Tom Lanoye :: Sprakeloos

Tom Lanoyes laatste roman Sprakeloos was het voorbije jaar niet weg te denken uit de Belgische media. Het boek over Lanoyes moeder mikte net naast de Gouden Uil, maar verzilverde (weinig verrassend) toch de publieksprijs en was daarvoor al een bestseller om u tegen te zeggen. "What’s all the fuzz about?

Er is intussen al veel gezegd en geschreven over Sprakeloos en vele critici waren het er over eens dat dit tot nog toe Lanoyes beste roman is. In het aanschijn van diens Monstertrilogie, waarin Lanoye vol scherts de oervlaamse esprit van de doorsnee provincialist, politicus of bedrijfsleider hekelde, kan daar echter over gediscussieerd worden. Sprakeloos is van een totaal ander allooi, maar Lanoye is intussen al een gevestigd schrijver en steekt dat in dit boek absoluut niet onder stoelen of banken. Een bepaalde vorm van pretentie is in Sprakeloos dan ook vrij prominent aanwezig, wat een eerste storende factor is.

Lanoye benadrukt voortdurend hoe moeilijk het voor hem geweest is om Sprakeloos te schrijven, gezien dit het boek is waarin hij afrekent met de tragische aftakeling van zijn dementerende moeder, die hij met lede ogen moest aanzien en ondergaan. De vorm is chaotisch, maar Lanoye grijpt het trauma zelf aan als excuus daarvoor. De vraag is of dat niet al te eenvoudig is: de lezer op voorhand verwittigen dat de roman alle kanten zal opzwieren, met als reden de heel persoonlijke toets die elke herinnering in dit boek heeft. Die aanpak (noem hem gerust "proustiaans") is vrij uniek, maar gaat na een tijdje storen. Als de lezer de auteur denkbeeldig zit aan te sporen om nu eindelijk eens op te schieten met dat verhaal, spreken we toch niet van een moderne klassieker?

Een derde storend element is dat mensen die het oeuvre van Lanoye al een beetje kennen, geconfronteerd worden met terugkerende constanten die niet in een ander daglicht worden geplaatst. Lanoye verwijst impliciet en expliciet naar onder meer Atropa en Fort Europa, maar doet weinig nieuws met datzelfde basismateriaal. Het gaat te ver om te zeggen dat Lanoye zichzelf recycleert, maar het is toch spijtig dat de man niet dat tikkeltje méér doet voor zijn echte fans.

Daartegenover staat natuurlijk de kracht van Sprakeloos, die vooral schuilgaat in de haast filmische schrijfstijl van Tom Lanoye. Hij is een poëet in hart en nieren, maar verloochent zijn Vlaamse middenstanderskomaf niet en dweept nogal eens met kleine vulgariteiten. Dat hij zelfs die in een dichterlijke context kan plaatsen, maakt Lanoye wel degelijk tot één van de groten van onze hedendaagse letteren. Ook de humor is een onmisbare factor die in Sprakeloos nog maar eens hoogtij viert, hoewel Lanoye zich af en toe ook op een slechte mop of een regelrechte platitude laat betrappen. Maar al bij al zijn die momenten te schaars om van een tegenvallende roman te spreken.

Is Sprakeloos nu het meesterwerk waar elke criticus zich in louter superlatieven moet over uitlaten? Nee, want de gebalde taal en de inhoudelijke kracht van Lanoyes toneelwerk zit niet in Sprakeloos vervat. Wel is deze roman (die eigenlijk geen roman is) een prachtige, ontroerende ode aan de moederfiguur (en de "moeder-taal"), met hier en daar ook een hilarische passage. Mocht Lanoye in het vervolg wat meer condenseren en zijn romans beperken tot de essentie, maakt hij misschien toch nog kans om een Europese klepper te worden…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 4 =