Tom McRae :: 9 mei 2007, Cirque Royale

Nadat hij in 2000 doorbrak, wist Tom McRae met pure liedjes een trouw publiek rond zich te verzamelen. Zo trouw dat hij de lat liett zakken en verloor wat hem zo speciaal maakte. Dat blijkt niet alleen uit zijn nieuwe plaat, maar wordt ook in het Cirque Royale pijnlijk duidelijk.

Tom McRae heeft een probleem. Een behoorlijk groot zelfs. Zo’n zeven jaar geleden bracht de man immers een geweldig debuut uit dat sindsdien alles overschaduwt wat hij doet. Alles zit juist op Tom McRae: oersterke melodieën en geweldige zanglijnen. En vooral de beste teksten die er dat jaar verschijnen: vol bitterheid, gal en venijn en met opeengeklemde kaken gezongen. Eigenlijk had McRae een klootzak van een metaller willen worden, maar in de plaats werd hij maar een smeerlap van een singer-songwriter.

Dat was toen. Opvolgers Just Like Blood en All Maps Welcome zijn zwaarmoedige platen die het venijn mijden en enkel droef het hoofd laten hangen. McRae tekent voor nummers die enkel nog "mooi" zijn, af en toe nog voldoende om een gepijnigd hart te helen, maar dat kunnen er velen. McRae was ooit unieker. Ook King Of Cards, zijn maandag te verschijnen vierde, komt niet in de buurt van dat fabelachtige debuut. Integendeel: meer dan ooit doet McRae een wanhopige gooi naar de liefde van het grote publiek met gemakkelijk klinkende popsongs die zelfs de treurnis een beetje proberen te schuwen. "Ik wilde gewoon fun hebben", klinkt het tegenwoordig in interviews.

Het zegt iets over zijn populariteit, dat de singer-songwriter met het nog onbekende "Keep Your Picture Clear" het optreden a capella kan inzetten. Het mag dan niet groot genoeg zijn voor hem, het publiek dat hij lokt — en dat is toch een mooi gevuld Cirque Royale — is er wel één van gelovigen die ademloos elk woord van zijn lippen drinken. Of zachtjes meezingen, niet te hard want McRae heeft enkel een cellist en een pianist bij en je wil hem nu ook weer niet gaan overstemmen. Die bezetting is een voordeel: het al te gladde en gemakkelijke van de albumversies van de nieuwe songs wordt zo getemperd. Toch blijft het soms wringen, zoals wanneer de jengelende folkgitaar van "One Mississippi" losbarst. Dat geluid maakte tot nu toe geen deel uit van het palet van de songsmid, en het kleurt wat vies bij de rest. Opvallend: zowel single "Bright Lights" als die andere opzichtig naar de publieksgunst hengelende song "Sound Of The City" worden op stal gelaten.

Een goedgeluimde McRae — hem valt in België altijd een warm en respectvol stil onthaal te beurt en dat weet hij te appreciëren — kiest voor een ruime dwarsdoorsnede uit zijn vier platen. Degelijke versies van "For The Restless" en "Border Song" worden goed onthaald, maar het is pas na de eerste zin van "A&B Song" (van op dat debuut) dat er echt herkenningskreten losbarsten. "Ik denk dat ze echt aan het luisteren zijn". Het is voor toetsenist Olli Cunningham het sein om een accordeon om te gespen en samen met McRae akoestisch "Bloodless" te brengen. Het meezoemen dat het nummer zoals gewoonlijk uitlokt is mooi, maar als McRae in bisnummer "Street Light" meisjes en jongens tegen elkaar opzet in het mee-tududutten dan gaat hij een paar bruggen te ver. Publieksparticipatie is er te over bij een McRaeconcert, maar zoveel behaagzucht doet al snel aan Clouseau denken.

McRae mag dan wel zijn publiek hebben gevonden, de laatste keer dat hij nog echt wist te beroeren, is toch alweer vier jaar geleden. We zien hem dan ook duizend keer liever kwaad dan als treurwilg. Het wordt tijd dat iemand hem nog eens deftig op de tenen trapt. McRae moet dringend die drang naar het Donnapubliek van zich afleggen en de lat opnieuw hoger leggen: hij kan beter immers, zo bewijst dat debuut.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf − een =