TIPS VOOR 2014: Eefje De Visser :: “…als ik maar geen compromissen hoef te maken.”

De hele maand januari blikt enola.be vooruit op het jaar dat komt. In Tips voor 20134 laten we enkele van de meest belovende artiesten aan het woord. Hou ze in de gaten en onthou waar u voor het eerst over hen las.

Geen idee hoe ver onze Vlaamsche moedertong ons in deze door het Engels gedomineerde wereld zal brengen, maar ze stelt ons alleszins in staat om de teksten van noorderbuur Eefje De Visser te verstaan. Na debuut De koek in 2011, heeft ook moeilijke tweede Het is Nederland al enkele maanden geleden veroverd. Bij ons zal de plaat pas op 10 februari 2014 de rekken sieren, gevolgd door een tournee in het voorprogramma van Renee. Iets om naar uit te kijken!

Enola: Over de nieuwe plaat gesproken, een van de eerste dingen die opvallen is de hoesfoto. Eefje De Visser is eigenlijk niet aanwezig op het artwork van de eerste plaat, terwijl je nu met een portretfoto op de hoes staat, met je naam in grote letters. Je bent nu bekender. Was het een bewuste manier om daarop in te spelen?

Eefje: “Ik wilde heel graag wat anders doen, voornamelijk dat. En ik wilde mijzelf niet herhalen, en iets heel eenvoudigs en duidelijks doen. Iets wat eerlijker was. De vogeltjes op De koek waren heel mooi, maar ik sta er inderdaad niet zelf op. Nu wilde ik echt een soort directheid hebben, dat ik echt de camera inkijk, en dat het meer in your face is qua artwork. Maar vooral het eenvoudige vond ik belangrijk. Gewoon een foto met sterke letters, iets tijdloos. Ik wilde ook een modernere stijl dan bij de vorige hoes. Ik denk dat ik gewoon graag de verwachtingspatronen van mensen een beetje doorbreek. Ook met de sound van deze plaat heb ik best wel bewust andere keuzes gemaakt.”

Enola: Dat is inderdaad wel duidelijk. Die sound stemt ook wel overeen met de sereniteit van de foto. Nu, ik heb in veel interviews gelezen dat je zelf zegt dat je eigenlijk heel veel bent veranderd sinds je eerste plaat. Komt de stemming van de nieuwe plaat overeen met je persoonlijke evolutie?

Eefje: “Inderdaad, de stemming die in de plaat zit kwam ook overeen met de periode waar ik inzat. Ik had vooral zelf heel veel behoefte aan een wat warmer bad van muziek. Met de vorige plaat wilde ik de hele tijd verrassend zijn, was ik heel erg op zoek naar muziek die continu prikkelde als het ware. En nu wilde ik iets heel… inderdaad, sereens, dat woord was eigenlijk nog niet in me opgekomen. Ik was niet meer zo bezig met continu spannend zijn.”

Enola: De plaat klinkt bijzonder mooi, met heel veel ruimte. Het is opgenomen in een theater, niet?

Eefje: “Niet in een theaterzaal, maar in de backstage van een theater in Utrecht. Midden in het centrum van Utrecht zit een heel groot winkelcentrum met een heel klein theatertje, dat ongeveer dertig jaar geleden werd gebouwd, maar dat daarna jaren gesloten is geweest. Sinds ongeveer een jaar is dat theater opgeknapt en heropend. Er kunnen maar vijftig mensen in of zo, ‘t is echt heel klein. De backstageruimte heeft heel veel ramen, daar kan je over de hele stad uitkijken. Het is er heel licht en de akoestiek is daar heel goed, dus we hebben in die ruimte de plaat opgenomen, inderdaad.”

Enola: Is het live opgenomen met heel de groep, of toch meer traditioneel? Ik stel deze vraag omdat ik mij de bedenking maak dat het tegenover de eerste plaat in zekere zin meer klinkt als het werk van een groep dan als het werk van een individu.

Eefje: “Dat klopt… Nu, het klopt eigenlijk niet. Ik heb eerst alles zelf ingespeeld wat er ingespeeld kon worden, ook zonder click-track. Alle gitaren, zang, koortjes, toetsen… Dat heb ik allemaal eerst gedaan, en daarna is de band erbij gekomen. Dus de basis hebben we niet met zijn allen gemaakt. Maar wat ik wel graag wilde was meer eenheid in het album. Daarom heb ik ook bewust met veel minder muzikanten gewerkt. En de meeste muzikanten waar ik nu de plaat mee heb opgenomen zitten al lang in mijn band, dus die zijn inmiddels goed op elkaar ingespeeld. Op de vorige plaat spelen iets van een 21 of 22 verschillende muzikanten, nu zijn dat er maar 6. Ik hoopte daarmee ook een eenduidiger geluid te kunnen maken, doordat hun eigen stijl natuurlijk ook heel erg in die plaat zit, en dat niet 3 verschillende drummers met 3 verschillende stijlen zijn.”

Enola: Je nieuwe album vertoont echt wel een heel sterke evolutie ten opzichte van De koek. Het klinkt echt behoorlijk anders, niet alleen muzikaal, maar ook wat betreft gevoel en teksten.

Eefje: “Ja, dat klopt ook. Ik heb een hele andere state of mind gehad tijdens het maken van deze plaat. Er is ook ontzettend veel gebeurd. Mijn visie op muziek maken is erg aangescherpt door alle mensen met wie ik gewerkt heb en door veel live te spelen, en hoeveel ervaring ik heb opgedaan door met een band te spelen, bijvoorbeeld. En ik denk dat ik ook wel rustiger ben geworden, omdat het allemaal heel goed ging. De koek kwam uit, en eigenlijk gebeurden er allemaal fantastische dingen. We zijn heel veel gaan spelen ; we hebben festivals, clubs, theaters,… kortom alles gedaan, en dat gaf mij ook het vertrouwen dat ik kon doen wat ik wilde, en dat ik iets goeds deed. Ik vind dat het op een bepaalde manier een wat minder aandacht trekkerige plaat is geworden, snap je? Op De koek was ik nog meer bezig met echt anders zijn dan alle andere singer-songwriters, want er wordt zoveel uitgebracht, en je moet wel echt iets heel opvallends doen wil je terechtkomen tussen de mensen die succes hebben. Met deze plaat heb ik dat gewoon losgelaten, en wilde ik helemaal mijn gevoel volgen.”

Enola: Op zich is dat wel ironisch. Nu je blijkbaar niet meer bezig bent met los te willen staan van de massa, slaag je er eigenlijk nog beter in om er net wel van los te staan.

Eefje: “Grappig genoeg wel. Tenminste, laat ik het zo zeggen, ik was natuurlijk heel benieuwd naar hoe de plaat ontvangen zou worden, en ik besefte dat die best wel anders was dan de vorige plaat. Maar tot nu toe pakt het alleen maar beter uit, en merk ik ook dat deze muziek beter aansluit bij mijn stem, bijvoorbeeld. ‘t Is gewoon een goeie ontwikkeling, denk ik.”

Enola: Je zei ook eens dat het succes van die eerste plaat je heeft doen beseffen dat er niet alleen een publiek voor je muziek is, maar dat mensen ook luisteren naar je teksten. Ben je daar ook mee bezig, nu? Dat je soms bepaalde dingen liever niet schrijft, omdat het naar buiten zal komen, en je sommige zaken misschien liever gewoon voor jezelf houdt?

Eefje: “Dat is ook wel zo, dat ik niet wil dat mensen letterlijk een kijkje in mijn hoofd kunnen krijgen. En ik wil dat mensen ook hun eigen verhaal in die liedjes kunnen stoppen. Dat mag een beetje abstract blijven, wat mij betreft.”

Enola: Het is misschien wat ver gezocht, maar ik heb soms ook de indruk dat er een zekere desillusie in de muziek gekropen is. Het is minder naïef dan de eerste plaat. Ben je het daarmee eens?

Eefje: “Je bedoelt dat ik gedesillusioneerd ben door de wereld?”

Enola: Inderdaad.

Eefje: “Ik heb niet het idee dat ik naïever was toen ik De koek schreef, maar het was wat sociaal wenselijker wat ik toen maakte. Ik kom een beetje uit het opdrachtschrijven. Ik wilde altijd songwriter worden, niet zozeer singer-songwriter. Ik wilde echt liedjes schrijven in opdracht. En dan denk je heel anders over muziek. Dan denk je veel meer na over je onderwerp, en over hoe je moet schrijven en wat je gaat schrijven. En doordat ik van tevoren ging nadenken over waar ik het over ging hebben, werd het wat letterlijker. Het is alsof ik koos voor de naïviteit. De laatste liedjes die ik schreef voor De koek, liedjes als “Trein”, “Genoeg” en “De Stad”, zijn al wat volwassener in stijl. Ik denk dat ik mijzelf kaders ging geven omdat ik m’n gedachten niet de vrije loop liet Binnen die kaders kwam ik gewoon tot een wat minder fantasierijk en minder ‘echt’ geheel.”

Enola: In een ander interview zei je dat je wil dat er vriendelijkheid is in je muziek. Is er te weinig vriendelijkheid in de wereld?

Eefje: “Is er te weinig vriendelijkheid in de wereld? (beslist) Nee, ik vind soms dat er te veel vriendelijkheid is in de wereld. (lacht) Nee, dat is niet waar. Er is een verschil tussen vriendelijkheid, vind ik, en sociale wenselijkheid, snap je? Dat is ook vriendelijkheid, maar dat is niet echt. En dat zie ik wel veel om me heen, en daar houd ik niet van. Daar heb ik ook wel over geschreven, over het losbreken uit die sociale wenselijkheid, meer je eigen weg vinden en daarin ook gewoon niet correct zijn en niet alles goed willen doen. Ik wilde dat het een sussende plaat werd. Ik wist dat het een wat donkerdere plaat zou worden, een plaat die wat serieuzer was, en daar tegenover wilde ik iets hebben dat gewoon warm en vriendelijk was. Ik wilde niet dat het iets pretentieus zou krijgen. Ik wilde ook dat het gewoon toegankelijk en vriendelijk was, inderdaad, en dat bedoel ik daar eigenlijk mee. Maar ik vind vriendelijkheid een beetje een tricky woord. Het kan op verschillende manieren worden geïnterpreteerd. Natuurlijk houd ik van vriendelijkheid, maar ik houd niet van hypocrisie. Laat het me zo zeggen dat ik echtheid belangrijker vind dan vriendelijkheid. Authenticiteit.”

Enola: Mensen moeten meer zichzelf zijn, met andere woorden.

Eefje: “Ja, en dan ook maar onaardig en andere mensen kwetsen, maar beter dat dan op je tenen lopen en de hele tijd proberen niemand te kwetsen. Dat vind ik vervelender. En ik denk dat je daarmee eigenlijk een soort schijnwereld maakt.”

Enola: Als ik het goed begrepen heb, werk je tussendoor nog in een café?

Eefje: “Klopt. Ik ben daar net mee gestopt, want het werd weer veel te druk. De plaat was voor de zomer af en na de zomer kwam ze uit, dus had ik precies die hele zomer vrij. Ik hou niet van teveel vrije tijd en ook niet van heel weinig geld, dus toen ben ik maar gewoon gaan werken. (lacht) Ik vond het ook fijn om even iets totaal anders te doen, iets heel actiefs, zonder zelf keuzes te moeten maken. Iets waar je je hoofd niet bij hoeft te gebruiken.”

Enola: Stel dat je echt goed zou kunnen leven van je muziek — ik wens het je trouwens ook toe — is dat dan geen bijkomende druk? Dan moet je ineens creatief zijn, en moet je met een product naar buiten komen. Ineens is het allemaal moeten in plaats van willen en kunnen.

Eefje: “Ik heb altijd gezegd, en dat doe ik nog steeds, dat ik liever gewoon een bijbaantje neem als me dat vrijheid geeft. Ik vind het geweldig dat ik het grootste gedeelte van de tijd kan leven van mijn muziek. Dat hoeft niet ruim te zijn of zo, als ik maar geen compromissen hoef te maken. Dat is voor mij eigenlijk heel vanzelfsprekend. Daarom ben ik ooit muziek gaan maken, gewoon omdat ik mooie dingen wil maken. Daar draait het allemaal om.”

Enola: Ja, maar er zijn wel meer mensen die met die instelling beginnen maar die gaandeweg verliezen, omdat ze juist terecht komen in een of ander systeem waarin dat allemaal niet meer mogelijk is. Is het dan geen opgave om die originele visie te kunnen behouden ?

Eefje: “Ik denk dat het heel erg scheelt dat ik geen platenmaatschappij heb. Ik doe alles in eigen beheer, en werk met een heel klein clubje samen: mijn manager en booker, Jacco, en iemand die zich met promo bezighoudt. Met zijn drietjes doen we alles. En natuurlijk de band, daardoor blijft het superpersoonlijk. Als ik hoor van andere mensen die bij een platenmaatschappij zitten, die hebben helemaal niet zo’n nauw contact met de mensen met wie ze werken, en dat zou ik echt heel vervelend vinden. Maar daardoor ben ik heel vrij en verwachten mensen weinig van me, en kan ik het heel erg op mijn eigen manier doen. Dat vind ik heel prettig.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien + 6 =