Jurriën Hamer :: Waarom schurken pech hebben en helden geluk

Als u deze recensie leest, is dat uw eigen keuze. Tenzij iemand u of uw geliefden bedreigt bijvoorbeeld, beslist u zelf om verder te lezen of niet. Althans dat is wat u graag gelooft, meer zelfs u bent er ongetwijfeld van overtuigd dat zowat alle keuzes die u maakt in uw leven (of ze nu zo banaal zijn als het lezen van deze tekst, of net levensbepalend als de keuze voor een partner) volledig door u in vrijheid bepaald zijn. Een heel rijtje van onder meer filosofen, neurologen en natuurkundigen zijn het daar echter niet (helemaal) mee eens.

De meest uitgesproken onder hen, waaronder de Vlaamse filosoof Jan Verplaetse, stellen dat er helemaal geen vrije wil bestaat (Zonder vrije wil, 2011) terwijl anderen naar allerlei manieren zoeken om toch nog een vorm van vrije wil te creëren zonder meteen de laatste ontwikkelingen in de hersenwetenschappen, neurologie en fysica te negeren (Daniël Dennett, John Fischer,…). In zekere zin is de vraag naar vrije wil een eeuwenoud debat dat ondanks alle nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen en bevindingen nog steeds de vraag centraal stelt in welke mate de mens op welke manier dan ook vrij is en niet louter een instrument in de handen van een externe kracht of de eigen natuur.

Het aantal academische en populair-wetenschappelijke werken dat zich over het fenomeen buigt, kan gemakkelijk een middelgrote bibliotheek vullen. De essentie ervan draait echter steevast om dezelfde vraag: in welke mate is iemand verantwoordelijk voor de eigen daden en welke gevolgen hangen daar aan vast? In de eerste plaats zal zowat iedereen daarbij denken aan misdadigers en welke straffen ze moeten krijgen. Die vraag komt ook aan bod in Waarom schurken pech hebben en helden geluk van Jurriën Hamer, dat als ondertitel Een nieuwe filosofie van de vrije wil draagt. Dat laatste is enigszins misleidend want Hamer werkt in dit dunne werk niet zozeer een eigen filosofie uit maar volgt eerder een grotendeels gedragen visie, die *spoiler alert* erkent dat vrije wil niet bestaat maar dat niemand van de eigen verantwoordelijkheden ontslaat.

Hamer gaat daarbij steevast op dezelfde manier te werk, aan de hand van een al dan niet fictief voorbeeld legt hij een vraag of dilemma voor waarna hij omschrijft waarom het standpunt dat hij aanhangt, aangewezen is. In het eerste deel buigt hij zich over uiteenlopende vragen als wat vrije wil is, waarom we die belangrijk vinden en in welke mate schuld en boete maar ook succes en falen ermee samen hangen. Zonder meteen de vrije wil af te serveren of het idee van reflectieve wil te omarmen lijkt Hamer wel degelijk een vorm van determinisme te aanvaarden. Net als veel andere hedendaagse filosofen wijst hij er hierna op dat niet zozeer de vraag naar het bestaan van vrije wil ertoe doet als wel de manier waarop we de daden en het falen of succes van anderen als maatschappij en individu beoordelen, bestraffen en belonen.

Het tweede deeltje, “Een rechtvaardiger land” getiteld, staat dan ook stil bij thema`s als meritocratie, straf, beloning en vergelding. De roep om wraak en vergelding zijn heel menselijk net als het gevoel dat succes een gevolg is van eigen gemaakte keuzes en volharding. Ook hier verwijst Hamer naar filosofen, onderzoeken en theorieën die deze denkbeelden op de helling zetten en maakt hij gebruik van bevattelijke voorbeelden om zijn stellingen te onderbouwen. Hoewel hij geenszins nieuwe of baanbrekende ideeën naar voor schuift, is het wel zijn merite dat hij veel van de hedendaagse visies op een bevattelijke en samenvattende manier weet te brengen. Conform vooruitgangsoptimisten als Rutger Bregman maar ook tal van filosofen pleit Hamer voor een meer menselijke aanpak die weggaat van loutere bestraffing en net inzet op begrip en heropbouw zonder daarbij pro straffeloosheid te zijn.

Waarom schurken pech hebben en helden geluk is een vlot geschreven werkje dat de belangrijkste ideeën rond vrije wil en hoe een hedendaagse samenleving die kan incorporeren kort samen vat. Hamer gaat nergens echt diep in op de theorieën noch de belangrijkste stellingen maar maakt wel duidelijk dat het begrip vrije wil niet alleen al eeuwen lang in vraag gesteld werd maar langzamerhand ook nog weinig waarde heeft. De hoofdvraag blijft hoe een samenleving die zich daar bewust van is omgaat met zowel wie succesvol is als wie faalt en wat een rechtvaardige en menselijke oplossing is. Vanwege zijn vlot geschreven stijl en beperkte omvang leest het snel weg en kan het als een eerste inleiding tot een relevant debat gezien worden. Tezelfdertijd is het echter ook een heel oppervlakkig werk dat snel voorbij vele opmerkingen gaat waardoor wie echt geïnteresseerd is in het thema, finaal op zijn zijn honger blijft zitten. Hamer verwijst in zijn tekst en voetnoten wel naar een aantal relevante werken maar een minimale bibliografie of verwijzing naar wie er meer over wil lezen, had hier geen overbodige luxe geweest.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − een =