Passion Pit :: 1 maart 2010, Botanique

Bijna een jaar geleden zou Passion Pit zijn eerste zaalconcert in België geven. Keer op keer werd het concert geannuleerd, maar maandagavond kwam het er dan toch van. De dansformatie uit Boston had dus iets te bewijzen in een nokvolle Botanique, maar deed dat hoegenaamd niet. Dit was ronduit desastreus.

Om even te citeren uit ons Pukkelpopverslag: “In het najaar duikt de groep op in de Botanique, we zullen het u geen twee keer vertellen.” Bij deze zouden we ons graag verontschuldigen bij al wie onze raad opvolgde. Niet alleen schoot het stemgeluid van zanger Michael Angelakos ver voorbij de irritatiedrempel, ook muzikaal was de band slordig. Cruciale fouten die Passion Pit een uur lang de das omdeden, wij blij dat het toen al afgelopen was.

“We were supposed to play here a long time ago”, klonk het bij Angelakos. Passion Pit moest vorig jaar Les Nuits Botanique openen en ook in november zegde de groep zijn concert af. Aan de muziek of gebrek aan fans kon het dan toch niet liggen? Een jaar geleden bracht Passion Pit met Manners nog een fijn, energiek debuut uit. Aanstekelijke singles als “Sleepyhead” en “The Reeling” zorgden voor faam, en de band bouwde een goede livereputatie op. Stiekem hoopten we op een concert dat de concerten van Delphic en The Whip kon overklassen in de sector “dansbaar, catchy, maar vooral plezierig”. Dat werd het geen van de drie.

“Mika” was het woord dat het meest in ons notitieboekje verscheen. Vooral bij opener “I’ve Got Your Number” wordt de link met deze extravagante popzanger snel gelegd. Angelakos’ falsetstem klonk een jaar geleden nog best charmant, toch zouden we hem aanraden om niet al te hoge tonen te “zingen”, of gewoon om niet te veel op te treden, om zijn stem te sparen. De begeleiding doet het nochtans vlekkeloos. Toetsenist Ayad Al Adhamy gooit al zijn troeven op tafel en drummer Nate Donmoyer houdt de band mooi aan het lijntje.

Bij “Better Things” mogen de aanwezige tieners voor een eerste keer uit de bol. Het catchy refrein pakt wel, maar wordt na drie minuten toch al te langdradig. “You’re gonna drive me crazy/You’re gonna drive me mad”, piept Angelakos voor de zoveelste keer. Met succes: gek worden we langzamerhand. Muzikaal laat Passion Pit het ondertussen bij vlagen afweten, mede door een gefaalde geluidmix. Jeff Apruzzeses’ bas overklast de drie synths en de drums lijken niet eens aanwezig. “The Reeling” daarentegen wordt al vroeg in de set het hoogtepunt van de avond, zwevend tussen de disco van The Rapture en de seutenpop van Hot Chip.

De droompop die op plaat doet denken aan bands als Midnight Juggernauts, Animal Collective en Empire Of The Sun laat het live afweten. “To Kingdom To Come” flitst nog onopgemerkt voorbij en “Let’s Your Love Grow Tall” beantwoorden wij met een diepe zucht. Net voor de bissen krijgen we dan toch nog frisse rave te horen. “Little Secrets” blijkt niet enkel op plaat, maar ook live een sterkhouder.

Na een klein uurtje wordt er bedankt met “Sleepyhead”, de song waarmee het voor Passion Pit allemaal begon. Een klein jaar later klinkt Michael Angelakos nog steeds alsof hij geen edele delen meer heeft en het lange touren begint ook bij rest van de band stilaan zijn tol te eisen. We waren enthousiast over hun debuutalbum, maar zouden nu graag geen Passion Pit meer horen. Het is tijd voor een — al dan niet verdiende — break, en bijhorende bezinning. Afspraak volgend jaar met een nieuw album?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig + 17 =