Portishead :: 17 juli 2012, OLT Rivierenhof

Dat het Rivierenhof zo mooi was, hadden ze gehoord. Dus wilde Portishead voor zijn zomertour ook wel eens deze kleinere plek op het lijstje zetten. Het leverde een hoop problemen op voor de organisator, maar die werden stuk voor stuk weggevaagd met een overtuigende set van het Britse collectief.

Het was nochtans een gedoe geweest, vooraf. Van de ticketverkoop was ongelukkigerwijs een loterij gemaakt (met een schiftingsvraag, begot), en gisterenmiddag werd het aanvangsuur van Portisheads set nog eens met een half uur verlaat, zodat het openbaar vervoer geen optie meer werd. Van ontevreden gezichten binnen echter geen sprake: Portishead kreeg van een bij momenten bijna hysterisch publiek een open doekje.

We begrijpen die uurverschuiving ook wel. De ingetogen triphopmuziek van de zeskoppige band werkt het beste als er enige duisternis mee is gemoeid. Portishead heeft een tikje mystiek nodig, en dat is er aanvankelijk niet echt: nog half in het daglicht, met je neus er dicht op, zié je Beth Gibbons, Geoff Barrow et les autres net iets te goed. “Silence” is dus maar een aarzelend begin, met een frontvrouw die nog wat onwennig rondhangt – doet ze altijd, en dat werkt, maar je mag er niet te veel licht op zetten.

Bij “Mysterons” valt alles in zijn plooi. De nacht is ondertussen gevallen, en het nummer klopt met de natuurlijke omgeving. Het is geen toeval dat net de songs van debuut Dummy hier het beste pakken: minder dan zijn twee opvolgers heeft de plaat een intieme, warme klank die deze mooie plek past. Vandaag valt immers heel hard op, hoe verschillend Portisheads gezichten zijn: de industriële kilte van Portishead (1997) wringt hier bijna, maar gelukkig put de groep op deze tour slechts zelden uit die nochtans puike plaat. Wanneer “Cowboys” valt, helemaal op het einde, speelt de groep al even op kracht, en dan kan dit. Het andere nummer is een ingetogen “Over”, dat helemaal past.

Met twee percussionisten, een bassist en gitarist Adrian Utley worden de songs ingekleurd. Het is echter muzikaal brein Geoff Barrow die voor dat extraatje zorgen. Het is zijn geheel aan loops, scratches en kleine haperingetjes die de nummers hun magie geven. In “Magic Doors”, bijvoorbeeld, waarin Gibbons croont “I’m losing myself / My desire I can’t have”, en Barrow daar een stotterend loopje onder legt. Een torchsong, maar dan voor deze tijden. Kippenvel bij een mooi “Wandering Star”, dat de zangeres gehurkt bij de drumriser zingt. Een manier om zich weg te cijferen, nu de band rond haar even tot drie is herleid.

Maar Portishead kan ook venijnig uithalen. In “Machine Gun” daveren de beats, ratelen de snaredrums. De loodzware break in net nochtans zo emotionele “Glory Box” wordt bijna een dubstepdrop. Het publiek weet even niet meer waar het het heeft nu dat nummer weerklinkt overigens: de idolatrie druipt op de Dummy-momenten van de trappen. Het is duidelijk dat de plaat in 1994 meer dan een paar harten midscheeps heeft geraakt.

In vergelijking met de elf jaar die tussen Portishead en Third (2008) zat, is het nog niet zo lang geleden dat de groep een nieuwe plaat maakte. Toch zou de groep langzamerhand “al” de studio in gaan. Het enige nieuwe nummer dat vanavond echter passeert is “Chase The Tear” dat de groep al twee jaar geleden aan Amnesty International schonk. Afgaand op het nummer wijkt de groep voorlopig niet af van de meer krautrockachtige richting die op die laatste plaat werd ingeslagen.

In zijn laatste kwartier stijgt Portishead boven zichzelf uit. De ijzingwekkende finale van setsluiter “Threads” waarin Gibbons herhaaldelijk manisch “I’m tired” uitschreeuwt, en Utley met een kettingzaaggitaar eindigt, gaat door merg en been. De eerste bis moet wel zalven met een intriest en desolaat “Roads”.

Een laatste keer rollen met de spierballen: de Silver Applesode “We Carry On” dendert ongenadig over de tribune. Gibbons verlaat het podium, terwijl Utley naar voren wandelt om de gitaarlijn steeds steviger te herhalen. Portishead was voor het tweede jaar op rij één van de uitschieters van de zomer. Laat die nieuwe plaat maar komen: wij willen meer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 + twaalf =