John Malkovich wordt nu al luidop getipt voor een Oscar voor zijn rol in Wild Horse Nine, de nieuwe film van In Bruges-regisseur Martin McDonagh. Daarin vertolkt Malkovich Chris, een CIA-agent op leeftijd met vergevorderde kanker, die zich anno 1973 moet moeien met de politieke gebeurtenissen in Chili. Hij trekt vervolgens naar Paaseiland – Rapa Nui – om daar zijn laatste paar dagen en uren door te brengen. Sam Rockwell is Chris’ partner, aan wie hij gevraagd heeft hem een kogel door het hoofd te schieten alvorens de ziekte hem velt. Steve Buscemi is de baas die zich zorgen maakt over de memoires die Chris eerst nog wil afwerken en die een hele hoop vuile was dreigen buiten te hangen met betrekking tot de clandestiene operaties van het agentschap.
De trailer voor dit alles deed vermoeden dat McDonagh uit hetzelfde vaatje zou tappen als in hopeloos over het paard getilde titels als Three Billboards Outside Ebbing, Missouri en The Banshees of Inisherin. Het eerste half uur van Wild Horse Nine lijkt die vrees ook te gaan bevestigen: prentkaartjesfotografie – kijk eens hoe mooi die zonsondergang is – en vermoeide grapjes over dwergen. Langzamerhand echter verschuift de toon naar een soort langoureuze melancholie en vindt McDonagh ook eindelijk een audiovisueel palet dat daarbij past, zonder dat het opdringerig ironisch wil zijn. Met dank ook aan het gebruik van de muziek van Carl Orff, die meteen echo’s oproept van Terrence Malicks Badlands en daarmee de film nog een flink duwtje in de rug geeft inzake sfeerschepping.
Niet alleen neemt Wild Horse Nine gaandeweg (ook letterlijk) de allures aan van een sombere western, wanneer het script de voor de hand liggende humor begint in te ruilen voor een meer doordachte vorm ervan, begint de balans met de droeve toon ook beter tot zijn recht te komen. Uiteindelijk is dit immers geen sentimentele nostalgische trip, maar een soort meewarig en weemoedig terugkijken naar een moment dat nog de kiemen in zich leek te dragen van een potentieel ander Amerika en een andere politieke toekomst.
Het lijkt erop dat Martin McDonagh met Wild Horse Nine eindelijk de gave van de ingetogenheid gevonden heeft. Waar vorige werken zich steevast narratief en visueel veel verfijnder voordeden dan ze eigenlijk waren, slaagt hij er ditmaal in om diepgang en
plastische schoonheid te vinden zonder pretentieus met die betrachting te koop te lopen. Het helpt uiteraard dat zowel Malkovich als de rest van de cast zich mooi van hun taak kwijten, al zijn het toch vooral de iconografie en de voor een keer echt verzorgde beeldtaal van McDonagh die dit kronen tot ’s mans beste werk tot nog toe.



