Roadburg :: Raise Cain

Er was ooit een tijd waarin de productie van een plaat je nog kon vertellen of een groep al lang muziek maakte of niet. Een tijd waarin beginnende bandjes nu eenmaal altijd redelijk lofi klonken en waarin de beluisterbaarheid van hun platen langzaam met hun budgetten mee evolueerde. Dat het laptoptijdperk met zulke wetten korte metten heeft gemaakt, mag blijken uit Raise Cain, het debuut van het Limburgse indierockcombo Roadburg.

Toen wij halverwege the noughties het demootje van Roadburg voor goddeaus demoproject op ons bord kregen, waren we heel aangenaam verrast: in plaats van het zoveelste brave popgroepje met goedkope gitaarakkoordjes en typische, gedoodverfde liedjes over meisjes en liefdesverdriet, kreeg goddeau met Roadburg immers een combinatie van saxofoon en gedurfde indierock voorgeschoteld en dat was — aangevuld met Siegfried Smeets’ goudeerlijke zang — ruim voldoende om minstens twee derde van de concurrentie het nakijken te geven. Dat de band nog wel wat groepen moest laten voorgaan, was totaal geen schande voor een gezelschap waarvan de leden nog allemaal in het secundair onderwijs zaten.

Voor wie Roadburg op die manier heeft leren kennen en de groep sindsdien niet meer nauwlettend heeft gevolgd, kan Raise Cain best verrassen. Het plaatje is namelijk opgenomen in Malta met Luuk Cox achter de knoppen en dat is natuurlijk een groot verschil met het prille Roadburg van enkele jaren geleden. Niet in het minst omdat je op Raise Cain nog nauwelijks de charme van een beginnend groepje voelt. De plaat klinkt eerder als een kant-en-klaar product van een band die al jaren platen maakt. Dat is meteen ons belangrijkste en vrijwel enige punt van kritiek op Raise Cain: het had allemaal best iets minder gemogen, wat Roadburgs authenticiteit wellicht meer in de verf had gezet.

“Ferocious Past” is in dat opzicht een heel eerlijk openingsnummer, want het legt meteen Roadburgs betere en minder goede kanten bloot. Het nummer is met zijn doedelzakachtige melodie en fel contrasterende zangstijlen een schoolvoorbeeld van Roadburgs niet té brave indierock, hoewel de groep met flarden tekst als “See you at the Nashville Lake…” geen geloofwaardige indruk maakt, want in Limburg is er natuurlijk helemaal geen Nashville Lake. Wat ondergetekende terug bij zijn punt over authenticiteit brengt, want het combo lijkt hier een beetje te verdrinken in zijn goed bedoelde, maar misschien toch iets te hoog gemikte teksten.

Een nummer als “Turn The Radio Off” toont hoe het beter kan: hoewel het catchy melodietje aan groepen als Coldplay en Doves doet denken en Smeets allesbehalve een baard in het keelgat heeft, bevat het liedje genoeg boeiende gitaaruitbarstingen en tempowisselingen om het vuur hoog te doen oplaaien. Een soortgelijk gevoel krijgen wij van het bombastische “Don’t Lose Your Luster”, dat eveneens heel wat softpopingrediënten bevat, maar toch pittig en geloofwaardig genoeg klinkt om een volwassen publiek over de lijn te trekken.

Dat Roadburg au fond goede muziek maakt en het experiment niet mijdt, lijdt geen twijfel. Dat mag eveneens blijken uit nummers als het groovy “Sequences Of Small Town Kings” en het tragere “Heaven’s Trash”. Waar wij na het gladde Raise Cain wel nog een beetje aan durven twijfelen, is of het plaatje productiegewijs wel genoeg vertaalt waar Roadburg voor staat. Uiteindelijk wordt Roadburg toch geacht om het donkere broertje van The Galacticos te zijn en hiervan kan het afgelikte Raise Cain ons net niet genoeg overtuigen. De vraag of het af en toe toch eens geen kwaad kan om de relevantie van onze weinige, naar eenheidsworst neigende grote vaderlandse producers te betwijfelen, laten wij hierbij liever in het midden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 1 =