Sukilove :: 7 december 2012, Trix

De beste band van België is Sukilove. Laat dat nu toch nog maar eens uitentreuren herhaald. Ook in Trix, op een wat late “album release show” bewees de groep rond Pascal Deweze dat er binnen de grenzen van deze driehoek geen meer inventieve band is.

Hoe frustrerend dus om ook nu nog altijd niet om de woorden “goedbewaard” en “geheim” heen te kunnen. Zelfs na vijf platen die nooit minder dan sterk zijn, blijft Sukilove een groepje voor de liefhebbers. Voor zij die ook na Metal Molly en de eerste solopasjes met “Talking In The Dark” bleven luisteren. En zagen en hoorden dat Deweze alleen maar beter werd. De lievige gitaarliedjes van het begin werden brute monsters, hoekig en dwars, maar dan zo minutieus gearrangeerd en van een gouden hook voorzien dat drie keer luisteren verkocht zijn is.

Ook Drunkaleidoscope, de recentste worp van dit vijftal, is opnieuw een spannende plaat die de luisteraar naar onverkende hoekjes meeneemt, om pas daar hun geheimen te onthullen. En om dat te bereiken, telt de groep tegenwoordig twee drummers: naast de vertrouwde Stoffel Verlackt neemt vanavond ook oud-bassist Helder Deploige achter de trommels plaats.

Wat bij opener “Calm” meteen opvalt, is hoe vanzelfsprekend de strakheid is waarmee de groep speelt. Dit zijn topmuzikanten die hun kunst tot in de puntjes beheersen, en er net daarom zo losjes kunnen over gaan. En zonder verpinken met zijn vijven de harmonieën verzorgen. Want dit mag dan wel Dewezes geesteskind zijn, en dat van hem alleen, Sukilove is met nadruk een groep, en speelt ook zo.

Met het accent op ritme mag er gedanst worden. Het op plaat wat woelig kabbelend “Beatlesnake” wordt hier forser aangezet. Gitarist Sjoerd Bruil gaat loos op zijn gitaar, als had hij nood aan compensatie nadat het op Drunkaleidoscope zoeken was naar ruimte voor zijn snaren. Een oudje als “Blood And Milke Makes Holy” heeft dat niet nodig; dat was altijd al op kracht spelen.

In “New Beginning “, van op Static Moves uit 2009, valt nog eens op hoe veel de modus operandi van Sukilove gemeen heeft met het huidige Radiohead: alles ophangen aan het ritme, maar toch altijd die melodie houden die de boel aan elkaar lijmt. Dat is ook zo bij single “Lancelot”: pure sexfunk op zijn Prince, met een Deweze die zijn beste falset bovenhaalt. “Onze “Bohemian Rhapsody””, grapt Deweze na afloop, maar we hebben geen idee wat hij daarmee wil zeggen.

Met het duo “Somehow Someday” en “Memory As A Skull” bouwt de groep een stevige climax aan zijn set. Het eerste is inventieve dansfunk, rollende baslijn incluis, zoals zelfs The Rapture ze nooit heeft kunnen bedenken, en het tweede is opgefuckte freakrock: uit snaren geperste waanzin die aangevuurd door de dubbele percussie helemaal een stomp in de maag wordt. Bruils eeuwige antwoord “I shall control myself” op Dewezes opgenaaide kreten maken de gekte alleen maar erger, het doorjagende ritme dwingt tot dansen. Dit is Sukilove op zijn sterkst.

Laat u dus niets wijsmaken: er is niets moeilijks aan Sukilove. Dit optreden was nooit voorspelbaar, maar wel sexy, groovy, opzwepend en soms zelfs meezingbaar. Alles wat je wil dus van een goeie rockband. Deze groep hoort ooit Werchter te headlinen. Op de Main Stage. Hoor je dat, Herman?

Allez, kom: The Barn openen is ook al goed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien − 1 =