Rone :: Creatures

Rone creëerde hoge verwachtingen voor Creatures gezien zijn unieke, niet te classificeren stijl en een indrukwekkende waslijst aan gastmuzikanten. Toch heeft hij die niet volledig kunnen inlossen op zijn derde plaat.

Achter Rone zit een jonge Parijzenaar verscholen die tegenwoordig — waar anders — in Berlijn resideert. Oorspronkelijk is hij een filmmaker, maar tussen het draaien door componeerde hij algauw zijn eerste muzikale meesterwerkjes. Qua geluid varieerden die tussen experimentele techno en elektronische ambient. Zo zijn Spanish Breakfast (2009) en Tohu Bohu (2012) absolute aanraders in het elektronische genre. Na één luisterbeurt is al duidelijk dat hij op Creatures de spreidstand tussen enerzijds keiharde elektronische muziek en anderzijds feel good muziek verder wil uitstrekken. Daarmee slaat Rone er soms >i>boenk op, raakt hij een gevoelige snaar, maar soms zit het er ook volledig naast.

Welke muzikant in het elektronicagenre werkt samen met een Japanse jazztrompettist? Rone toont alvast veel lef en zijn samenwerking met Toshinori Kondo in “Acid Reflux” ligt ook nog eens heel goed in het gehoor. Nog beter: het tweede nummer van de plaat zou zelfs passen in een thrillerserie. Ook met het dromerige “Elle”, dat voortkabbelt zonder té melig te worden, is Rones’ roots in de filmindustrie te horen. Rone werkte voor dit nummer samen met niemand minder dan Bryce Dessner van The National — hij voorzag de soundscapes op Trouble Will Find Me

Nog opmerkelijker: de Franse versie van “Mortelle” werd ingezongen door de in eigen land niet onbekende popzanger Etienne Daho en wordt zo een zeemzoet maar ietwat geforceerd droompopnummer. Alsof Jacques Brel gereïncarneerd wordt door Darkside. Dat geniale duo wist telkens een zinderende live set te verzorgen. De vraag is hoe Rone dat gaat flikken op een festival als Dour. Gaat hij focussen op het dj-aspect of met gastmuzikanten optreden? Een even magnifiek als geflipt nummer als “Sing Song” is alvast op maat gemaakt van de eerste set. Ook het dicht geplamuurde “Ouija” is ideaal voor dronken zielen met een neus voor muziek.

Het contrast met het in mist gehulde “Sir Orfeo” is groot. Een nummer dat werd ingezongen door Sea Oleena, een zangeres die fans van Grouper, Julia Holter en Julianna Barwick wel zullen kennen. Wat Rone hier flikt, doet denken aan Cocteau Twins. Er is voor elk wat wils, want voor “Calice Texas” werkte hij samen met de Libanese muzikant Bachar Mar-Khalifé. Het resultaat is een subtiel, oosters getint elektronisch nummer. Het kan niet op: “Freaks” — met bijdragen van de Franse cellist Gaspar Claus — had evengoed een score voor een donkere animatiefilm kunnen zijn. De synths komen echter te cartoonesk over om nog te kunnen spreken van een organisch, meeslepend nummer.

Dat er toch heel wat talent in Rone verscholen zit, bewijst hij met “Vif”, waar ook Dessner aan meehielp. Het is een gedroomd einde en leent zich perfect om minutenlang bij weg te zweven. Daarmee is een tegenvallende song als “Quitter La Ville” gelukkig snel vergeten. Hierin klinkt Rone als een Tangerine Dream, maar dan met tegenvallende Franse gezangen; ditmaal van Francois Marry van Francois & The Atlas Mountains. Ook weer een bevreemdend resultaat dus.

Tegenwoordig proberen elektronische muzikanten meer aansluiting te vinden bij de live scene. Dat zorgt soms voor geniale platen, maar ook soms voor teleurstellingen. Doordat Rone soms terechtkomt in het drijfzand van het geforceerde, zweeft hij tussen de twee. Genoeg geniale ideeën dus op Creatures. Maar als Rone iets duidelijkere muzikale grenzen had getekend, had het ‘too much information’-gevoel niet overheerst op deze plaat die een langgerekte muzikale trip moest zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × twee =