Hush Arbors :: Hush Arbors

Geen idee of Hush Arbors onder freak folk gecatalogeerd wordt of niet, maar als het van ons afhangt, is Hush Arbors vanaf nu een standaard als het gaat om folk met freaky inslag. Het duo verzoent Nick Drake-achtige deunen met sporadische noisetapijten en voorwaar: dat klinkt best fraai.

Voor muzieknerds die de kleine lettertjes in booklets uit het hoofd kunnen opdreunen, is Hush Arbors niet echt een nieuwe band. Het is immers het project van Keith Wood. En die kent u vast van bands als Six Organs Of Admittance, Current 93 en Voice Of The Seven Woods. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat Wood, met assistentie van Leon Dufficy, voor een niet bepaald conventionele aanpak kiest. Ook al probeert Ecstatic Peace! u dit album als folk aan te smeren, doorsnee folk is het absoluut niet, maar tot die conclusie kon u vast zelf komen bij het horen van de naam Ecstatic Peace!

Eerder genoemde muzieknerds hebben overigens met een beetje geluk al heel wat Hush Arbors in huis. Op relatief korte tijd verscheen immers een stortvloed aan cd’s, cdr’s en vinyl, niet zelden op labels zo obscuur dat je je afvraagt of het wel de bedoeling is dat iemand van hun bestaan afweet. Wat er ook van zij, met deze titelloze plaat komt Hush Arbors binnen ieders bereik, en dat kan gerust als goed nieuws gezien worden.

Want Hush Arbors is niet alleen ronduit intrigerend, het is ook en vooral een mooie plaat. Zelfs de louter uit een J Mascis-achtige solo opgebouwde openingstrack “Water” klinkt op een of andere vreemde manier als schoon in de oren. Misschien wel doordat de song het eerste deel is van een duo dat de rest van de nummers in een sandwich-greep neemt. Het afsluitende “Water II” klinkt immers als een tot volwaardig nummer uitgewerkte variant op de zijn meer op lawaai dan song gerichte broertje.

Heel conventioneel, maar daarom niet minder interessant, gaat het er aan toe in fraaie brokken muziek als “Follow Closely” en “Bless You”, waarbij het eerste nummer zich zachtjes tegen country aanschurkt en het laatste het typevoorbeeld is van een experimentele, op lofi geënte slaapkamer-freefolk-met-blazers en breekbare zanglijnen.

Met andere woorden: zowat alles kan en mag bij Hush Arbors. En daar is helemaal niks op tegen, gezien de klankkleur van de songs voor de rode draad doorheen dit album zorgt. Hoe verschillend de nummers ook klinken, ze voelen als een geheel aan en dat bewijst de sterkte van Wood en Dufficy als creatieve geesten die zelfs in tijden dat je denkt op het gebied van folk alles al gehad te hebben, toch verrassend uit de hoek weten te komen. De jaren van experimenteren onder de radar hebben het duo duidelijk geen windeieren gelegd. En hoewel dit misschien niet direct een betoverende plaat is, het is er wel een die consequent een hoog niveau aanhoudt. De enige keer dat van die kwaliteitsstandaard afgeweken wordt, is bovendien naar boven, met het dromerige “Sand”, dat lijkt te zeggen dat Hush Arbors alles kan, zij het onder eigen voorwaarden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

15 − 10 =