De Schoonheid van het lijden :: M Leuven

Museum M in Leuven heeft een patent op tentoonstellingen van werken van oude meesters, zoals momenteel Michiel Coxcie. In de nieuwbouw huist echter eveneens het stadsmuseum van Leuven, en er loopt momenteel een bescheiden tentoonstelling rond één schilderij uit de Sint-Pieterskerk te Leuven: Het martelaarschap van Sint-Sebastiaan.

Het thema rond de heilige Sebastiaan werd geschilderd door Josse Van der Baren in 1597 en hangt reeds vier eeuwen in een kapel van de Sint-Pieterskerk. De bedoeling van de tentoonstelling is om de confrontatie aan te gaan met het thema zoals het vierhonderd jaar later door een hedendaagse kunstenaar aangevoeld wordt: Gentenaar Philippe Vandenberg (1952-2009).

De tentoonstelling beperkt zich tot één zaal en deze situeert zich in de oude woning Vander Kelen-Mertens die de kern vormt van het oude deel van het stadsmuseum en waar de oorspronkelijke woonvertrekken thans dienstdoen als depotruimtes of cafetariagelegenheden. Om tot de tentoonstelling te raken, dient de bezoeker zich een weg te banen door een hele reeks zalen van het museum en heel wat trappen op en af te lopen. De bewegwijzering ernaartoe is zeker niet ideaal aangezien het de indruk van een soort verborgen tentoonstelling oproept.

De structuur van de ruimte is supereenvoudig: aan de rechterkant hangt het oorspronkelijke werk van Van der Baren, en aan de drie andere muren van de ruimte hangen in totaal dertien grafische werken van Vandenberg die verondersteld worden in confrontatie te gaan met het basiswerk. Een bezoeker die met het onderwerp niet vertrouwd is, heeft niet meteen een houvast om de expo te kaderen. Dit ontluistert als het ware het thema, een kenner zal meteen het eeuwenoude Sint-Sebastiaanthema zien verschijnen, maar het ontbreken van een duidelijke uitleg onder of naast het hoofdwerk en de beperking van de naamgeving onder het hoofdwerk tot naam en jaartal werken storend. Er is wel een zaaltekst ter beschikking, maar deze wordt vermoedelijk pas ontdekt wanneer men terug buiten wil gaan uit de zaal: ze bevindt zich namelijk niet in het zicht bij het binnentreden. Sint-Sebastiaan was een populaire heilige, maar de sfeer van geheimhouding die nu aan het werk gekoppeld wordt, is niet de juiste.

Het kernwerk kan inderdaad pas geplaatst worden na het lezen van de bijgevoegde tekst. Daar volgt de uitleg over het thema van de naakte Sebastiaan die aan een boom vastgebonden wordt onder het waakzame oog van de keizer en met pijlen doorboord wordt. Een dergelijke expo opbouwen rond één schilderij en één thema zou eigenlijk de ideale gelegenheid vormen om dieper in te gaan op de vervolging van christenen onder keizer Diocletianus, over de sociale stratificaties die meespeelden in de opkomst van het christendom. Of om de opmars van Sint-Sebastiaan in het pantheon der heiligen na zijn tweede marteldood (hij overleefde de pijlen miraculeus en bleef voor wonderen zorgen) te duiden. Zo zou er misschien een antwoord kunnen komen op de vraag waarom hij exact door Van der Baren als thema gekozen werd. Watde exacte bedoeling van de expo is en tot wie ze zich richt, blijven dan ook onduidelijk.

Een zelfde onduidelijkheid heerst bij de tekeningen van de hedendaagse kunstenaar Philippe Vandenbergh, het is eerst zoeken naar het figuratieve aspect van de afbeeldingen en pas na het lezen van de begeleidende teksten wordt duidelijk dat Vandenbergh zich afkeerde van het fysieke aspect van het schoonheidsideaal dat in de loop der jaren aan Sint-Sebastiaan is verbonden geraakt. Hij zag de mythe van de heilige eerder als een immaterieel iets, een reflectie van idealen, en vandaar ook zijn keuze voor potloodtekeningen. Ver weg van de hevige kleuren van het basiswerk aan de overkant, de focus leggend op het lijden van de gedachten. De tekst verduidelijkt ook waarom dit bij Vandenbergh voortkwam uit het trachten bedwingen van zijn eigen demonen, zijn obsessie rond het op papier krijgen van ideale vormen om tegelijkertijd die ideale vormen te ontdoen van fallische elementen die later in de geschiedenis zeker en vast met Sint-Sebastiaan geassocieerd raakten. Geen wonder dat Vandenbergh op een van de tekeningen de tekst noteerde: “Nous sommes tous des assassins”. Alleen zo jammer dat de bezoeker niets van al deze achterliggende bedoelingen uit de opstelling zelf kan halen.

Het thematische onderwerp van de middeleeuwer en de kritiek erop van de hedendaagse kunstenaar is een visie die wel vaker als onderwerp voor tentoonstellingen gebruikt wordt, alleen dient er voorzichtig omgesprongen te worden met zaalindeling, zaallocatie en omkadering om die confrontatie tot een goed einde te brengen. Specialisten vinden altijd hun weg in dit soort confrontaties, leken veel minder. Jammer voor de interessante heilige en vooral voor zijn gigantische invloed op de kunsten in latere eeuwen: deze aspecten blijven onderbelicht in de tentoonstelling.

Nog tot 2 maart 2014. Geopend zondag, maandag, dinsdag, vrijdag, zaterdag van 11 uur tot 18 uur. Donderdag van 11 uur tot 22 uur.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien + 8 =