Coldplay :: Mylo Xyloto

Kijk: Parachutes en vooral A Rush Of Blood To The Head behoren tot de belangrijkste, zo niet beste platen van vorig decennium. X & Y had best wel goede songs in een behaagzuchtige, verstikkende productie en het sterke Viva La Vida was allerminst evident voor een band van dit allooi. Zulke uitspraken maakten deze (pn) de laatste Mohikaan op de goddeauredactie. En dan krijg je dit.

Want wat is dat met Mylo Xyloto? Is het niet beter kunnen of niet beter weten? Het tweede heeft altijd al de grootste op plaat geperste ellende veroorzaakt. Mylo Xyloto past ook in die ellenlange line-up voor het vuurpeloton van muzikale relevantie en smaak. Dit is geen album, maar een samenraapsel van guilty pleasures van de jaren negentig en tachtig, geretoucheerd met instant belegen riffjes, foeilelijke synths en een elftal variaties op “oh-oh-oh”. Dat alles in een afschuwelijke, samengeperste blikken klank — te danken aan maar liefst drie producers en Brian Eno (die zorgde voor de “enoxification” staat in de liner notes — leuke vondst jongens, leuke vondst.)

Dit gaat verder dan de behaagzucht van een stadionband. Dit is de eigengereidheid van weleer tournee per tournee zien verdampen tot een soort “creatieve” eigendunk. Een trouwfeest van zelfverheerlijking met een paar zatte nonkels te veel. “Kijk eens waar wij mee kunnen wegkomen.” Wat verklaart anders iets als “Every Teardrop Is A Waterfall”, behalve dan dat er niemand meer op tijd stottert: “Nee Chris, geen goed idee”. Of erger nog: dat hij er niet meer naar luistert. Een plaat opgebouwd uit samples en ideeën van one hit wonders en foute hitjes is zelf zo vergankelijk als GFT-afval. Ideaal voor de Amerikaanse markt dus, want dat lijkt nog de enige betrachting van deze band te zijn.

Wat drijft anders in se fantastische songschrijvers tot een sonore nachtmerrie als “Princess Of China”? Geen toeval dat Rihanna mag meedoen. Verontwaardigd met het vingertje foeteren dat ze “commerciële nestbevuiling” is, is er hier echter niet bij — betrapte u zichzelf daar even op, luister dan eens dringend naar My Beautiful Dark Twisted Fantasy. Daar acteert ze dankzij songs die niet ontstaan uit gimmicks, maar vanuit inventieve ideeën wel op niveau. Willen doorbreken of een groter publiek bereiken moet dus heus niet altijd met de broeksriem al in de hand, Chris. Te wijten aan platen als Mylo Xyloto blijft “commercieel” een hol stigma voor lui die zichzelf, bij gebrek aan anderen, te interessant vinden.

Een groep die destijds onterecht werd verweten een Radioheadkloon te zijn, haalt nu op het trommelvliesabces “Paradise” de mosterd bij Roxette. Het mondt uit in een song die opgebouwd is rond een al op voorhand gescandeerd “oh oh oh”, en geeft halverwege zelf middels handgeklap al aan hoe de handjes op elkaar moeten op het concert binnenkort. Als een Geert Hoste die tussen dédain en bezorgdheid z’n eigen moppen telkens uitlegt. Mylo Xyloto is een plaat die vooral niet wil doen nadenken. Het tegendeel was waar op Viva La Vida: de thematiek, de eerste single “Violet Hill” en de echte albumopener “Cemeteries Of London” daagden het gros van hun publiek uit, dwongen te luisteren. Het was een plaat die goochelde met stadionconventies. Mylo Xyloto vergroot ze uit in een wanstaltig spiegelpaleis.

Live op Werchter klonken songs als “Hurts Like Heaven”, “Charlie Brown” en “Major Minus” nochtans beloftevol. Op plaat worden ze volgepropt met irritante geluiden in een morsige productie die er beide op gericht lijken de aandacht van de songs af te leiden. Omdat de spoeling te dun is. Ook Martin zelf is belabberd bij stem en trapt vrolijk door alle sporten van de toonladder alsof hij per se niet als zichzelf wil klinken. Zichzelf beu gehoord? That makes two of us, Chris. Het verklaart mede het krampachtig hippe gestoei met vocoders en effectjes op de stem.

Op z’n best is Coldplay op dit moment zelf een guilty pleasure — een mens zou geloven dat ze dat net beogen: het mooie “Us Agains The World” is een stiefzusje van “The Scientist”, dat live begin juli in Werchter toch kippenvel veroorzaakte door een band die de essentie even herontdekt leek te hebben. Helaas. Het is nog even lachen en daarbij een beetje gal ophoesten wanneer “Up In Flames” à la “Teardrop” van Massive Attack begint, maar wat volgt is gejankte leegte. “Don’t Let It Break Your Heart” is Coldplay anno nu op automatische piloot die alle gebreken van het gepasseerde halfuur nog eens netjes op een rijtje zet. Afsluiter “Up With The Birds” doet zo hard de schouders ophalen dat ze uit de kom schieten.

Mylo Xyloto is een stadionplaat voor de Spongebobgeneratie, gemaakt voor lichteffecten, gebrouwen rond meezingmomenten. Een Clouseauplaat dus. “Give me real don’t give me fake” was Coldplays devies ten tijde van A Rush Of Blood, een sneer naar alle bands die in hun kielzog ontstonden. Toen nog trendsetter, nu trendbevuiler.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − 3 =