Film School :: Film School

Het afgelopen jaar verzopen wij hier zowat in een stortvloed aan platen van bands die de doemjaren tachtig en haar muziek als referentiekader gebruikten. Net op het ogenblik dat de verering van dit wansmakelijke tijdperk en het heropwaarderen van een muzieksoort die amper twee jaar bestaan heeft — de tijd die het duurde om Unknown Pleasures en Closer uit te brengen — zwaar onze voeten begonnen uit te hangen, viel hier een plaat binnen die zijn gelijke niet kent. Dames en heren: Film School.

Film School is een groep met ervaring. Dat wil zeggen, de leden hebben reeds een verleden. Gitarist Nylas Lannon bracht bijvoorbeeld twee elektronicaplaten uit en de rest van de band stond al eerder samen op een podium. Misschien is het daarom dat Film School zo doorleefd klinkt. Hier geen jeugdige onschuld. Van bij opener en single "On & On" klinkt de band doodernstig. Laat je echter niet afschrikken, er zijn nog andere adjectieven van toepassing op de muziek die ons hier voorgeschoteld wordt: "meeslepend" bijvoorbeeld. Op dat vlak zet "On & On" dadelijk de toon voor de gehele plaat en onthult het zo in één moeite door iets wat we gemakkelijkheidshalve als het desbetreffende groepsgeluid zullen omschrijven: nummers die rustig beginnen, bij voorkeur gedragen door een solide, aan Joy Division verwante baslijn, langzaamaan opbouwen, enkele climaxen kennen en vervolgens in totale dissonantie eindigen. Het gevolg is dat je soms even op adem wil komen, iets waar echter weinig kans toe is.

Zelfs de opgewektere nummers — "Harmed" is er ondanks zijn titel zo eentje — bevatten nog genoeg stoorzendertjes om je bij de les te houden. Een mooie melodie wordt bij momenten bewust de nek omgedraaid door een uiterst korte, maar des te efficiëntere gitaaruithaal. Denk aan "There Is A Light That Never Goes Out" van The Smiths waarin plots enkele seconden feedback uit The Silver Sessions van Sonic Youth opduiken.

Na enkele luisterbeurten begin je van die stoorzendertjes te houden en vraag je je soms verwonderd af waar ze blijven. Het saboterende karakter dat je ze nog nageeft, verdwijnt naarmate de muziek van Film School meer en meer in je lijf gaat zitten. Hoe meer de muziek in je lijf kruipt, hoe minder je in Film School nog de bands hoort waarmee je ze in eerste instantie vergeleek. Er zijn uiteraard de echo’s van Interpol, Joy Division — die baslijnen! — of het al eerder vernoemde Sonic Youth. Toch zorgt Film School voor een eigen geluid en heb je niet het gevoel dat je naar een flauw afkooksel van een derderangsimitatieband zit te luisteren. Overtuig jezelf en luister naar het epische "He’s A DeepDeep Lake", dat even aan Coldplay refereert, zij het dan — godzijdank — zonder de klefheid. Wie na dit nummer lamgeslagen achterblijft, luistert best niet naar "11:11", het ultieme hoogtepunt van Film School. In deze song komt de groep tot perfectie. Een kille gitaarrif die naar het einde toe moordende proporties aanneemt, een drum zo strak dat Dave Grohl er nog iets van kan leren, baslijnen die staan als een huis en dan de overtuigende stem van Krayg Burton. Puur vakmanschap straalt van dit nummer af.

Wie ondertussen dacht dat de eighties leeggeroofd waren, is er aan voor de moeite. Een hoop debutantjes mogen zich dan wel vergrepen hebben aan het werk van oude meesters en zich misdragen hebben door het klakkeloos na te spelen, Film School heeft duidelijk een verkenningstocht door de jaren tachtig ondernomen en alle nuttige informatie met wetenschappelijke precisie vergaard, om er vervolgens iets nieuws en unieks van te creëren. Petje af.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − 6 =