Nordmann :: “We hebben dit keer nog meer ons best gedaan om alles zo live mogelijk te houden.”

Nordmann staat aan de vooravond van het officiële debuut, met de plaat ALARM!. Wie hen al een tijdje volgt en de eerdere EP’s in gedachten houdt, weet al wat te verwachten: sfeervolle muziek en instrumentale acrobatie, steeds stuwend in de richting van de onvermijdelijke explosie. Tijd voor een gesprek.

Mattias De Craene (saxofoon): “Ik heb thuis een gelijkaardige microfoon als jij, al is het een meer uitgebreid model wel. Tegenwoordig kan je trouwens met een gsm echt dezelfde kwaliteit bereiken. Als ik thuis dingen opneem, verbaast me dat soms. Onze nieuwe hoes is bijvoorbeeld ook gefotografeerd met een gsm. Zot hè?

Enola: Inderdaad. Is het dan zo begonnen voor jullie? Met obscure thuisopnames die jullie elkaar doorstuurden?
De Craene: “Het is eigenlijk veel simpeler dan dat. We zaten samen op school, enfin Elias (Devoldere, drums) is iets jonger, en Edmund en Dries (Geusens, bas) zaten een jaar hoger. We zaten vooral samen veel op café, veel te veel om goed te zijn (lacht). Stan Van Gheluwe (o.m. John Ghost, pdw) is een drijvende kracht achter Flat Nine, een Gentse vzw die zich bezighoudt met jazz en jams. Hij zocht een band die een jamsessie wilde openen. Toen hij ons naast elkaar zag zitten en onze instrumenten samenlegde, was het eigenlijk voor de hand liggend dat we samen een band konden vormen.”
Edmund Lauret (gitaar): “Het eerste concert was in een restaurant in Gent waar Flat Nine toentertijd vaker jams en concerten organiseerde. Dat restaurant bestaat intussen zelfs al niet meer.”
De Craene: “We speelden bestaande nummers, maar Edmund had toen ook een aantal eigen composities mee. We merkten onmiddellijk dat het werkte. Vooral Edmunds nummers zorgden ervoor dat we het gevoel kregen dat er meer in zat.”

Enola: En dan komt het moment waarop je een groepsnaam moet kiezen. Kloppen de geruchten dat je die uit een IKEA-catalogus hebt opgeduikeld?
Lauret: “Ja, we zaten te brainstormen in OR en zochten inspiratie op het internet. Hoe we specifiek op de catalogus zijn gestoten weet ik niet meer. Maar Nordmann bekt goed. We vinden het nog steeds een sterke naam en zijn er dan ook zeer tevreden over.”

Enola: De nieuwe plaat dan. Jullie volwaardige debuutalbum, want wat voorafging waren EP’s. Is er iets veranderd in vergelijking met de vorige releases?
Lauret: “Het geluid is zeker anders. Onze vorige EP was meer een studio-opname qua geluid. Als je naar popmuziek luistert, dan is dat natuurlijk nog iets geheel anders. Nog meer geproducet. Maar het ging er misschien al net iets te veel naartoe.”
De Craene: “We hebben dit keer nog meer ons best gedaan om op het album alles zo live mogelijk te houden. Er zit natuurlijk ook al eens een overdub in, maar we vonden het vooral belangrijk dat er niets op kwam te staan dat we live niet kunnen brengen.
“Jasper Maekelberg van La Chapelle Studios zat aan de knoppen en samen hebben we een goed geluid en een goede mix gevonden. Hij heeft ons geholpen om de beste sound te bereiken, zonder al te veel toegevoegde effecten. We moeten het met onze bezetting ook daadwerkelijk kunnen opvoeren.”
Lauret: “Je moet daarbij uiteraard een album blijven zien als iets wat ook een beetje losstaat van een live-concert. Het moeten alle twee afgewerkte producten zijn met hun eigen waarde. Maar het uit elkaar drijven mag niet te ver gaan, want dan is het niet meer de muziek die we echt willen maken.”

Enola: Wat me opvalt, is dat de meeste van jullie vroegere nummers nergens meer te vinden zijn op het internet. Zelfs de nummers waarmee jullie oorspronkelijk geselecteerd waren voor de eerste ronde van HUMO’s Rock Rally. Is dat een bewuste strategie?
De Craene: “We hebben dat er allemaal bewust afgehaald, ja. Ook de concertopnames en zo.”
Lauret: “Die oudste nummers zijn nog beschikbaar op de allereerste EP, waarvan we er nog 6000 thuis in de garage staan hebben (algemeen gelach). Neen, ik ben zwaar aan het overdrijven natuurlijk.”
De Craene: “Goh ja, wat we met het overschot van die allereerste EP zullen doen, dat weten we eigenlijk nog niet. We komen er alleszins niet meer mee naar buiten.”
Lauret: “We hebben nog gedacht om ze te droppen boven een streek waar niemand ons kent, in de hoop op een Sugar Man-verhaal” (algemeen gelach).

Enola: Maar is het omdat jullie er niet meer tevreden over zijn?
De Craene: “Neen, het is niet zozeer dat …”
Lauret: “Ik denk dat we ze vooral stuk hebben gespeeld eigenlijk.”
De Craene: “Ja, dat is dan specifiek voor de live-opvoeringen. Maar het is gewoon simpel: we vonden die nummers de max, dan zijn we geëvolueerd naar onze EP van vorig jaar en vonden we dát de max, en ondertussen zijn we bij ons album aanbeland.”
Lauret: “We staan natuurlijk nog volledig achter onze vroegere nummers, maar op de duur kan je die zo blijven meeslepen. We zijn twee jaar verder he.”
De Craene: “We hebben inderdaad alle vier de neiging om dat net niet te doen. Als je die nummers niet meer geïnspireerd kan brengen, dan is het tijd om verder te gaan.”
Lauret: “Voor onze releasetour hebben we een goede selectie gemaakt van wat we nog zullen meepakken en wat niet. Het moet allemaal een beetje fris blijven.”

Een vraag die veel mensen zich stellen: wedstrijden als de Rock Rally, heeft dat aanzienlijke gevolgen?
Lauret: Zonder de Rock Rally hadden we deze concerten niet gehad. Punt.
De Craene: Dat ze ons ‘naar de top hebben gekatapulteerd’ zou sterk uitgedrukt zijn natuurlijk, maar het heeft zeker gevolgen. Misschien een wat bizarre vergelijking, maar die wedstrijden hebben een deegbal aan het rollen gebracht die bij elke beweging van vorm verandert (lacht). Om dat te verduidelijken: toen we twee jaar geleden de STORM!-Contest wonnen, hebben we heel veel speelkansen gekregen, specifiek op jazzpodia. De tweede plaats op de Rock Rally heeft ons dan weer een heel andere richting uitgestuurd. Het is trouwens bijzonder fijn dat die verschillende richtingen voor ons samenkomen.

Merk je dat aan je publiek? Of zijn er mensen die beide podia en concertzalen bezoeken en die je dus vaker terugziet?
Lauret: Je merkt wel een verschil tussen de toeschouwers. In de zomer hebben we een aantal festivals mogen doen, en dan sta je plots echt tussen de pop- en rockbands. Dat is vanzelfsprekend een ander publiek dan op Jazz in ’t Park.
De Craene: Als je in een andere context speelt, dan zijn de reacties ook helemaal anders en dat is fijn. We hebben ook eens ergens in een jeugdhuis opgetreden en daar zie je een echt rockpubliek, rechtop staand met een pint in de hand. Bij sommige passages voel je hen denken ‘wat zijn die gasten daar in godsnaam aan het doen?’ Het is leuk om daar dan te kunnen opduiken en hen de verschillende muziekstijlen en ons eigen geluid met een pollepel op te scheppen. Ze kunnen geen kant meer op en zo ervaren ze dat ook eens, tijdens een live-concert. Dat is veel directer en ze stellen zich doorgaans gemakkelijker open voor iets nieuws.
Lauret: En ook voor onszelf is het interessant om op die verschillende plaatsen te komen. Dus voor wat de Rock Rally betreft, die heeft echt deuren geopend.

Conclusie: wedstrijden werken.
De Craene: Op verschillende manieren. Dat zie je bijvoorbeeld ook bij een bevriende band, John Ghost, waar ik nu net twee weken gestopt ben. Ze doen ook mee aan de STORM!-Contest en plotseling duiken ze op in DM Magazine. Je hebt wedstrijden in alle genres en ik denk dat die stuk voor stuk een goede bestaansreden hebben.
Lauret: Het is sowieso de moeite om mee te doen aan die dingen. Het is niet altijd even plezant, ook door de competitie, maar het werkt wel. En ook voor de band intern: wij hebben bijvoorbeeld goed gepresteerd in vier wedstrijden. Muziekmozaïek, STORM!-Contest, Jazz Hoeilaert en HUMO’s Rock Rally. Ik denk dat je die motivatie nodig hebt om verder te blijven doen, om elke week te repeteren met diezelfde bezetting. Als je er niets voor terugkrijgt, dan ga je waarschijnlijk sneller op zoek naar andere projecten. Maar kijk: we hebben hard gewerkt en het heeft de moeite geloond.

Repeteren jullie dan zoveel?
Lauret: Meer dan de meeste bands denk ik wel. Het hangt natuurlijk af van de periode en hoe druk het is, maar gemiddeld zullen we aan een keer per week zitten. Bij andere bezettingen is dat vaak minder.
De Craene: Ik merk dat inderdaad ook wel. En een keer per week is zeker voldoende voor Nordmann.
Enola: Ik heb er alvast alle vertrouwen in. Dan rest er me niets meer dan uit te kijken naar de officiële release op 19 februari en jullie van harte succes te wensen met de tour.

De concertagenda en andere informatie vind je op de website van Nordmann: www.nordmannmusic.com/concert-schedule

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + 7 =