Manic Street Preachers :: ”Het is goed voor de ziel om al eens alleen te staan”

Twaalf platen ver in hun carrière, zijn Manic Street Preachers niet van plan om op hun lauweren te rusten. Nauwelijks negen maanden na het intieme Rewind The Film wordt het roer op Futurology alweer drastisch omgegooid. Op wat zijn Europese Plaat moet zijn, brengt de Welshe groep krautrock en postpunk en worden de grote artistieke thema’s verkend. “Kunst inspireert me tegenwoordig meer dan muziek”, klinkt het dan ook weinig verwonderlijk bij bassist Nicky Wire.

Vriendelijke man, die Wire, maar ook wat afstandelijk. Een half uur lang staar ik in een kleedkamer van de Ancienne Belgique naar twee spiegelende zonnebrilglazen. Maar de boomlange tekstschrijver is voorts opgewekt. Straks staat zijn groep alweer voor een uitverkochte zaal, en dat publiek mag zich al verwachten aan een voorsmaakje van het pas volgende week te verschijnen Futurology, het slotstuk van een tweeluik dat de groep in september van vorig jaar met Rewind The Film begon. Maar was het oorspronkelijke plan niet om alles op één plaat uit te brengen onder de titel 70 Songs Of Hatred And Failure?

Wire: (grijnst) “Dat klopt. We zijn ongeveer aan 39 tracks geraakt, waarvan de meeste op een van de twee platen of b-kantjes zijn beland, maar de rest was gewoon niet goed genoeg; niet meer dan ik die poëzie over een beat las. (schatert) ‘t Was een nogal nobele maar ijdele poging om 69 Love Songs van Magnetic Fields naar de kroon te steken. Ach, het zorgde ervoor dat alles kon in die opnamesessies. Soms is het goed om van een van de pot gerukt idee te vertrekken.”
enola: Wanneer viel de beslissing dat het toch twee aparte platen zouden worden?
Wire: “Dat werd gaandeweg glashelder eigenlijk. Het materiaal dat op Rewind The Film eindigde, was zo akoestisch en delicaat, heel introvert en Welsh; dat naast een bruut nummer als “Europa Geht Durch Mich” zetten, ging gewoon niet. Dat was te hard. Ergens halverwege daagde het ons dus dat het twee albums zouden worden.”
“Het is ook wel aangenaam om zo snel een nieuwe plaat uit te hebben. Toen ik jong was, kakten The Smiths non-stop platen. Elvis Costello kon daar ook iets van; King Of America en Blood And Chocolate bracht ie allebei in 1986 uit. Of kijk naar U2 die Zooropa niet lang na Achtung Baby releasten. Hun beste plaat ook trouwens, die eerste.”

enola: Zooropa is ook met nadruk de Europese Plaat van U2, zoals Futurology dat voor jullie is. Wat betekent het oude continent voor je?
Wire: “Europa is vooral een artistiek idee voor me. Muzikaal was ik altijd al beïnvloed door bands die dat op hun platen vorm gaven, zoals de vroege Simple Minds, Magazine, P.I.L.,.. en op die manier natuurlijk ook door de ritmes van Kraftwerk en Neu. Eigenlijk is er niets dat Europa zo één maakt als kunst. Zeker in het modernisme van de vroege twintigste eeuw was er een fascinerend moment waarop iedereen het futurisme van de moderne kunst leek te omhelzen. Weet je, ik heb op onze tours altijd veel musea en tentoonstellingen bezocht, en ik heb het gevoel dat kunst me meer inspireert dan muziek momenteel.”
“Neem nu “Black Square” van Malevitsj, dat zo vroeg in de vorige eeuw werd geschilderd: dat is postmodernisme nog voor die term is uitgevonden; een lijn in het zand die definieert dat het vanaf nu over gevoel en sensatie zal gaan en geen letterlijke interpretatie meer van hoe de dingen zijn. En dat idee is ook muzikaal vervolgens uitgewerkt in jazz, waar het meer om expressie gaat, als een muzikale versie van de expressionistische Die Brückebeweging.”
enola: Staan er daarom zowel op Rewind The Film als op Futurology enkele instrumentals; als een eigen vorm van die abstractie van jazz en Malevitsj?
Wire: “Dat is een van de redenen, waarom we dat idee onze eigen invulling wilden geven. Neem nu “Dreaming Of A City (Hughesovka)”, over die Welshman die Donetsk in Oekraïne heeft gesticht ten behoeve van zijn staalindustrie; dat wilden we puur in muziek uitdrukken. We hebben doorheen al onze platen al zo veel woorden geschreven, dat het soms voelt alsof het er te veel zijn, en we wel eens zonder kunnen. De muziek moet het verhaal nu maar eens vertellen.”

enola: Ik heb gisteren ter voorbereiding ook maar eens het futuristische manifest van Marinetti gelezen. De plaat heet uiteindelijk Futurology….
Wire: (schatert het uit) “Lichtjes controversieel hé, die tekst? En nog geen beetje seksistisch.”
enola: Op zijn minst. Maar wat we me fascineerde, was artikel negen “Wij willen de oorlog verheerlijken — enige hygiëne van de wereld —, militarisme, patriottisme, de verwoestende daden der anarchisten, de mooie ideëen waarvoor men sterft, en de minachting voor de vrouw.” En dan de songtitel “Let’s Go To War” op de tracklist van jullie plaat zien staan.”
Wre: (lacht) “Mooi gevonden maar helaas is “Let’s Go To War” eerder een wegwerpsong, eentje dat je in de lijn van “You Love Us” en “Masses Against The Classes” mag zetten: het idee om in vlammen strijdend ten onder te gaan. Het is een soort van dialoog met de fans, over het vieren van het idee dat het puurder is om onpopulair te zijn. Soms voelt het goed dat alle andere bands je haten; dat geeft je een gevoel van superioriteit. Beter dat dan lid zijn van de club waarin iedereen elkaar constant vertelt hoe goed ze zijn. Het is goed voor de ziel om al eens alleen te staan.”
“We zijn altijd zo’n band geweest waar je voor of tegen was, zonder middenweg. Eigenlijk zijn we maar op één moment echt populair geweest: in de laatste helft van de jaren negentig, en toen vonden onze oude fans het allesbehalve fijn dat mensen die zij niet konden uitstaan ons goed vonden. Ik begreep dat; ik ben ook zo geweest toen The Smiths groot werden.”

Welshmen én Europeeër

enola: Hoe zie jij de Britse houding tegenover Europa?
Wire:“Mja. Eigenlijk zijn we nog nooit zo Europees geweest als nu. We komen graag naar het vasteland, ons eten is meer en meer Europees, maar tegelijk is er dat sfeertje van geldverspilling dat rond de EU hangt dat voor een andere gemoedsgesteldheid zorgt. Ach, ik ben blij dat ik uit Wales afkomstig ben. Ik beschouw mezelf Welsh, Brits en Europees, en ben blij om dat alle drie tegelijk te zijn.”
enola: Toen Futurology werd aangekondigd als een Europees album was dat net zo goed met de vermelding dat het ook niet per se pro-Europa was, maar ook niet tegen. Enfin, jullie dekten je in aan beide kanten.”
Wire: “Omdat het daar ook zo niet om gaat. Het is niet zo’n Europese plaat. Het gaat me vooral om Europa als persoonlijke inspiratie. Een paar jaar geleden maakten we een tour door het hart van Europa en toen kwamen al die ideeën, die linken tussen artistieke en architecturale bewegingen en al die zaken. Het draait om de vreugde die een schilderij kan geven. Futurology is misschien wel ons minst politieke album ooit, maar eerder een plaat van ideeën. Eigenlijk is deze plaat een pak positiever dan onze andere. Hé, we hebben zelfs een nummer dat half in het Duits wordt gezongen en twee instrumentals; we hebben echt wel onze grenzen verlegd hoor.”
enola: Hoe hebben jullie eigenlijk “Europa Geht Durch Mich” geschreven?
Wire: “Met wat moeite. (grijnst) De titel is snel gekomen; zoveel basis Duits had ik nog wel van school onthouden. Ik hou van de klank van die taal; het heeft een hardheid maar ook een zekere schoonheid. Ik had de tekst van het nummer uiteindelijk wel in het Engels geschreven, maar voelde vrij snel dat er een stuk Duits in moest. Als David Bowie “Heroes” in de taal van Nietzsche kon brengen, dan konden wij dat met minstens een stuk van een song. En het moest ook een duet worden, dus zo zijn we beland bij het uiteindelijke resultaat. Nina (Hoss, mvs) heeft het overigens nog moeilijk gehad om de boel te vertalen.”
enola: Ze klinkt ook heel Teutoons, niet?
Wire: “Yeah. Dominatrix, a bit cabaret, dat zochten we: Alison Goldrap met een zweep. Dat was ook de muzikale invloed trouwens: “Strict Machine” van haar. Dat soort postpunk disco moest het zijn. Sexy, voor ons doen.”

enola: Het is het zoveelste voorbeeld van hoe jullie op jullie meest recente platen graag met gastvocalisten werken. Er was dus iéts waar van het verhaal na Postcards From A Young Man dat zanger James Dean Bradfield zijn stem beu was?
Wire: “Hij was het zingen wat moe, ja. Hij wilde songs kunnen verkennen op andere manieren, en dat is eigenlijk goed uitgedraaid als je hoort wat we met Richard Hawley hebben gedaan op “Rewind The Film” of nu met Georgia Ruth op “Divine Youth”. We hebben ons daarmee geamuseerd.”
enola: Je zingt zelf ook meer.
Wire: “Yup, omdat ik nu zelf ook meer muziek schrijf. Niet dat ik per se moet zingen, dus ik ben altijd blij als James zijn strot opentrekt. Al wilde ik niet dat hij “Divine Youth” zong, want dan had het eerder als “Everything Must Go” geklonken, en dat mocht niet.Het moest iets vrouwelijker worden, ietwat post-Lana del Rey. Ik heb de demo ingezongen, maar ik wilde het echt niet zelf opnemen voor de plaat. Wanneer ik wel iets wil zingen? Als het niet vals klinkt. Ik doe een fijne Lou Reed op zijn slechte dagen, maar meer niet.”

Oud, maar nog niet zó oud

enola: Voor de opnames kropen jullie opnieuw samen met Alex Silva, die ook al aan The Holy Bible heeft meegewerkt. Zocht je dat hoekige postpunkgeluid van toen terug?
Wire: ” Alex is in de jaren negentig naar Berlijn verhuisd, waar hij een plek heeft in de Hansa Studios. En we zochten toevallig dat Europese, Duitse krautrockgeluid dat zijn roots onder andere daar heeft. Het moest dus gewoon zo zijn: twintig jaar na The Holy Bible opnieuw met Alex werken was geweldig. Maar we zullen nooit meer zo bruut klinken als op die plaat. Daarvoor heb je de jeugd en pure haat van toen nodig. Die plaat was een geestesgesteldheid waarvan je jezelf niet kunt wijsmaken dat je ze nog hebt.”
“Ik denk trouwens ook dat Postcards From A Young Man (uit 2010, mvs) de laatste echte anthemplaat van Manic Street Preachers is geweest. “A last attempt at mass communication”, hebben we die plaat verkocht, en dat was het ook denk ik; we hebben er alle melodie en alle energie die we hadden in gestoken. Maar je weet gewoon dat als je aan je tiende plaat bezig bent en halfweg de veertig bent, dat je geen vijftienjarigen meer zult overtuigen. Enfin, het gebeurt nog hoor, we lokken nog altijd wel wat jongeren die onze oude platen hebben ontdekt, maar nu vonden we het tijd om (fluistert gewichtig) daarvan afscheid te nemen. Vanaf nu volgen we onze instincten meer.”

enola: Was Rewind The Film op dat vlak vooral een nodige plaat, om af te tasten wat andere wegen konden zijn?
Wire: “Ja, dat denk ik wel. Ik denk niet dat we ooit nog zo’n plaat zullen maken; daarvoor was die akoestische lieflijkheid ons te vreemd. Zeker live valt het ons zwaar om dat te reproduceren, daarvoor spelen we nog steeds te fysiek en energiek. Maar ik ben trots op onze Welshe versie van Bruce Springsteens Nebraska, want zo zie ik die plaat wel. We moesten dat eens uit ons systeem krijgen, maar laat ons het daar maar bij houden.”
enola: Gek dat je dat zegt. Het had een manier kunnen worden om waardig ouder te worden in rock. Afgaand op de interviews die jullie rond de release van die plaat gaven, was er toch een zeker besef van vergankelijkheid, lichamen die al dat springen op het podium niet meer aankunnen…
Wire: (lacht) “Ja dat klopt. Ik begrijp ook wat je bedoelt. Het had waardig kunnen zijn en ingehouden en alles wat we nooit eerder zijn geweest, maar je moet je nog altijd op je gemak voelen met het materiaal, zeker als je zo veel concerten speelt als wij. En eigenlijk vind ik het nogal beangstigend. Ik voel me naakt als ik dat live moet spelen. ‘t Is nogal moeilijk om recht “You Love Us” binnen te vlammen als je net de sereniteit van “Sullen Welsh Heart” hebt gebracht.”
enola: Je bent nog niet oud genoeg om die weg helemaal in te slaan?
Wire: “Zoiets ja. We hebben vorig jaar een beetje getourd met Rewind The Film en er hing toch steeds de vraag in de lucht of dat wel ‘ons’ was. Of we niet eerder weer het publiek moesten omverblazen met rock-‘n-roll.”

enola: En toch valt het me op hoe weinig jullie setlist de laatste jaren is veranderd. Op plaat mogen jullie dan nieuwe richtingen aftasten, steevast brengen jullie een greatest hits-optreden met hoogstens een paar afwijkingen.
Wire: “Dat weet ik zo nog niet. We speelden gemiddeld toch 42 verschillende nummers op onze laatste tours, maar er zijn natuurlijk heel wat songs waar we niet rond kunnen. Daarrond wisselt er al wel eens iets. Ten tijde van Rewind The Film hebben we opnieuw “Ready For Drowning” en “Elvis Impersonator” gespeeld, nu doen we opnieuw “Revol”. Maar er zullen altijd een stuk of tien nummers zijn die altijd aan bod komen, omdat je ze ook overal kunt spelen, of het nu Zuid-Korea of Brussel is. En dat zijn degene die mensen willen horen.”
enola: Voelt dat niet als een verplichting aan dan? Heb je nooit zin gehad om daar radicaal mee te breken?
Wire: “Toen we Journey For Plague Lovers hebben uitgebracht, met al die teksten van Richey (Edwards, de in 1995 verdwenen gitarist, mvs) speelden we die plaat integraal, en dat was eigenlijk niet zo leuk als je zou denken. Het was nogal niche, en het vroeg ook zo veel concentratie van ons om geen fouten te spelen dat het gewoon niet plezant was. Het werd een oefening in onthechting bijna. Ik kende de songs niet genoeg om zonder zorgen rond te springen en te spelen, terwijl ik dat nodig had. Ik drink noch rook, rock-‘n-roll is mijn drug, en die heb ik wel nodig.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 2 =