Het 2010 van Laurent Deprins

Geen echte top 10; wel een kopgroep van vier namen die ver boven
de rest uitstaken, en een meer dan verdienstelijke groep van zes
achtervolgers. Nog verderop volgen het peloton met de geklopten en
de bus met de gelosten…

De Grote Vier:

Wyatt, Atzmon & Stephen: For the Ghosts
Within
Samen met saxofonist Gilad Atzmon en violiste
Ros Stephen brengt Robert Wyatt elf bloedmooie, eigenzinnige
versies van jazz classics en herinterpretaties van eigen werk. Het
resultaat is een warme, sfeervolle plaat die zich het best laat
omschrijven als ‘kamerjazz’ met hier en daar zelfs een vleugje
elektronica en hiphop.

Bruce Bherman:
Untagged Friends
Met de hulp van enkele gerenommeerde
muzikanten uit eigen land (vooral gitarist Wouter Spaens mag gerust
dé revelatie van het jaar worden genoemd) en van Kurt Wagner
(Lambchop) en Tony Crow (Lambchop, Silver Jews) brengt Bruce
Bherman pop, rock, jazz, americana en singer-songwriter samen op
een schitterende dubbel-cd.

Paul Weller:
Wake Up the Nation
Nadat de Modfather in 2008 zijn
vijftigste verjaardag luister bijzette met ’22 Dreams’, gemeenzaam
zijn ‘plattelandsplaat’ genoemd, brengt hij twee jaar later met
‘Wake Up the Nation’ een nieuw, even gevarieerd album uit, dat deze
keer kan dienen als soundtrack bij een avondje uit in een bruisende
metropool.

Spencer the
Rover: The Accident (And Other Love Stories)

Koen Renders levert de perfecte popplaat af: hij verpakt een
verhaal over een driehoeksverhouding in een album vol eerlijke,
aanstekelijke en klassieke pop, waarin echo’s weerklinken van Brian
Wilson, The Beatles en andere bedenkers van geniale melodieën en
harmonieën.

De zes achtervolgers:

I Am Kloot :
Sky At Night

Nadat de stadsgenoten en vrienden van Elbow en Doves al in min of
meerdere mate mochten genieten van commercieel succes en extatische
recensies, wordt het stilaan hoog tijd dat deze eer ook I Am Kloot
te beurt valt. De groep ontbeert misschien de catchyness van Doves
en het charisma van Elbow, hun songs getuigen van evenveel
vakmanschap en klinken minstenes even oprecht en doorleefd als die
van de concurrentie.

Field Music: Measure
2010 begon meteen met
een grote verrassing: Field Music, het trio dat nog niet zo lang
daarvoor gesplit was (en opgesplitst in The Week That Was en School
of Language), pakt uit met een dubbelaar boordevol sprankelende
popsongs. Een betere kruisbestuiving van The Beatles, XTC, Steely
Dan et tutti quanti hebben we in jaren niet meer gehoord.

The National :
High Violet

Tja, is over deze plaat intussen niet alles gezegd?

Gorillaz:
Plastic Beach

Ooit al eens afgevraagd hoe een pretpark zou klinken, wanneer je
dat op muziek zou zetten? Zoals ‘Plastic Beach’ dus, een plaat als
een toverbal uit de fabriek van Willy Wonka.

!!!: Strange Weather, Isn’t It?
Na het
vertrek van één van de stichtende leden en de jammerlijke dood van
live drummer Jerry Fuchs, pakten donkere wolken zich samen boven de
hoofden van de overblijvende groepsleden. De band slaat echter
terug met een knoert van een feestplaat, die misschien niet over de
hele lijn overtuigt, maar op zijn best op onnavolgbare wijze funk,
punk en clubmuziek samenbrengt, en een idee geeft van hoe de Happy
Mondays hadden kunnen klinken als ze zich meer op hun muziek hadden
gefocust dan op narcotica.

The Courteeners : Falcon
Hun eerste
langspeler moest nog concurreren met de op dat moment ‘fel gehypete
wave gloednieuwe, piepjonge gitaarbandjes’ die vanuit Londen
stormenderhand de wereld veroverden. Voor hun tweede plaat slaan ze
de handen in elkaar met producer Ed Buller, de man die in de jaren
’90 ook al samenwerkte met o.a. Suede en Pulp. Zo klinkt ‘Falcon’
dan ook, als een destijds over het hoofd geziene en onterecht
onderschatte Britpopplaat.

Voor de rest heb ik me bij momenten ook best geamuseerd
met:

LoneLady, Klaxons, Tame Impala, MGMT, The Coral, Manic Street
Preachers, Yeasayer, Vampire Weekend, RPA and the United Nations of
Sound en Badly Drawn Boy.

Albums waar ik (veel) meer van
verwachtte:

LCD Soundsystem, The Bees, Magic Numbers, Freebass, These New
Puritans en Midlake.

Beste live:
Paul Weller (A.B. en Leffinge Leuren), Roxy Music (Lokerse
Feesten), Bruce Bherman (AB Club), Brett Anderson (Trix), Suede
(Cirque Royale), The Specials (Rock Werchter), Ian Brown (AB Box);
eels, Everything Everything en Bear In Heaven (Pukkelpop), Crowded
House (Vorst Nationaal Club).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × drie =