KULTURAMA :: Lyenn :: ”Ik wil dat de luisteraar meevoelt, niet meedenkt.”

Een van de opmerkelijkste platen van het afgelopen jaar was de debuutplaat van Lyenn, “The Jollity Of My Boon Companion”. De man achter die naam, Fred Lyenn Jacques, trok voor dat album naar New York om het album op te nemen met internationale topmuzikanten als Marc Ribot en Sam Amidon.

Toch valt op hoe de essentie van de nummers niet door die gastmuzikanten gemaakt is, maar dat Lyenn zelf een bijzonder sterk songschrijver is. De plaat heeft een eigen en volgroeid geluid, dat nauwelijks zomaar uit het niets kan komen. Dat doet gokken naar wat de man heeft zitten uitspoken de afgelopen jaren en wat zijn muzikale voorgeschiedenis is.

Lyenn: Ik ben altijd aangetrokken geweest door klanken en muziek. Voor mij is samen spelen met andere muzikanten de manier bij uitstek om die interesse te voeden. Dat heb ik dan ook altijd gedaan, in verschillende bands en in verschillende genres. De laatste jaren, voor ik aan deze plaat werkte, speelde ik voornamelijk contrabas in vrije improvisatie-ensembles, waarbij ik ook mijn stem gebruikte. Ik was ook al met songs bezig, maar dat had toen een minder centrale positie. Ik ben ook aan een aantal opleidingen begonnen, maar die heb ik nooit afgemaakt, omdat dat voor mij niet werkte.
Maar in de muzikale achtergrond zit meer dan muzikale activiteiten en opleidingen. Je draagt alles mee, je gevoelens zitten in de muziek en dus ook je ervaringen. Je emotionele bagage bepaalt en kleurt voor een groot deel je muzikaliteit.

enola: Waarom kom je dan nu pas naar buiten met deze plaat?
Lyenn: Omdat het nu tijd was zeker? Het is geen bewuste keuze geweest om dit nu te doen, dat is er gewoon gekomen. Debuteren is natuurlijk relatief. Dit is mijn debuutalbum, maar dat betekent niet dat ik pas vorig jaar een instrument ben gaan bespelen. Ik speel ook al langer dan dit jaar eigen songs.

enola: Opvallend voor het album is de indrukwekkende lijst van studiomuzikanten. Hoe kom je daarmee in contact?
Lyenn: Door te spelen ontwikkel je een netwerk van muzikanten. Zo heb ik Marc Ribot ontmoet op een opnamesessie geïmproviseerde muziek die georganiseerd werd door een gemeenschappelijke vriendin. Die opnamesessie werd een drietal uur uitgesteld en ik heb Marc dan uitgenodigd om op mijn appartement te wachten, waarop we spontaan wat gespeeld hebben. Dat klikte meteen vrij goed en Marc vroeg wat ik nog deed. Ik heb dan wat songs laten horen en hij was onder de indruk. Hij zei dat hij in New York mensen kende die zeker geïnteresseerd zouden zijn, en zo is de bal aan het rollen gegaan. Marc heeft dan een paar namen van mogelijk geïnteresseerde producers gegeven, en Shahzad (Ismaily, net als Marc Ribot een spilfiguur uit de New Yorkse downtown-scene, gvdb) was de eerste die reageerde. Uiteindelijk heb ik via hen dan nog meer mensen ontmoet en zijn we de plaat gaan opnemen.

enola: Dat kwam er niet vanuit een drang om los te breken uit het Belgische circuit en het internationaal aan te pakken?
Lyenn: Nee, dat is zeker niet het geval. Anderzijds voel ik mij ook niet gehecht aan België, of andere vertrouwde omgevingen. Het gaat er mij niet om waar ik besta, ik moet gewoon bestaan. Ik ben zeker niet aan een territorium gehecht. Ik heb dan ook geen behoefte om bijvoorbeeld in New York of elders te gaan wonen. Dat ik daar ben gaan opnemen is gewoon natuurlijk gebeurd en zeker niet vanuit een doelbewuste keuze om mezelf in die New Yorkse scene te introduceren. Ik vind het wel belangrijk dat ik geen grenzen voel, of dat mijn grenzen zich op een ander niveau situeren. Want muziek richt zich tot mensen die er receptief voor zijn, en als je jezelf beperkt tot een bepaald territorium vind je die mensen gewoon minder en mis je heel wat kansen.

enola: Hoe groot was dan de mate van inbreng van de gastmuzikanten? Hield je de touwtjes in eigen handen of liet je hen hun ding doen?
Lyenn: Ik hou van improvisatie. Het is voor mij belangrijk dat een song vertrekt vanuit de essentie van het creatief proces en niet van iets dat overdacht is. Ik wil zo dicht mogelijk bij die essentie blijven, wat niet mogelijk is als je te veel dingen gaat opleggen. Dan krijg je naar mijn zin iets dat te cerebraal is. Van de muzikanten die ik gekozen heb wist ik van op voorhand ook al dat als zij vanuit hun eigen creativiteit zouden vertrekken, het sowieso fantastisch zou zijn en in relatie met wat ik er zelf in leg, vermits de muziek voor zich spreekt en een goede muzikant zijn gevoel in functie stelt van de muziek. Ik heb wel bepaalde richtlijnen gegeven over hoe de song moest klinken, welk gevoel het moest meekrijgen. We zijn altijd vanuit improvisatie vertrokken, en hebben vanuit die improvisaties de muziek verder opgebouwd. Ik liet de song eenmaal horen in haar demovorm, en daarna trokken we meteen de studio in.

enola: Kies je dan wel bewust de instrumenten die gebruikt worden? Er worden namelijk een aantal minder gangbare instrumenten gebruikt zoals de basklarinet.
Lyenn: In het geval van die basklarinet was dat zeker een bewuste keuze. Ik hou enorm van lage tonen en het timbre van de basklarinet. Florian Bergmann heeft dan tussen de opnames en de mix die partij ingespeeld toen ik een paar concerten moest spelen in België met het project BB waar we beiden in spelen. Doug Wieselmann heeft dan later in New York nog partijen ingespeeld op enkele andere nummers. Met de andere instrumenten was het minder voorbedacht. Daarbij kozen we meer wat in ons opkwam of wat voorhanden was. De waterphone had ik bijvoorbeeld nog nooit eerder bespeeld, maar toen ik het ontdekte bleek het perfect bij de klankkleur van de song “Robert” te passen. Wat Marc Ribot speelt, heeft hij ook allemaal zelf voorgesteld. Dat waren altijd zeer interessante en terechte keuzes.

enola: Je muziek heeft een zeer breed klankenpalet waar heel veel referenties uit kunnen gehaald worden. Hoe zou je zelf je muziek omschrijven? Wie heeft je muzikaal beïnvloed?
Lyenn: Het probleem met het beschrijven van muziek is dat je met intellectuele benaderingen iets probeert te omschrijven dat in het geval van mijn muziek absoluut niet intellectueel is. Vergelijkingen kan je maken met referenties die je zelf vindt, maar dat zegt uiteindelijk meer over de persoon die er iets in herkent dan over mezelf. Invloeden zijn onbewust, je kiest dat niet. Er zijn veel artiesten die me beïnvloed hebben, maar ik zie dat niet bewust zo. Ik ben bijvoorbeeld heel sterk onder de indruk geweest van hedendaagse klassieke componisten zoals Bartók, Ligeti en Schnittke, die ook hun weg zochten in dissonantie. Maar evengoed van blues uit de jaren twintig, (free) jazz en zelfs punk of metal. Ook dingen die ik slecht of lelijk vind beïnvloeden mij, en dat komt dan soms naar boven. Er zit ook muziek in mij die ik niet graag hoor. (lacht) Soms merk ik als ik thuis speel dat er iets totaal cheesy uitkomt, dat dan klinkt als voorgekauwde pop of muzak. Het is een beetje zoals karaktertrekken die je liever niet zou hebben. Uiteindelijk heb je geen vat op wat eruit komt, dat gebeurt onbewust.

enola: Het album heeft een vrij zwaarmoedige sfeer, en voelt zeer intens aan. Waarom kies je voor die sfeer? Ontstaat dat uit toeval of kies je daar bewust voor?
Lyenn: Dat is vooral een kwestie van gevoel. We hebben allemaal verschillende persoonlijkheden die een eigen gevoel hebben en die receptief zijn voor bepaalde vibes en emoties, en een groot deel van mijn karakter wordt sterk beïnvloed door donkere sferen. Ik leef dat ook, ik kies er niet voor een donkere plaat te maken. Die gevoeligheid houdt mij dagelijks bezig, ik vind leven niet simpel, maar wel mooi. Ik zie heel veel schoonheid in alles wat pijn doet en moeilijk is, in gevoelige momenten, veel meer dan in minder gevoelige momenten. Dat wil niet zeggen dat ik niet graag lach, maar ik vang ook heel veel verdriet op.

enola: Heb je vandaar dan ook voor een contrast gekozen met de albumtitel die zeer optimistisch lijkt?
Lyenn: Met die titel verwijs ik naar één van die persoonlijkheden die ik in mij heb zitten. Een boon companion (een boezemvriend, een drinkmakker, gvdb) is per definitie jolly, of dat verwacht men toch van die persoon, maar in mijn geval is hij dat tegelijkertijd ook niet. Ik draag dus altijd in mij, of ik dat nu wil of niet, een gevoelige, intense en zwaarmoedige compagnon, die mijn zicht deels kleurt en mijn visie op het bestaan beïnvloedt. Dat is vaag, maar uiteindelijk moet het tot de verbeelding blijven spreken, dat moet niet vastgepind worden op een betekenis. Die compagnon heeft een melancholische tint, en dat draag ik dan ook mee.

enola: Weerspiegelt zich dat dan ook in de teksten?
Lyenn: De manier waarop ik teksten schrijf, vertrekt ook vanuit improvisatie, waarbij ik probeer te vatten wat er emotioneel uit mij komt bij het schrijven van een song. De woorden zijn meer vectoren voor emoties dan voor ideeën. Als je luistert en iets niet verstaat, is het belangrijk dat je dat zelf invult. Daarom heb ik ook geen teksten willen afdrukken in het cd-hoesje. Als je iets verstaat op een verkeerde manier, en als dat betekenis heeft voor jou dan is dat perfect voor mij. Ik wil dat de luisteraar meevoelt, niet meedenkt. Uiteraard zit er wel zin in de teksten, ik heb het wel over bepaalde zaken, maar ik wil dat niet vast omkaderen. Ik praat eigenlijk niet graag over mijn teksten, omdat een interpretatie altijd gebonden is aan het moment, en dus sterk kan verschillen met interpretaties op andere momenten.

enola: Live speel je ook vaak met verschillende muzikanten of zelfs solo. Vindt je het niet lastig dat je niet altijd kan spelen met de groep muzikanten waar je de cd mee opnam?
Lyenn: Internationaal speel ik meestal solo, omdat dat gemakkelijker is. In België speel ik altijd in groep, maar die heeft geen vaste leden. Van die groep speelt enkel Florian Bergmann ook mee op de plaat, en de rest bestaat uit muzikanten waar ik al jaren mee samen speel. Het doel is om emoties over te brengen en dat gaat even goed als ik alleen speel, of met twee of drie muzikanten. De muziek is wel anders, maar de essentie blijft hetzelfde, en improvisatie blijft een grote rol spelen.

enola: Hoe sta je tegenover reacties uit de pers? Ben je blij met de recensies of heb je toch soms het gevoel dat ze de bal misslaan?
Lyenn: De reacties zijn positief, dus kan ik niet anders dan daarmee akkoord gaan natuurlijk. (lacht) Uiteraard zijn er wel elementen die ik een wat vreemde of grappige interpretatie vind. Het begrip ‘de debuutplaat’ bijvoorbeeld. Ik speel al veel langer dan nu muziek. Ik heb ook veel vrienden die al jaren ervaring hebben maar ook nog geen plaat hebben uitgebracht, of die niet door de pers worden opgepikt, maar die wel internationaal spelen en in een scene zitten. Is dat dan debuteren? In een klassieke structuur natuurlijk wel, maar dat is niet de enige mogelijkheid. Het is niet dat ik niet aanvaard als debutant gezien te worden, maar ik ben daar gewoon niet zo mee bezig. Ook op vlak van interpretatie van nummers gaat dat misschien wat mis. Ik wil niets rechttrekken, want waarschijnlijk heb ik het zo uitgelegd, maar “Robert” gaat niet over mijn vader zoals in een ander interview valt te lezen. De tekst is meer een uitdrukking van een gevoel in dat nummer. Het herhaalt telkens “Robert feels attention / a tension, Robert feels the same”, dat duidt op dat gedeelte van mijn persoonlijkheid, dat ik dan Robert heb genoemd waarschijnlijk naar aanleiding van mijn vader, dat aandacht zoekt en steelt maar daardoor ook een zekere spanning voelt. Dat duidt ook op het feit dat gevoelens niet altijd even gemakkelijk zijn te interpreteren, en dat wordt dan een grote warboel.

enola: Is het album daardoor sterk autobiografisch?
Lyenn: Ja, alles is sowieso autobiografisch. Ook al gaat het over iets dat ik niet echt heb meegemaakt, ik vertrek altijd vanuit mijn eigen standpunt. Natuurlijk wel altijd vanuit die kant van mij die de geschikte antennes heeft voor een gevoel. Ik vertrek niet vanuit de kant van mij die afwast of die inkopen gaat doen. (lacht)

Lyenn speelt nog vaak live in België, onder meer op 12 februari op het Kulturama festival in STUK te Leuven of op 27 februari tijdens ABBota in de Botanique. Tussendoor en daarna speelt hij echter ook nog een heel aantal concerten elders in Vlaanderen, dus check zeker ‘s mans myspace: http://www.myspace.com/lyennbrussels

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − 13 =