals blootgelegd. In een prachtversie van
‘You don’t Know what Love is’ (onder meer door Billie Holiday
gebracht) bezong Galàs hoe ze doorheen het falen van vorige
relaties de liefde pas echt leerde kennen en in de briljante
Piaf-cover ‘Padam Padam Padam’ hoorden we het verhaal van een vrouw
wiens relationele verleden haar bijna tot waanzin drijft.

Gebroken relaties en obsessionele liefde overheersten de set. Zelfs
uit haar ‘Defixiones’-album putte Diamanda ‘Hastayim Yasiyorum’,
een klaagzang over het gemis van een geliefde in onzekere
afwachting van haar terugkomst. Thematisch paste het nummer dus
perfect bij de rest van het materiaal, maar op muzikaal vlak was
dit het buitenbeentje van de avond. De vier lijnen tekst werden
breed uitgesmeerd over de dreunende instrumentatie. Bij deze
slepende noten toonde Galàs haar hele vocale bereik; bij de adepten
zorgde dit gesis en gehuil voor een zoveelste hoogtepunt op rij,
voor vele onwetende bezoekers was dit echter de druppel die de
emmer deed overlopen. Doorheen de set haakten vele bezoekers af,
maar het waren zij die ongelijk hadden. Als eerste bisnummer had
Galàs namelijk nog een pareltje achter de hand gehouden: ‘Suplica a
mi Madre’, een lofzang aan de moederfiguur (voor de Grieken nog
altijd een levende godin) met woorden van Pasolini op een melodie
die van Chopin’s hand afkomstig had kunnen zijn. Na een onaflatend
applaus keerde Diamanda met ‘Dancing in the Dark’ nogmaals terug
naar het podium om meteen erna plaats te ruimen voor het imposante
vuurwerk dat OdeGand moest afsluiten.

Het was voor Gent een hele eer om een icoon als Diamanda Galàs te
kunnen ontvangen bij de opening van het festival. Eveneens was het
een moedige keuze om hierdoor een breder publiek te laten
kennismaken met de eigenzinnige woordkunstenares. Voor velen zal
deze kennismaking synchroon lopen met een afscheid, maar voor de
liefhebber was deze set alweer een droom en een bevestiging van het
onmetelijke talent van de zangeres. Voor Galàs zelf was de
terugkomst naar Gent meer dan een verplicht nummertje: alweer gaf
zij met een ijzersterke set een uur lang het beste van zichzelf en
liet ze met haar krachtige stem een diepe indruk na. Of je ze haat
of adoreert (ikzelf kies na deze performance alweer resoluut voor
de tweede optie), Diamanda Galàs kon zaterdag niemand koud laten.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een + vijftien =