Summer of Sam



136 min. / USA

Er zijn niet zo gek veel films waarin Spike Lee
zich uitgebreid concentreert op personages die niét zwart zijn. Als
zwarte filmmaker in een land waar blanken het voor het zeggen
hebben, heeft hij zich altijd geconcentreerd op die tegenstelling
tussen de machtige meerderheid en de (sociaal en economisch)
zwakkere minderheid. Soms met krachtige resultaten (‘Do the Right
Thing’), soms simpelweg met prekerigheid tot gevolg. ‘Summer of
Sam’, gemaakt in 1999, is dan ook een buitenbeentje in het oeuvre
van Amerika’s zwarte geweten: een blik op een groepje blanke en
latino personages wiens problemen – financieel, emotioneel en
seksueel – tot een kookpunt komen. Het werd een broeierige,
fascinerende, maar ook uitputtende trip.

De plot, voor zover er daarvan sprake kan zijn, speelt zich af
tijdens de bloedhete zomer van 1977, toen Little Italy in New York
geteisterd werd door de Son Of Sam, een moordenaar die het vooral
gemunt had op koppeltjes die in auto’s lagen te vrijen. Achteraf
bleek dat de man het bevel tot doden kreeg van zijn hond. Wie denkt
een thriller over een seriemoordenaar te zien te krijgen, zal
echter bedrogen uitkomen: waar het echt over gaat, is een groepje
van zes à zeven mensen en de invloed die deze gebeurtenissen op hun
leven hebben. De angst, de paranoia, die ertoe leiden dat men
onderling naar verdachten gaat zoeken; al wie om de één of andere
reden “anders” is, komt onder verdenking te staan. Het is dan ook
op die manier dat vreemdelingenhaat toch nog in de film
voorkomt.

‘Summer Of Sam’ is in de eerste plaats een tijdsbeeld: discomuziek,
neonlichten, de opkomst van de punk krijgen allemaal een prominente
plaats, gekoppeld aan de trefzekere plaatsing van de film; dit zijn
de Bronx zoals ze gezien werden door mensen die er woonden. Mensen
zonder of met weinig geld, waar de eigenaar van de plaatselijke
pizzeria een rijk man was, naar wiens advies geluisterd moest
worden. Mensen die tien jaar te laat te horen kregen dat er een
seksuele revolutie had plaatsgevonden en vast van plan waren hun
schade in te halen door zich over te geven aan orgieën, door drugs
te gebruiken en te zuipen dat het een lieve lust was.

Wat dat betreft is de film ook wel geslaagd: we krijgen echte
mensen te zien, en hoewel er meer dan vijf hoofdpersonages in de
film zitten, krijgt elk exemplaar voldoende tijd om een
persoonlijkheid te ontwikkelen. Is het problematisch dat al die
persoonlijkheden in meer of mindere mate onaantrekkelijk zijn? Zegt
u het maar. De figuren die hier opdraven, worden allemaal geschetst
als mensen die op het randje van de marginaliteit leven, en soms er
over. Lee weigert te moraliseren (voor één keer weigert hij dat),
maar wentelt zich in de vunzigheden met een uitgelatenheid die
suggereert dat hij het eigenlijk ook allemaal best aantrekkelijk
vindt. Een scène waarin John Leguizamo en zijn vriendin Mira
Sorvino ei zo na aan een triootje beginnen, heeft zeker en vast
zijn waarde in het scenario: het toont aan dat Leguizamo zodanig
met seks in z’n kop zit dat hij zijn relatie desnoods op het spel
zou zetten. Maar het wordt zo nadrukkelijk, zo sappig in beeld
gebracht, dat je tegelijk ook spontaan begint te vermoeden dat Lee
het ook gewoon allemaal opwindend vindt. De film is doordrongen van
de groezelige sfeer van bezwete mensen die in achterbuurten
schijnbaar specifiek moeite doen om elkaar en zichzelf te kwetsen.
Nu goed, een film over onaantrekkelijke personages in
onaantrekkelijke situaties kan best interessant zijn, als de plot
en het thema van de film sterk genoeg zijn om dat te ondersteunen.
Is dat hier het geval? Wel… Ja en nee.

Langs één kant bekeken heeft Spike Lee ontegensprekelijk een
visuele flair, die hij hier met veel charisma en lef op het scherm
laat spatten – de belichting, de aankleding van de film en de
camera die domweg weigert om twee seconden stil te staan geven een
leven aan ‘Summer Of Sam’ die zoveel andere films missen. De
regisseur bouwt duidelijk verder aan een stilistiek die hij sinds
‘Malcolm X’ steeds nadrukkelijker gebruikte (en die hij met zijn
volgende film, ‘Bamboozled’, volledig overboord zou gooien): felle,
verzadigde kleuren, en sterke overhead belichting die
zodanig straf is dat ze soms letterlijk reflecteert van de acteurs.
Langs de andere kant voert Lee zijn film met behulp van precies
diezelfde middelen al na een uur naar een frenetiek tempo op, dat
eerder gepast zou lijken voor de climax ervan… Maar dan moet je
dus nog een een uur en tien minuten verder. Het gevolg is dat je
volslagen uitgeput uit je stoel kruipt, haast comateus door een
overdosis aan stimuli.

‘Summer of Sam’ is zeer interessante cinema – intelligent en
visueel verrassend. Maar uiteindelijk is er zeer weinig waarmee je
een emotionele band kunt scheppen en is de eindindruk waarmee je
buitenkomt de volgende: ik heb dringend een aspirientje
nodig.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × vier =