Novastar :: ”Sommige melodieën laten je niet los”

Schreeuw het van de daken: Joost Zweegers heeft zijn zesde plaat uit, en dat Holler And Shout werd opnieuw een Novastarplaat pur sang. ‘Ik zou in Engeland kunnen gaan wonen, maar net door dat niet te doen blijft daar werken een sprookje’.

Joost Zweegers maakt het niet moeilijker dan het moet zijn. In een Antwerps café om de hoek van waar hij woont ontmoet ik hem kort na de middag. Hij glimt van trots, tevreden met het resultaat dat drie jaar werken opnieuw heeft opgeleverd. En zelfs al is het zijn zesde plaat, toch is er een primeur, merk ik op.

enola: Het is voor het eerst dat je met dezelfde mensen hebt gewerkt als voor je vorige plaat.

Zweegers: “Ja! De muziek heeft me eindelijk daar gebracht waar ik thuishoor, bij mensen die op de juiste plek zitten in mijn verhaal. Na In The Cold Light Of Monday ben ik dus gewoon blijven doorwerken met dezelfde twee gasten, opnieuw in Brighton.”

“Eigenlijk is dat thuiskomen al acht jaar geleden begonnen, toen ik door producer John Leckie werd gevraagd om in Wales te komen opnemen. Dat was een verademing; eindelijk vond ik een partner in crime om mijn songs mee te kunnen afronden. Ik heb met hem toen Inside Outside (uit 2014, mvs) gemaakt, en we zouden enkele jaren later ook een tweede hebben opgenomen als hij niet ziek was geworden. Ik ben dan maar met zijn assistent Mikey Rowe de studio ingetrokken, en sindsdien werk het met hem, en met Andy Britton. Daarvoor pendelen we tussen Brighton en Antwerpen, waar ik in mijn kelder een atelier heb. Een studio zou ik het niet noemen, maar eerder een plek vol rommel, waar ik kan spelen. Soms komen zij een week naar hier, en werken we aan demo’s.”

enola: Kun je er de vinger op leggen wat dat thuiskomen is?

Zweegers: “Om te beginnen dat Engelse. Ik kom al heel mijn leven op dat eiland. Toen ik jong was ging ik al met mijn vader, en ik ben er verliefd geworden op de klank van Engeland. Ik gedij er goed, hun attitude past bij me. Dat moet je kunnen. Je moet uit hetzelfde hout gesneden zijn als hen – van cynische humor houden, wat assertief zijn – en de taal kennen. Dat zit in me, dus op persoonlijk vlak klikt het enorm met Mikey en Andy. We hebben geen omwegen nodig, maar kunnen heel direct met elkaar praten, waardoor het veel sneller gaat. Dat zal wel niet voor elke Brit opgaan, maar met hen werkt het zo, want we zitten ook muzikaal in hetzelfde bad. Als zij iets aanpassen of toeveogen, zit dat qua tonaliteit al heel dicht bij wat ik goed vind. Het zit bijna meteen in eenzelfde soort ontroering, zonder dat ik iets moet uitleggen of ergens tegen moet vechten. Wat zij doen is bijna altijd een verbetering.”

“Ik ben een veelschrijver, en met negentig procent van wat ik maak gebeurt niets. Er komt misschien maar vijf procent uit van wat ik voorstel. Ze zijn mijn poortwachters, want ik ben eerder iemand die ideeën zal weggooien dan bijhouden. Voor deze plaat hebben ze ook weer twee nummers uit de vuilnisbak gevist, stukken van twee jaar geleden die ik al vergeten was, maar waarvan zij vonden dat ze er bij hoorden. En eigenlijk was de plaat klaar toen alles stilviel, in maart 2020. Ik heb toen nog twee nummers geschreven, omdat ik toch terug thuis zat, en die hebben door hun ingrijpen de plaat nog gehaald. Sterker nog: het zijn de eerste singles geworden. Dat pleit ook voor hun enthousiasme: ze hadden net zo goed kunnen zeggen ‘Stop Joost, zo blijven we bezig’, maar neen. Ze hebben net die extra stap gezet, en zo hebben we twee extra singles er bij.”

enola: Misschien is het niet gek dat een Beatlesfan als jij alleen bij Britten kon thuiskomen.

Zweegers: “Er was bij ons thuis niet veel muziek, maar als kind ontdekte ik wel een plaat van The Beatles. Ik wist niet wie die waren, maar ik wist dat ik ze maar bleef draaien. Later kwam daar dan Neil Young bij. Waar The Beatles voor mij synoniem zijn met melodie, staat hij voor mystiek en vibe. En die twee elementen komen in mijn muziek samen, denk ik. Maar het is niet zo dat omdat The Beatles Engels zijn, heel Engeland Beatles is. Mikeys invloed heeft bijvoorbeeld niet per sé iets met Oasis, waar hij ook bij speelde. Het draait voor hem om mijn muziek, en wat dié nodig heeft. Maar er zit een Brits gevoel in, dat past bij wat ik wil, zonder dat het klinkt als een Britse plaat. Die zijn helemaal anders.”

“Het heeft me gewoon een grote boost gegeven dat John Leckie, echt een héél grote naam (hij is onder andere bekend van werk met Radiohead en Stone Roses, mvs), me vroeg. Vervolgens heeft hij een band rond me samengesteld, met onder andere Mikey, de toetsenist van Noel Gallagher, en als dat dan klikt… Tja, dat heb je of dat heb je niet. We hebben al uren, dagen, weken samengewerkt in een klein studiootje, je leert snel of dat werkt of niet. En soms is dat met de nodige woorden of hardheid, maar dat heb ik net heel graag.”

“Ik vind het ook nog altijd een sprookje. Ik woon in België, wat mij betreft de mooiste plek ter wereld, maar af en toe mag ik de boot in Calais nemen om naar Brighton te gaan, en dan zit ik meteen in die artistieke bubbel. Ik zou er kunnen gaan wonen, maar doordat ik altijd vertrek blijft het een sprookjeseiland.”

enola: Maar eigenlijk ben je dus nog altijd over-kritisch voor je werk?

Zweegers: “Ja. Ik heb iemand nodig die zegt dat het goed is. Want ik maak die dingen voor mezelf, elke nacht. Dat is een levensader. Het meeste is echter vooral leuk om te maken, maar slecht achteraf. En het is natuurlijk een vrij chaotische manier van aanpakken. Het is goed om daar Mikey en Andy tegenover te zetten, die op zijn Brits heel georganiseerd zijn. Zij werken van negen tot vijf, we sleutelen aan een nummer, desnoods nemen we verschillende versies op, maar de laatste versie is wel degenen die we nemen. Je mag van hen niet meer terug naar een vorige, want dan word je gek. Dat is een heel pragmatische manier van aanpakken, ik ken geen pragmatiek. Die werkethiek van hen heb ik nog niet vaak tegengekomen. Het is loyaal, scherp, maar ook hard bij momenten. Niet tijdens het creatieve proces, maar alles wat er na komt. Dan zit er geen twijfel op, ze weten wat ze willen.”

enola: Toen de tweede plaat met John Leckie niet doorging, schoof je alle nummers daarvoor aan de kant, en begon je van nul opnieuw. Heb ik het goed dat je die nu opnieuw hebt opgevist, zoals “The Crooked Court Of Dreams”?

Zweegers: “Dat bestond zelfs nog langer, John had dat zelfs niet geselecteerd voor die plaat. Het waren Mikey en Andy die het opnieuw hebben ontdekt, toen ze in mijn files iets meer uptempo zochten. Ik had het destijds gemaakt en weggeflikkerd. Ik heb toen mijn schrijfversie teruggevonden, met een originele brug die steengoed, was, maar die ik helemaal had vergeten. Die moest er dus opnieuw in.”

enola: Je bent een goeie archivaris van die veelschrijverij?

Zweegers: “Helemaal niet! Het was toeval dat ik dit terugvond, maar mijn jeugdvriend Arnold, die er vaak bij zit als ik in mijn kelder zit te spelen met een fles wijn, houdt stiekem veel bij. Of hij heeft een goed geheugen, want twee jaar na datum kan hij plots afkomen ‘weet je nog dat stukje muziek’. En hij zingt het voor. Of neem nu “Your World”, dat draag ik al heel lang met me mee. Om het jaar schoot het wel eens door mijn hoofd, en speelde ik het eens tijdens een soundcheck, maar meer niet. Nu is het eindelijk eens op plaat beland, omdat het in Brighton zo eens is bovengekomen. Sommige melodieën hebben dat, dat ze je niet meer loslaten.”

enola: De tekst van “Crooked Court Of Dreams” is van de hand van Mike Scott.

Zweegers: “Die heb ik eens ontmoet op een schrijfsessie. Ik had net “Because” geschreven, en vond dat de tekst beter moest. Hij heeft er toen iets anders op gemaakt, dat ik niet beter vond, maar hij schreef ook een andere tekst voor me. Daar is Crooked  Courts op gemaakt. ‘t Is inderdaad een echte Mike Scotttekst: Jeanne D’Arc, en zo, ‘t komt er allemaal in samen. En dat vind ik mooi, want ik beleef in Engeland niet enkel muzikale exploten, maar ook een geschiedenisavontuur, waarbij ik op mijn eentje langs historische sites trek. En die feel zit natuurlijk in Mike zijn teksten; nog een reden om dat samen te brengen, want het klopt met mijn beleving, de mystiek die hij opwekte.”

enola: Ik las dat je op die tochten in pakweg  neolithische begraafplaatsen blijft overnachten. Wat begeestert je zo aan dat tijdsgewricht?

Zweegers: “Dat was op de Orkney-eilanden, ja! En dat neolithicum? Het was een periode waarin veel veranderd is voor de mens. De eerste landbouw kwam op, de grote steencirkels werden opgericht, en dat ging samen met hoe mensen hun leven baseerden op de zonnewende. Heel mystiek, was dat, en heel fascinerend, zeker omdat je nooit exact zult weten hoe ze leefden of dachten, aangezien er nog geen schrift was. Zo is ook mijn muziek mystiek een droomwereld, snap je? Die ongrijpbaarheid deelt het. Die graftombes liggen vaak ook eenzaam verborgen in het mystieke landschap, ook dat triggert me wel.”

enola: De werktitel was Wild Years.

Zweegers: “Dat was de titel van het eerste nummer dat ik na In The Cold Light Of Monday opnam. Het voelde meteen als een opening voor het volgende verhaal. Uiteindelijk vond mijn management het toch te veel klinken als de titel van een slechte Iggy Popplaat. (schatert) Vond ik keigoed van hen, maar ze hadden ook gelijk. Toen is het dus Holler And Shout geworden, want dat klopte wel met deze periode, vond ik. Het is een oproep om je te uiten, en zo voelde het zeker ook na de lockdown waarin ik niet naar Engeland kon, maar alles van thuis moest afwerken. Dit is mijn ‘holler and shout’ vanuit mijn kelder.”

enola: Met “Isabelle” schreef je een nummer voor je vrouw. Ze heeft er lang op moeten wachten.

Zweegers: “Ik heb het geschreven toen het echt even slecht zat tussen ons.: ‘I wanna love you like a lover should’. Letterlijk dat, het was wat het was. Ik wilde het eigenlijk niet gebruiken, maar Mikey vond dat ik moest. Hij kent haar ook goed, we zijn heel close met onze families, want hij komt hier vaak logeren. Als titel vond ik die refreinzin echter te melig, dus dan werd het maar “Isabelle”. Ik moest van mijn manager toch even checken of ze daar op zat te wachten.” (lacht)

enola: Ook je middelste dochter krijgt haar nummer.

Zweegers: (glimlacht) “”Judy Folk”. Ik had daar een versie van gemaakt in Brighton, met Mike op gitaar. De tekst was nog niet helemaal af, die zou ik later maar moeten maken. Dat is er niet van gekomen, want ik zat thuis in lockdown, dus ik wilde het weggooien. Toen heeft Andy in Brighton een volledig nieuwe versie er van gemaakt, zonder mijn inbreng. Dat is fijn, want het brengt opeens een heel andere kleur binnen op de plaat. Het is niet echt een kinderliedje, maar het is wel zo bedoeld. Het grappige is dat toen ik “Judy Folk” voor het eerst voor haar speelde, ze de melodie toch wat flauw vond. Behoorlijk confronterend.” (schatert)

enola: Krijgen de andere twee ook nog hun song?

Zweegers: “De oudste heeft al eentje, “Light Up My Life” van op Inside Outside. De jongste is nog maar zes, dat komt nog wel. Maar het komt zo als het komt, plots rolt het er uit.”

enola: Als ik “Holding Patterns” hoor, dan heb je het optreden het laatste anderhalf jaar wel gemist.

Zweegers: “Ja, dat zinnetje ‘nothing’s more addictive than applause’ bedoel je hé? Het rare is dat je niet de eerste bent die er over begint, terwijl ik dat helemaal niet had verwacht. Het eerste waar ik aan denk als het over de lockdown gaat, dan is dat het gevoel dat “Velvet Blue Sky” me geeft. Dat is het hart van de plaat, hoe ik ‘s ochtends heel vroeg vanuit mijn kelder naar de zonsondergang opklom. Die opgang naar het licht is voor mij ook het beeld voor het gevaar van roem najagen, iets wat ik zeker niet doe. Ik had veel commerciëlere shit kunnen doen, en het mezelf veel gemakkelijker maken. Dat ik dat niet heb gekozen, en er na twintig jaar nog altijd ben, en in Engeland zit, maakt me trots. Ik heb het integer gedaan, wat haaks staat op dat zinnetje over applaus. Maar ik krijg soms applaus, en daar moet je soms van afkicken, ja. Dat is echt wel zo.”

enola: Voelden de afgelopen twee jaar als een wachtstand, zoals de titel van dat nummer suggereert?

Zweegers: “Ja, al heb ik me, toen alles stil viel, niet echt zo hard laten afglijden als ik verwacht had. Al was het maar om mijn kinderen dat niet te tonen. Ik heb de deur op slot gedaan, en ben heel voorzichtig geweest met hen. De eerste zomer heb ik veel laten liggen. Ik had een hoop soloshows op de planning staan, wat normaal gezien aan het einde van een albumcampagne zorgt dat de rest van de kostenposten gedekt zijn. Dat viel in het water, maar ik heb er geen nacht van wakker gelegen. Ik maakte een klik in mijn hoofd, en ging in ‘even lezen’-modus. Het zal er later wel eens allemaal uit komen, denk ik.”

enola: Het valt op dat er nog ongeveer geen enkele artiest is die uit de laatste twee jaar echt songs heeft weten te puren.

Zweegers: “Het feit dat Holler And Shout die twee mooie singles bevat, heb ik er toch aan te danken hé. Ik raakte niet in Engeland, dus dan maakte ik maar iets. Maar toch vind ik het geen coronaliedjes – wat een lelijk woord trouwens. Begin er ook maar aan, het is niet iets waar je gemakkelijk over zingt. Misschien wel omdat ik het geluk heb gehad dat niemand van mijn naasten het leven heeft gelaten. Mijn ouders hebben zich meteen opgesloten, en zelfs toen het al weer kon, bleef dat. Ik zie me nog staan voor hun appartement met mijn kinderen, en maar zwaaien naar hen. Als ik iets maak over die afgelopen periode, zal het eerder over zo’n dingen gaan.”

enola: Je bent nu meer dan twintig jaar bezig, hebt zes platen op je conto. Ben je tevreden van je traject, of had er meer in gezeten?

Zweegers: “Tevreden. Ik heb maar één ding gerateerd. Enfin, nadat ik in 2005 mijn voet zwaar gebroken heb door een val van het podium heb ik wel een paar dingen laten liggen, denk ik. Maar dat is het lot, daar kun je niet veel aan doen. Verder ben ik nog altijd niet klaar. Gisteren mocht ik bijvoorbeeld nog eens op televisie “Velvet Blue Sky” brengen, daar kan ik nog altijd heel blij mee zijn.”

enola: En durf je nog dromen, nu je zo vaak in Engeland komt?

Zweegers: “Het is natuurlijk een heel chauvinistisch land, waar je niet zomaar voet aan de grond krijgt. Het is zelfs voor Britse bands niet altijd zaligmakend daar. Uiteindelijk ben je maar zo sterk als je in je home territory bent, en dat is voor mij al 21 jaar België én Nederland. Dat is een behoorlijk groot gebied om klaar mee te raken. We zullen dus wel zien waar ik nog probeer. In The Cold Light Of Monday heeft het bijvoorbeeld in Italië best goed gedaan. Misschien ga ik daar nog eens live iets gaan doen.”

enola: In Brighton eens op een cafépodium kruipen, dat komt er zelfs niet van?

Zweegers: “Neen, omdat alles wat ik daar doe al zo muziekgerelateerd is, dat dat er niet bij hoeft. Dat is iets wat ik van John Leckie heb geleerd: in de pauze en na de uren gaat het er niet meer over, dan kom je de volgende dag frisser terug. Als je dat toch doorzet, kruipt dat toch maar in je hoofd. Het wordt zelfs vlakaf afgestraft, een opmerking als ‘zullen we dat ene drumding toch maar anders aanpakken?’. Shut the fuck up, have another beer!” (lacht smakelijk)

 

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 − 6 =