Willow :: Plastic Heaven

Een Belgische band als sexy bestempelen is niet meteen vanzelfsprekend. Toch zijn er de afgelopen maanden meer en meer artiesten op het toneel verschenen die een lans breken voor een pakkende inhoud én een gelikt uiterlijk. Over Stromae, Intergalactic Lovers en Oscar And The Wolf was iedereen het al eens; is het nu aan Willow om hoge ogen te gooien?

Minder gitaar en meer elektronica; je moet al compleet atonaal zijn om de grootste verandering ten opzichte van doorbraakplaat We The Young niet te horen. Als band laat Willow zich duidelijk beïnvloeden door wat er op het moment goed scoort. Ons niet gelaten: goed gekopieerd is immers beter dan slecht verzonnen, maar het duurt niet lang voor je op Plastic Heaven hoort hoe braafjes de band binnen de lijntjes kleurt. De moeilijke tweede plaat laat zich in dit geval omschrijven als een bovengemiddeld popalbum met enkele puike uitschieters; denk zo maar aan “Remedy” en “Danger”, twee dansbare nummers met bijzonder lichte refreinen die zich als vishaken in je geheugen nestelen. Samen met “Plastic Heaven” – het eerste nummer op de plaat – zijn dit de songs die met geweld naar voren worden geschoven als graadmeter voor wat je mag verwachten; zo word je meteen ondergedompeld in een kleurrijke setting waarbij je om de oren wordt geslagen met het dromerige positivisme dat het huidige aanbod aan Vlaamse alternatieve pop kenmerkt. Alles behalve origineel, maar het werkt wel.

De strakke productie zorgt ervoor dat je de band het complete gebrek aan eigenheid en spontaniteit vergeeft, maar toch laten ook de jongens uit Leuven zich vangen aan het gevaar dat bij gelikte elektropop steeds om de hoek loert. Niets makkelijker dan een drumcomputer om een opzwepend nummer met een halfbakken meezingbare tekst te braken; maar koppel je dezelfde elementen aan emotional content, dan eindig je al snel met experimentele no-goes als “Atlantis”. Geen idee wat hier de oorspronkelijke bedoeling was, maar het nummers verdrinkt al snel in esoterisch gehijg, aangevuld met ongeïnspireerde en irritante loops. Van hetzelfde laken net geen broek in “The World Slows Down”; de onbegrijpelijke temporiseringen en de verraderlijke afwisseling tussen boven- en ondertonen doen het nummer al snel neigen naar een parodie van het beste dat je op het album hoort.

Driekwart album lang klinkt Plastic Heaven heerlijk zwoel, charismatisch en herkenbaar. Tijdens enkele pieken haalt Willow zelfs het niveau van grotere namen als Klaxons en CHVRCHES zonder daar eigenlijk al te veel moeite voor te doen. Jammer om dan te horen dat die muzikale lijn niet helemaal wordt doorgetrokken. Kies je voor een gegarandeerde succesformule, gooi dan openlijk de kaarten op tafel. Zou het kunnen dat de herinnering aan de Rock Rally net iets te zwaar doorweegt om alle idealen uit het verleden overboord te gooien?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 1 =