BEST OF: Wilco

Geef toe: meestal zijn ze uw geld niet waard, die verzamelaars van uw favoriete groep die u in de winkel vindt. De platenfirma denkt dat enkel singles in aanmerking komen en een artiest zelf is ook al zelden goedgeplaatst om het eigen werk te beoordelen. Tijd dus dat het eens aan professionals wordt overgelaten, en wie beter dan een team kenners van enola om maandelijks de vijftien beste tracks van een artiest te selecteren. Deze maand: het beste van Wilco.

1. Casino Queen

A.M. negeren in een best of? Zelfs de meest verknochte alt-country fan die afhaakte bij YHF zou er mee kunnen leven. Being There alleen al bevat meer dan genoeg ijzersterk materiaal dat de begindagen van Wilco kan vertegenwoordigen. Maar wie valt er nu niet voor het aanstekelijke enthousiasme waarmee “Casino Queen” uit een autoradio kan knallen. Drive-by Truckers bouwde een hele carrière op met dit soort vertellende alt-country die kleurrijk gestalte geeft aan meelijwekkende sukkelaars. Volwassener dan Uncle Tupelo, minder gewaagd ook en dat geldt jammer genoeg voor de gehele plaat waardoor A.M. verbleekt in het zicht van wat komen zou.
Hoogtepunt: 1’18”. “And the dealer keeps on joking / As he takes my last token” Het hoeft niet altijd over American aquarium drinkers, band-aid en chords strung down your cheeks te gaan, toch?

2. Monday

Met een potige Stones-riff en het verhaal over de gemiste kansen van een would-be rockster is “Monday” het eerste nummer dat opvolger Being There echt op gang trapt. Met Wilco kon het op dat moment nog alle kanten op en gelukkig is het Tweedy en co beter vergaan dan Choo- Choo- Charlie. Dat wist hij toen nog niet natuurlijk en dus zingt Tweedy heel verbeten de onzekerheid over de toekomst van zich af. Het Charlie-scenario was op dat moment de meer waarschijnlijke uitkomst en het nu-of-nooit-gevoel spat dan ook van het nummer af. Met wijlen Jay Bennet aan de toetsen die bij Wilco nooit meer zo funky zouden klinken en een dijk van een blazersarrangement dat het uiterst catchy refrein vooruit stuwt.
Hoogtepunt: 1’22”. Daar zijn de blazers!

3. Ashes of American Flags

Het jaar was 2002 toen Wilco hun Yankee Hotel Foxtrot op de wereld losliet: het puin van de Twin Towers was amper geruimd en in Afghanistan stond tegen dan ook al niet veel meer recht. Jeff Tweedy ziet het allemaal aan met lede ogen en pijn in het hart, terwijl ook zijn eigen band langzaam rond hem in elkaar stuikte. “All my lies are always wishes” mompelt hij nog in het refrein maar veel baat het niet.

Hoogtepunt: 3’20”. Even last de groep een pauze in en zingt Tweedy “I would like to salute/ the ashes of American Flags/ and all the fallen leaves/ filling up shopping bags”, zijn grafschrift voor een Amerika dat definitief verzonken is in een poel van agressief patriottisme en holle consumptie.

4. Poor Places

Nog een nummer van dat meesterwerk Yankee Hotel Foxtrot. Je hoort een snikkende Tweedy aan de bodem van zijn ziel krabben, maar zijn hart is ijzig en kil geworden. Waarna het nummer in de helft gewoon een andere, maar daarom niet minder hopeloze kant op gaat. Beluister ook zeker de versie op Kicking Television, waarschijnlijk één van de strafste liveplaten ooit gemaakt.

Hoogtepunt: 1’55”. Zie Kicking Television en die goddelijke lapsteel van Nels Cline die het nummer naar een hoger niveau tilt.

5. Hell is Chrome

Nadat de band bij de opnames van Yankee Hotel Foxtrot praktisch geïmplodeerd was, ging Tweedy bij A Ghost is Born door een persoonlijke hel van een pijnstillerverslaving. Gelukkig voor hem leverde hij met dat album alsnog een pareltje af dat allesbehalve overschaduwd wordt door haar illustere voorganger. In deze slepende en ingehouden song verhaalt Tweedy over zijn langzame afdaling in de maalstroom van paniekaanvallen en pillen. Als de song halfweg dan nog eens opengebroken wordt door een snerpend gitaargeluid, weet je dat je met een klassieker te doen hebt.

Hoogtepunt: 0’20”. Het nummer zuigt meteen alle zonlicht weg met een fluisterende Tweedy die “When the devil came/he was not red/he was chrome instead/come with me” voor zich uit mompelt.

6. I Am Trying to Break Your Heart

Als scherven die stuk voor stuk aan elkaar gelijmd worden om weer een mooi geheel te vormen, zo kruipt “I Am Trying To Break Your Heart” overeind met behulp van magistrale percussie en een even geniale als cryptische tekst. Het universele gevoel van losgekoppeld te zijn van de buitenwereld, van wankelend zoeken naar een houvast werd zelden zo trefzeker weergegeven als in dit nummer. Dat 9/11 de oorzaak zou zijn van de collectieve kater die moest worden verwerkt was tijdens de opnames in de verste verte niet te voorspellen maar geeft nog maar eens aan dat ware kunst tegelijkertijd universeel en diep persoonlijk moet kunnen zijn.
Hoogtepunt: 4’13”. Na het zoveelste zwaarmoedige “I Am Trying To Break Your Heart” vat de bassist het zwijmelende nummer bij de kraag.

7. Impossible Germany

Na de maalstroom van zijn twee voorgangers, waren de opnames van Sky Blue Sky een walk in the park, maar dat leidde gelukkig niet noodzakelijk tot kwaliteitsverlies. Bovendien was dit de eerste studioplaat waar meestergitarist Nels Cline zijn intrede deed in de wereld van Wilco, iets waar deze song het prachtige resultaat van is. De gitaar danst in het rond, en Jeff Tweedy doet ondertussen de tranen in de ogen springen wanneer hij ” I know you’re not listening” kreunt.

Hoogtepunt: 0’00”. Een mooie gitaar nestelt zich comfortabel, om niet lang daarna met twee metgezellen een sierlijke wals aan te gaan.

8. Thirteen

Big Stars klassieker is al vaker gecoverd, zelfs door ons eigenste dEUS, maar het zijn toch vooral de versies van Elliott Smith en Wilco die ons week tot op het bot maken. Tweedy maakt zich met zijn snik de tekst helemaal eigen, en de combinatie van een mooie piano en lapsteel zorgen voor een sfeer die zo mogelijk nog melancholieker is dan op het origineel.

Hoogtepunt: 0’12”. ” Won’t you let me walk you home from school” zingt Tweedy, en opeens zijn we weer die verlegen jongen die met bibberende handen dat ene meisje staat op te wachten aan de schoolpoort. Nooit is liefde zo simpel verwoord als in dit nummer.

9. Forget The Flowers

Wijlen Chet Atkins zou met plezier z’n Gretsch nog eens bovenhalen om “Forget The Flowers” naar z’n vingers te zetten. Misschien zou hij ook nog even Dolly Parton bellen om hun duet van “Do I Ever Cross Your Mind” naar de kroon te steken. Net als in dat nummer polst Tweedy naar het hartenzeer van de tegenpartij, alleen pakt hij het ietwat cynischer aan. En net als bij dat nummer is het een verleidelijk en speels melodietje dat in al zijn eenvoud toont dat country ook (of vooral) zonder alt- pure schoonheid kan zijn. Fingerpickin’ good!
Hoogtepunt 1’37”: Een koortje!

10. A Shot In The Arm

Dubbelzinnigheid troef: gaat het over drugsverslaving of over een broodnodige schop onder de kont? Hoewel de zinsnede “Something In My Veins Bloodier Than Blood” weinig aan de verbeelding over laat kan het, afhankelijk van je gemoedstoestand, beide kanten op. In ieder geval is dit Wilco in pure anthem-stijl, een verslavende meezinger waarmee de groep krachtig en zelfzeker het juk van de alt-country van zich afwerpt.

Hoogtepunt: 1’52”: “Something In My Veins…”

11. Art of Almost

Wilco’s voorlopig laatste worp, The Whole Love, was niet meteen hun meest revolutionaire plaat. Op het eerste nummer echter zette de band de luisteraar nog even op het verkeerde been door te stoeien met pulserende baslijnen, ruizige gitaren, tegendraadse beats en feedback, en Nels Cline draait al zijn effectenpedaaltjes helemaal open.

Hoogtepunt: 2′ 29″. Met de komst van de piano bloeit het nummer na een lange opbouw eindelijk echt helemaal open.

12. You And I

Tegenwoordig is Jeff Tweedy van de pillen af en een relatief stabiel mens geworden, en volgens sommigen ging het daarna enkel bergaf met Wilco. Die critici moeten in ieder geval eens dringend naar dit mooie duet met Feist luisteren. Oké, het experiment werd even op stal gelaten, maar als het simpele maar gewoonweg bloedmooie pareltjes als dit oplevert, hoort u ons niet klagen.

Hoogtepunt: 0′ 37″. Een mooie tweede gitaar valt in, en ondertussen vlechten de stemmen van Tweedy en Feist zich in elkaar, alsof ze van plan zijn elkaar nooit meer los te laten.

13. Airline to Heaven

Zwierig en los uit de pols, zo valt dit nummer uit de sessies met Billy Bragg nog het best te omschrijven. De ultieme versie staat alweer op Kicking Television, waar een melancholische slidegitaar de puzzelstukjes helemaal in elkaar laat vallen.

Hoogtepunt: 0’17”. Jeff Tweedy trekt zijn strot open en je hoort het herwonnen zelfvertrouwen in zijn stem. De zaal stemt daar ondertussen goedkeurend mee in.

14. Jesus, Etc

Eén van de strafste melodieën die Wilco al leverde. Een zacht, troostend liedje dat niemand helemaal begrijpt en dat je toch het gevoel geeft begrepen te worden. Jim O’Rourke deed vanalles op Yankee Hotel Foxtrot, al beweerde hij ooit dat het toch vooral Tweedy was die met de vreemdste vondsten kwam aanzetten. Toch durven we te wedden dat de strijkers op dit nummer enkel en alleen van O’Rourke kunnen zijn. En met “Tall buildings shake” duikt er weer zo’n onvoorziene link met 9/11 op.

Hoogtepunt: 1’08”. Magistrale viooltjes, véél magistrale viooltjes.

15. Spiders (Kidsmoke)

Hét buitenbeetje uit de veelkleurige discografie van Wilco. De ritmesectie is in pure krautrock-modus en levert een mechanisch pulserende beat waaruit Tweedy zich met warrig gitaargefriemel probeert los te wrikken als was het een dwangbuis. Wanneer de gespen plots gelost worden barst het nummer los met indrukwekkende powerchords.

Hoogtepunt: 4’00”: Tijd genoeg dus om die luchtgitaar uit de kast te halen en netjes in positie te gaan staan.

taan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × vier =