Black Ox Orkestar :: Nisht Azoy

Er is weinig dat meer tot de verbeelding spreekt dan de goedbedoelde karikatuur van de jood, maar al te vaak wordt hij afgebeeld in zijn ultraorthodoxe verschijningsvorm, pijpenkrullen, lange zwarte kledij en Jiddisch incluis.

Het Jiddisch, een mengeling van Frans, Duits, Hebreeuws en Slavische talen, is vooral gekend vanwege grappig klinkende uitdrukkingen als "Oy" en "Meshuggah", maar leeft ook verder als de taal die onlosmakelijk met klezmer verbonden is. Klezmer is immers ontstaan uit het huwelijk tussen Hebreeuwse en Slavische folkmuziek, waarbij vaak de diaspora bezongen wordt in (a capella) nummers die afwisselend weemoedig en vrolijk zijn.

Verschillende hedendaagse Joodse artiesten hebben dankbaar gebruik gemaakt van deze rijke traditie om hun eigen stempel te kunnen drukken op wat ze ook als hun erfgoed beschouwen. Het meest tot de verbeelding spreken uiteraard David Krakauer en vooral John Zorn die met zijn Tadzik-label Joodse muziek opnieuw in de schijnwerpers plaatste.

Het Canadese Constellation Records droeg met Black Ox Orkestar haar steentje bij: het debuut Ver Tanzt (Wie danst) nam traditionele klezmersongs als uitgangspunt om — conform de overtuigingen van het label — het Israelisch-Palestijnse conflict in vraag te stellen, en meer bepaald hoe de onderdrukte de rol van onderdrukker op zich genomen had. De kracht van het album lag evenwel in de knappe interpretaties waardoor ook gespecialiseerde magazines als Klezmershack het album positief onthaalden.

Met Nisht Azoy (Niet zoals dit) slaat de groep verder de ingeslagen weg in. Opnieuw kiest Black Ox Orkestar vooral voor ruime interpretaties van traditionals, al sluipt er ook een eigen compositie (Golem) in. "Bukharian" neemt een slepende start: in halfduistere kamers prevelen oude mannen geheimzinnige formules in de hoop de echte naam van God te achterhalen. Buiten vindt ondertussen een bijeenkomst plaats: "Az Vey Dem Tatn" klinkt als een levensles op muziek gezet.

Het is een harde les, want "Violin Duet" laat strijkers op elkaars schouders uithuilen, maar elke verdriet kan vergeten worden: na een drietal minuten schuiven de andere muzikanten mee aan tafel en ontpopt de song zich toch nog tot een vrolijke meestamper. Maar als de drank in de man is, is de wijsheid in de kan. Menig dronkelap heeft een dronkenmanslied aangeheven dat niet veel verschilt van "Ikh Ken Tsvey Zayn". Deze keer heeft Black Ox Orkestar ervoor gekozen een gedicht van Melekh Ravitch op muziek te zetten.

"Ratsekr Grec" wil zich niet laten kennen: oosterse ritmes domineren de song en laten die met een vrolijke melodie van start gaan. Het gestage ritme verleidt ons nergens tot een opzwepende dans, maar blijft dwingend. De processie die "Tsvey Tabelakh" begeleidt, schuifelt verder door verlaten straten, af en toe weerklinkt een droge snik. Ook "Dobriden" weigert kant te kiezen: vrolijk noch droevig ontplooit het nummer nukkig zijn fascinerende karakter. Op het afsluitende "Golem" heerst echter droefenis alom: een meeslepend nummer laat strijkers en akoestische gitaren meehuilen met een door verdriet overmande zanger.

Black Ox Orkestar blijft een buitenbeentje binnen Constellation Records, maar wie Ver Tanzt aan het hart drukte, zal ook Nisht Azoy weten te appreciëren. Sommige recensenten onthaalden het debuut als chazeray en bopkis, maar wij blijven erbij dat Black Ox Orkestar een groep is die het ontdekken waard is. Fartik!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × 4 =