Rules Of Engagement


In de jaren zeventig was William Friedkin enkele microseconden
lang een gevierd regisseur: voor ‘The French Connection’ kreeg hij
een oscar in ’71; in ’73 volgde hij dat succes op met ‘The
Exorcist’, wellicht de beste horrorfilm aller tijden. Daarna ging
het echter bergaf met de opvliegende cineast. Zijn volgende film,
‘Sorcerer’, brak bepaald geen potten en vooral het totaal homofobe
‘Cruising’, met Al Pacino nota bene, kelderde zijn loopbaan. Begin
jaren negentig kwam Friedkin een heel klein beetje terug met de
nogal mislukte thriller ‘Jade’, een flagrante poging om het succes
van het gelijkaardige ‘Basic Instinct’ te evenaren. De film leek
nergens op, maar er kwam genoeg volk naar kijken om van een
bescheiden succes te spreken. Ook dat is echter al bijna tien jaar
geleden, en ondertussen hebben we niets meer van hem gehoord. Tot
nu dus, met deze ‘Rules Of Engagement’, waarvoor hij zowaar twee
van de beste Hollywoodse acteurs wist te strikken: Tommy Lee Jones
en Samuel L. Jackson. De twee mannen spelen hier marine-officiers,
die elkaar al kennen sinds hun tijd in Viëtnam. Na een korte
proloog die zich daar afspeelt, verplaatst de actie zich naar onze
tijd; Jones gaat op pensioen, terwijl Jackson opdracht krijgt om de
Amerikaanse ambassadeur uit Jemen te ontzetten wanneer die het wat
te heet onder z’n voeten krijgt. Een woedende menigte staat buiten
te schreeuwen, met molotovcocktails te smijten en van verderop komt
er ook vuur van sluipschutters. Jackson beveelt zijn mannen in de
menigte te vuren, en onvermijdelijk worden er onschuldige mensen
gedood. Bij het zien van de beelden schreeuwt de wereldpers om
bloed, en Jackson wordt voor de krijgsraad geroepen. Hij vraagt
zijn oude vriend Jones om hem te verdedigen.

Als je er goed over nadenkt, heeft ‘Rules Of Engagement’ best
wel wat weg van ‘Top Gun’: beide films zijn namelijk niets meer of
minder dan reclamespots voor de wereld die marine heet. In ‘Top
Gun’ ging het over flitsende piloten die wel eens even de vrije
wereld zouden vrijwaren; de film was een ode aan het idee van
oorlog en de mannelijkheid die dat met zich meebracht. ‘Rules’ doet
precies hetzelfde, maar dan nog op een moreel verwerpelijke manier:
de film schijnt te insinueren dat het oké is om onschuldige mensen
af te slachten als je daarmee ook maar één sluipschutter afschrikt.
Dat het belangrijker is om de Amerikaanse vlag naar beneden te
halen en veilig uit een conflictsituatie te krijgen dan je mannen
te evacueren. De sleutelscènes uit de film (de bewuste belegering
en ontzetting van de ambassade, dus), geven je continu de indruk
dat wat er misgaat, rechtstreeks de schuld is van die domme
Jackson, die gewoon z’n kont naar huis had moeten reppen eens de
ambassadeur en z’n gezin in die helicopter zaten.

Friedkin heeft hier een film gemaakt over het soort mensen dat
razend wordt als je op hun uniform speekt: niet omdat het een
belediging is voor hen, begrijp je, maar omdat dat dus wel het
uniform van de Amerikaanse marine is. Mààk het nou even! En niet
alleen dat, maar de regisseur schijnt er ook nog van overtuigd te
zijn dat dat soort leven nog een juiste keuze is ook.

Buiten morele en politieke overwegingen, is ‘Rules’ ook gewoon
een slecht gemaakte film. Geen enkel cliché blijft ons bespaard:
krachtige speeches op de getuigenstand, een robbertje vechten onder
de twee protagonisten dat uitmondt op een lachbui, de humane maar
harde aanklager, de wezelachtige politicus, Jones die na z’n
pensioen wilt gaan vissen maar daar niks van bakt, enz… Guy Pearce,
die in LA Confidential nochtans schitterend uit de hoek kwam,
speelt die harde maar humane aanklager met een doorrookte, hese
stem, waarschijnlijk in een al dan niet bewuste imitatie van Marlon
Brando. Je bekijkt hem en je vraagt je af welke ziekte die vent
heeft. Ik heb nog wel het nummer van een goeie keelarts voor
hem.

Dan is er ook nog het leeftijdsverschil tussen het begin en de
rest van de film: in de dertig jaar tussen de proloog en de
eigenlijke actie, lijken Jones en vooral Jackson nauwelijks
verouderd – ze zijn hoogstens eens naar de kapper geweest.

Friedkin kan echt wel filmen, en de centrale actiescène heeft
wel een bepaalde schwung, maar het slaat allemaal nergens op. Een
zeer grote fout wordt wat mij betreft gemaakt door het
vooropstellen van die scènes in de ambassade – vanaf het begin
wordt ons meegedeeld wat de precieze waarheid is en wie het gelijk
aan zijn kant heeft. Een meer subjectieve blik op de feiten was
niet alleen zeer prettig geweest, het zou ook niet meteen moeilijk
zijn geweest. Een aantal zeer valabele mogelijkheden bieden zich
meteen aan: flash-backs, verschillende versies van dezelfde feiten
afhankelijk van wie het vertelt enz… Dat had allemaal veel
interessantere, en moreel gebalanceerde cinema opgeleverd dan deze
patriottische, bijna extreem-rechtse en onprofessioneel gemaakte
troep.

http://www.rulesofengagement.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − acht =