FESTIVALPARCOURS :: C-mine jazz 2012 :: Verregaande verbreding

Woelige tijden in Genk, waar het C-mine jazzfestival opnieuw een grondige facelift ondergaat. Of toch niet, want het evenement, dat na jarenlang bekend geweest te zijn als het Motives Festival herdoopt werd tot C-mine jazz, was altijd al een buitenbeentje onder de jazzfestivals. Op 13 en 14 april zal opnieuw een bonte verzameling artiesten te horen zijn in de schaduw van de koolmijnen.

Kersverse programmator Michel Bisceglia liet onlangs nog in Jazzmozaïek optekenen dat de vorige editie, ondanks een verscheiden affiche, een tegenvaller was wat de publieksopkomst betrof. Vandaar de beslissing om nog verder te gaan in de verbreding. Wie de vorige keer al "dit is geen jazz" verzuchtte tijdens sommige optredens, doet er dan ook goed aan om het programma eens goed te bestuderen. Ofwel de sprong in het diepe te wagen en zich neer te leggen bij het feit dat C-mine jazz intussen staat voor meer dan jazz, want terwijl er vroeger steeds wel een link met het genre te vinden was, desnoods na even zoeken, is die deze keer minder duidelijk bij sommige artiesten. Boeiend, dat wel, maar je zou haast gaan denken dat een droog en algemeen C-mine festival een correctere naam zou zijn.

Nochtans zijn er een paar kleppers van de partij die nu ook weer wat extra volk op de been zullen brengen. Zo is de zeer klassiek georiënteerde Jamaïcaanse pianist Monty Alexander al jaren een graag geziene gast op allerhande festivals. Hetzelfde geldt voor bassist Miroslav Vitous, een van de stichtende leden van fusionmonument Weather Report, die zowaar een soloset zal spelen. Ook Mulatu Astatke, de vader van de Ethiopische jazz, is een naam waar het festival best trots op mag zijn, want de bijna zeventigjarige artiest heeft een terecht legendarische status en staat nog steeds garant voor goed onthaalde concerten. Tenslotte treedt ook het Fly Trio aan, met Jeff Ballard en Larry Grenadier, beter bekend als ’de ritmesectie van Brad Mehldau’, die het hier doen met de saxofonist Mark Turner. Iets om naar uit te kijken.

Een sterke festivaltraditie is ook het introduceren of promoten van genreoverschrijdende jazzacts die het genre in contact brengen met de moderne popmuziek. Wat de nieuwe lichting betreft valt o.m. de aanwezigheid van pianotrio Phronesis op, dat goed op weg is om de leemte in te vullen die het Esbjörn Svensson Trio achterliet. Misschien nog intrigerender is de door invloedrijke dj Gilles Peterson de lucht ingeprezen trompettist Matthew Halsall. Was het vorig jaar het bejubelde Portico Quartet dat de Noordzee overstak, dan heeft de bezoeker nu de kans om dit aanstormende talent voor het eerst op Belgische bodem aan het werk te zien.

De Belgen zijn trouwens ook goed vertegenwoordigd. Het Pascal Schumacher Quartet past met z’n stijlvolle, moderne sound prima in dit festivalprofiel. Frank Vaganée, leider van het recent nog gelauwerde BJO, komt met zijn Trio en gaat een samenwerking aan met visuele artiesten Cyclop Max, terwijl de Luikse drummer Mimi Verderame, een oudgediende bij Toots Thielemans, ongetwijfeld een stijlvol potje old school jazz zal spelen met zijn kwintet. Dan zijn er ook nog Bruno Vansina en Frank Deruytter, die speciaal voor deze gelegenheid een Amerikaanse klepper hebben ingehuurd. Deruytter haalde drummer Peter Erskine aan boord, terwijl Vansina vibrafonist Steve Nelson van het Dave Holland Quintet wist binnen te halen. Dat concert is dan ook een van onze supertips.

Tenslotte is er nog het rijtje bands en artiesten waar de relatie met jazz wat diffuser is. Het ritmisch eigenzinnige Yuko, dat valt nog te verklaren. Maar wat te denken van het minimalisme van A Winged Victory For The Sullen, folkie Sam Amidon, diva’s Lizz Wright en Tania Maria en culticoon Daniel Johnston (die met jazz enkel een zekere onvoorspelbaarheid gemeen heeft). Klassieke jazz valt er niet te bespeuren, een eclectische mix zeker wel. Zoals gewoonlijk zijn er ook een paar lokale projecten, zoals het Muze Jazz Orchestra, dat iets gaat doen met Zappa, het talentproject Genk Young Lions en is er nog een lokale vertegenwoordiger met Arne Van Coillie, die een thuismatch mag spelen. Dat laatste is ook zo voor Mauro Pawlowski, die dj is op 13 april, terwijl Buscemi dat de dag erna herhaalt.

Persoonlijk weten we niet goed wat te denken van de overschakeling naar drie podia en een later startuur, waardoor je een paar keer keuzes zal moeten maken en minder concerten te zien krijgt, maar ook C-mine jazz wil en moet overduidelijk mee met z’n tijd. De editie van 2010 was alleszins een boeiende tweedaagse en dat zal nu ongetwijfeld herhaald worden.

Het festival vindt plaats op vrijdag 13 en zaterdag 14 april in het C-mine cultuurcentrum. Meer info over tickets, uurschema’s etc. is te vinden op de website.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vier =