Steak Number Eight :: When The Candle Dies Out…

Een kwartier. Zoveel tijd had Steak Number Eight nodig om van "belachelijke groepsnaam" naar "waw!" te gaan. We schrijven 9 februari 2008, zaal Cactus. Op het podium van de Rock Rallypreselectie stonden jonkies van gemiddeld vijftien die evenveel minuten lang het publiek in een wurggreep hielden. Verkijk u niet op hun leeftijd: dit is serious business.

Het mag dan ook niet verwonderen dat voor het eerst in lang het boegeroep grotendeels wegbleef toen Steak twee maanden later tot winnaar van de wedstrijd werd uitgeroepen. Geen vliegende pinten, enkel een instemmend gejuich. Dat was niet meer dan terecht. Tussen alle artpop en flauwe Britse na-aperij was dit een groep die ronduit verpletterend was. Niet voor niets is hun kwartier halve finale in de Gentse Vooruit nog steeds het concert van het jaar voor schrijver dezes. De ballen waarmee deze jonge gasten "Oh Fortuna" (uit de Carmina Burana) coverden werden enkel overschaduwd door hun magnum opus "The Sea Is Dying" dat ons drie dagen nekpijn heeft gekost.

Dat indrukwekkende nummer figureert dan ook prominent op When The Candle Dies Out…, het wel heel snel volgende debuut dat de groep in eigen beheer uitbrengt. Dit ijzer moet duidelijk gesmeed worden, want nog voor de overwinning waren de opnames al bijna achter de rug. Het resultaat mag gecatalogeerd worden onder "te snel te ver gesprongen", maar dat maakt niet uit. Wie vijftien is en al zover staat, heeft recht op een beetje overmoed.

Wie met een song als "The Sea Is Dying" kan uitpakken, mag ook proberen even met zijn spierballen te rollen. Omineuze akkoorden openen, drumslagen kondigen de komst van de vier ruiters van de Apocalyps aan en dan scheurt zanger Brent Vanneste daar doorheen. Dat alles bouwt dan maar op zijn Isis’ verder uit met woeste metalgitaren, een onrustige bas en mokerende drums tot een verscheurende finale acht woelige minuten verder. Nog nooit — en we herhalen: nog nooit — hebben we een Belgisch artiest zich zo de ziel uit het lijf horen zingen, zo hartsplijtend te keer gaan als Vanneste daar deed. Intens? Héél intens. Kippenvel. Een waardig eerbetoon aan zijn overleden broer.

Wat volgt kan daar niet aan tippen, maar laat slechts zelden de lat onder het niveau "puik" zakken. "My Hero" is zelfs bijna net zo sterk, met een leuke valse stop halverwege waarna het nummer pas echt uit de startblokken schiet. "The Holy Truth" is daarna echter niet meer dan een atmosferisch niemendal die de vaart uit de korte plaat haalt. Ook "On The Other Side" blijft wat haperend aanmodderen zonder veel brokken te maken: meer soundscape dan song.

Met "Falling Out Of A Dream" en het met een razende finale gezegende "Blood On Our Hands" rapen de jongens die gevallen steek echter al snel weer op. Vanneste krijst dat horen en zien vergaat, de band rond hem toont meer maturiteit dan de leeftijd doet vermoeden met drums die geen slag meer laten horen dan de broeierige songs vereisen en knappe gitaarlijntjes van tweede gitarist Louis Provost. Afsluiter "After You" slaagt er echter alweer niet in dertien minuten lang boeiend te blijven en is dan ook niet meer dan een uitloper om ons na alle geweld opnieuw tot rust te brengen. Het is nodig, want telkens we "The Sea Is Dying" laten spelen, zijn we opnieuw een half uur lang niet te houden over dit groepje.

Dit is het soort plaat dat de meeste Rock Rallywinnaars schrappen, de eerste stapjes die ze liever ver van het spotlicht doen om meteen volwassen te debuteren. Dat soort berekening speelt niet als je vijftien en hongerig bent. En zo hoort het. When The Candle Dies Out… is sterk genoeg om de occasionele uitschuiver met de mantel der liefde te bedekken. Steak is straf en kan alleen nog beter worden met de jaren. We kijken er naar uit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen − drie =