Krakow :: As The Heart Is

Vlaanderens stilste laat er geen gras over groeien. Sinds hun opgemerkte deelname aan de finale van Humo’s Rock Rally van vorig jaar, passeerden al een prima e.p. en een mooie reeks optredens (onlangs nog met Low in de AB), en nu is er hun debuutalbum As The Heart Is.

Lang geleden dat één song ons zodanig overdonderde dat we het album pas na enkele dagen een eerste keer in z’n geheel konden beluisteren. Op Let It Roll van Willard Grant Conspiracy was dat de titelsong, deze keer blokkeerde “Roses” de toegang tot de rest van de plaat. Waarom? Omdat het pijn doet naar zo’n song te luisteren. Omdat we masochisten zijn. Omdat we een zwak hebben voor stille songs die aankomen als een pak rammel.
We zijn Krakow dankbaar dat ze het voorjaar afgewacht hebben om hun album uit te brengen; in de winter was onze lethargie compleet geweest. De song legt immers alles lam: wandelen wordt slenteren, rechtstaan wordt een opgave, en gaan zitten betekent blijven zitten. Op z’n best is As The Hearts Is de soundtrack bij het terugdenken aan spijtmomenten, bij het doorbladeren van een oud fotoboek dat het niet moet hebben van jolige kiekjes van verjaardags- en familiefeestjes, maar van beduimelde, verkleurde momentopnames die moeilijk te plaatsen zijn, vol amper herkenbare gezichten. “Roses” kruipt voort onder lichte dwang van zacht slidegejank en een strompelend tempo dat haast morbide is in z’n trage koppigheid. Maar toch: maximum effect.

Wat ook opvalt, is de geweldig mooie sound waar het album in baadt. Producer Luuk Cox (Shameboy, Buscemi – inderdaad, ook wij waren verbaasd) trok samen met gitarist Wim Smets naar Texas om de plaat te laten mixen door Centro-matic-drummer Matt Pence, die er daadwerkelijk voor zorgde dat As The Heart Is zich moeiteloos nestelt in het rijtje van de mooist klinkende albums die ooit op Belgische grond zijn verschenen. Drums klinken authentiek droog en warm, en ondanks de monochromatische aanpak zijn zang, toetsen en snaren voorzien van schakeringen die bij elke beluistering nieuwe nuances vrijgeven. Als er al een lokale tegenhanger te vinden is voor de intiemste momenten van pakweg Sparklehorse of Damien Jurado, dan hebben we ‘m nu gevonden. En omdat geluiden combineren niet volstaat om een album te vullen, hebben voorman Piet de Pessemier en co. gezorgd voor een aantal pareltjes van songs.

De vier kortste songs op het album zijn netjes vooraan gegroepeerd, en doen meteen hun best om de diversiteit binnen het beperkte gamma aan te tonen. Met z’n Glockenspiel en echo’s is “Too Far Away” een goeie binnenkomer, maar het wordt pas echt stil bij “Silence”, een gefluisterde triomf voor Niné Cipolletti, die met het verslavende refrein moeiteloos naast het beste van de droompopmakelaars van Trespassers William postvat. Onze tweede favoriet op het album is de enige ietwat vreemde eend in de bijt. “Come On Home” kondigt zich aan als een klassieke narcotische folktrip tot plots, na een minuutje, een stuk samenzang opduikt dat vintage country uitademt, maar dan zoals op de eerste plaat van Crazy Horse, of op een van hun platen met Neil Young.

We bekennen dat na, en misschien precies door “Roses”, niets nog zo’n impact heeft, al valt er met songs als “Once Around The Sun” en “Our Love Hotel” niet te klagen. Ze zijn wat lang, doen beter hun best om de weerhaakjes te verbergen en zijn vrij monotoon voor wie doorgaans zweert bij instant gratification. Vandaar ons advies: volhouden. Vergeet die drukke agenda. Lukt het niet, dan is er nog altijd de met herfstpiano opgeluisterde afsluiter “Shadow Of A Man”, gedomineerd door Cipolletti, die zich laat kennen als een experte in dosering. As The Heart Is had misschien baat gehad bij wat meer korte songs en diversiteit in de tweede helft, maar het staat buiten kijf dat het Limburgse vijftal moeiteloos onze verwachtingen inlost. Kortom: de band heeft de status van voetnoot in de Vlaamse muziek met glans overstegen. Benieuwd welk fraais ons nog te wachten staat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 + twaalf =