Mary Halvorson & Jessica Pavone + Huntsville :: 29 oktober 2009, Vooruit

Twee jongedames die furore maken in de New Yorkse avant-garde versus 3 bleke Noren die hypnotiserende soundscapes maken in de beste Rune Grammaphon-traditie. Een jazzverwantschap was de link, al hadden de twee concerten moeilijk nog minder op elkaar kunnen lijken.

We waren onlangs erg gecharmeerd door Thin Air, het album waarmee Halvorson (gitaar) en Pavone (viola), beiden leerlingen van Anthony Braxton, een kleine doorbraak wisten te forceren in een wereldje dat ondanks (of net dankzij) z’n kleinschaligheid soms aanvoelt als een sektarische gemeenschap. Het is een frisse, creatieve en eigenlijk ook vrij compromisloze plaat die weigert om zich te laten in delen bij een of ander genre en complexloos folk, jazz, pop en improvisatie vermengt met een grillig, onvoorspelbaar resultaat. Live zou zoiets wel een belevenis moeten zijn.

Niets was minder waar. Hoewel beide vrouwen de looks en het talent hebben om op te vallen binnen én buiten de jazzcontext, werd er verrassend weinig mee gedaan. De ogen bleven doorgaans star op de bladmuziek gericht, bindteksten werden beperkt tot het absoluut noodzakelijke, en heel even leek het wel alsof ze er gewoon geen zin in hadden. Hoe persoonlijk de muziek op Thin Air ook klinkt, live werd resoluut gekozen voor de afstandelijkheid. Soul hadden we niet verwacht. Als je werkt met abrupte wendingen, vreemde harmonieën en spel dat de gemiddelde muziekliefhebber afdoet als plinkeplonke, dan weet je dat het niet zal swingen. Maar dit was haast katatonisch.

Er waren hier en daar wat lichtpunten te ontwaren. Zo kwamen een paar songs uit het recente album goed uit de verf en leek het kersverse nummer dat ze nog niet hadden opgenomen haast een toegeving te willen doen richting weirde folkpop, maar uiteindelijk kreeg de luisteraar niet de kans om toenadering te zoeken. Halvorson & Pavone wierpen een barrière op, deden hun ding en lieten bakken potentieel onbenut. Het is maar te hopen dat toekomstige projecten (Halvorson gaat o.a. de hort op met Marc Ribot en Pavone brengt een album uit op John Zorns Tzadik) op iets meer enthousiasme mogen rekenen.

De Noren van Huntsville maakten ook geen woord vuil aan interactie met het publiek, maar het ging in hun geval dan ook om een lange, ononderbroken performance van vijftig minuten, waarmee ze lieten horen op hun plaats te zitten op Rune Grammaphon, de stal voor al wie zich in Noorwegen te buiten wil gaan aan minimalisme, soundscapes en experimenten met die typisch Scandinavische toets. Albums For The Middle Class (2006) en dubbelaar Eco, Arches And Eras (2008) laten het geluid horen van een band die te eclectisch te werk gaat om onder een noemer te vangen, al stond op voorhand al vast dat een sfeertje over de Balzaal zou neerdalen.

Vanuit het niets doken klanken op: gitaargetokkel, percussieve elementen, een ronkende baslaag. Gitarist Ivar Grydland, bassist Tonny Kluften en drummer Ingar Zach zouden de erop volgende drie kwartier werken om een soundscape op poten zetten die even fijnmazig als gelaagd was, met elementen uit minimalisme, subtiele elektronica (hier en daar leek het wat verwant aan de experimenten van Friedman & Liebezeit), postrock à la Tortoise, bezwerende krautrock en zelfs americana. Dat laatste element sluipt er vooral in omdat Grydland naast gitaar ook de banjo hanteert, wat de muziek een vrij uniek cachet geeft: etherisch en hypnotiserend, maar tegelijkertijd met een voet in de rootstraditie.

Een echt overrompelende of emotionele trip zou het nooit worden, daarvoor maakt Huntsville te weinig gebruik van het grote gebaar of climaxwerking, maar het was wel boeiend om te horen hoe verfijnd het eraan toe ging, hoe werd gewerkt met loops, textuur, lagen en dynamiek. Vooral drummer Zach viel daarbij vaak op, door te werken vanuit verschillende achtergronden: bleef de totaalsfeer consistent doorheen de trip, dan zorgde zijn spel nu eens voor jazz- of rockritmes, en dan weer voor exotische invalshoeken of impressionistisch kleurwerk. Eens het optreden voorbij was kon je je amper iets herinneren van wat er gebeurd was — daarvoor is de muziek te fluïde, geïmproviseerd en abstract — maar zolang het duurde was je wel getuige van een prima staaltje van organische geluidscompositie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − 1 =