Zool. :: “Een voorliefde voor donkere klanken en een bevreemdende sfeer”



Liefhebbers van subtiele elektronica hoeven niet telkens hun heil
te zoeken bij buitenlandse acts als Four Tet of Boards of Canada.
Ons Belgenlandje heeft een rijke muzikale cultuur en Zool is daar
het zoveelste bewijs van. De meeslepende, intrigerende soundscapes
van Gerry Vergult hebben op ‘Vadem’ een voorlopig hoogtepunt
bereikt en het resultaat is kwalitatief hoogstaande downtempo
elektronica die de perfecte soundtrack vormt bij een druilerige
regendag vol muizenissen. Het kill your darlings-principe is Zool.
duidelijk niet vreemd: ‘Soms werk ik heel erg lang aan een
compositie, maar gooi ik het toch in de vuilbak omdat ik het niet
krijg zoals ik het wil’. enola had met Zool. een gesprek over
perfectionisme, water en datgene wat Gerry Vergult onderscheidt van
mindere goden in de elektronicawereld, namelijk
klankenfetisjisme.

enola: Zenuwachtig bij Daan

Je hebt in de jaren ’80 bij de new wave-band Aroma di Amore
gespeeld. Hoe is de evolutie naar de uitgepuurde elektronica van
Zool. tot stand gekomen?

Bij Aroma di Amore waren we al van in het prille begin met
ritmeboxen aan het werken. We zijn dus al altijd met elektronica
bezig geweest. Op die manier was het immers gemakkelijk om muziek
te maken. Een goede drummer vinden is namelijk niet zo eenvoudig.
Door met die ritmeboxen bezig te zijn, raak je natuurlijk
geïnteresseerd in die machines. Later kwamen daar nog andere
toestellen bij, sequencers bijvoorbeeld. Zo is die evolutie tot
stand gekomen. Muzikale smaak speelt natuurlijk ook een rol. In de
jaren ’90 ben ik me meer en meer voor elektronische muziek gaan
interesseren. Eerst was er Aphex
Twin
. Hij heeft me aangezet tot het maken van elektronische
muziek. Daarna was ik ook erg onder de indruk van bijvoorbeeld
Boards of Canada.
enola: Is de liefde voor gitaarmuziek dan weggeëbd of is die er
nog altijd?
Die is er zeker nog. Dat zal nooit verdwijnen.
Ik probeer in mijn elektronische composities ook nog stukjes gitaar
te verwerken. Het is wel zo dat de liefde voor het zware
gitaargeweld wat bekoeld is. Naarmate ik ouder wordt, voel ik me
meer en meer verzadigd als het op heavy riffs aankomt. Nu neig ik
toch meer naar rustige muziek.
enola: Heb je toch af en toe nog zin om de basgitaar ter hand te
nemen in plaats van achter het computerscherm te
vertoeven?

Wel, ik heb vorige week opgetreden in de Backstage in Gent en toen
heb ik basgitaar gespeeld. Op de plaat zelf is er echter geen
basgitaar aan te pas gekomen, maar live is het veel leuker als je
ook een instrument bespeelt. Dan is er ook meer te zien. De bas is
het ideale instrument om te bespelen in combinatie met mijn
elektronica. Je kunt al makkelijker een paar noten laten vallen,
terwijl een gitaar veel meer concentratie vergt. Met de bas kan ik
mijn aandacht ook nog voldoende de laptop en de synthesizer
richten.
enola: Je speelt ook af en toe bij Daan. Is dat een welgekomen afwisseling
met wat je doet bij Zool.?

Nu speel ik niet meer bij Daan. We hebben een viertal optredens
gedaan omdat Jeroen Swinnen, de vaste keyboardspeler van Daan,
verplichtingen had met Novastar.
Omdat ik op dezelfde manier werk als Jeroen en dezelfde apparatuur
gebruik, heb ik hem vervangen. Dat was een logische keuze. Jeroen
heeft me dan het volledige repertoire van Daan aangeleerd en zonder
repetitie heb ik dan voor de eerste keer meegespeeld in de
Botanique.
enola: Ben je daar zonder kleerscheuren
doorgekomen?

Wel, ik ben nog nooit zo nerveus geweest voor een optreden. Ik
kende alle cues wel, maar de interactie met de muzikanten
op repetitie had ik niet meegemaakt. Ik heb echt heel goed moeten
opletten om alles te volgen.

Zeepsop

Bij het horen van Vadem
denk ik aan Aphex Twin en Boards of Canada, maar toch vooral aan
Four Tet. Kan je je vinden in
die vergelijkingen?

Zeker! Ik vind Four Tet heel goed. Verschillende mensen maken die
vergelijking en ik kan me daar perfect in vinden.
enola: Welke artiesten hebben nog een onmiskenbare invloed gehad
op Zool.?

Er zijn heel veel invloeden. Die zijn echter niet allemaal even
duidelijk te traceren in het geluid van mijn plaat. Ik ben
bijvoorbeeld erg beïnvloed door dub. Binnen het elektronische genre
ben ik ook een grote fan van Plaid, Pilote en Matmos. Matthew Herbert mag ik ook niet
vergeten te vermelden. Er zijn zoveel namen en invloeden. Te veel
om op te noemen.
enola: De vergelijking met Four Tet is natuurlijk gauw gemaakt
omdat je net als Kieran Hebden analoge instrumenten laat
binnensluipen in je laptopgeoriënteerde sound. Hoe belangrijk is
die inbreng van gewone instrumenten voor jou?

Het is belangrijk omdat het dan niet meer puur elektronisch is. Die
tijd is voorbij, vind ik. In de jaren ’90 zijn veel platen
uitgekomen waar geen analoog instrument op te vinden was, waaronder
die van Aphex Twin. Op zijn gebruik van strijkers op het ‘Richard
D. James Album’ na, was ook alles elektronisch. Daarom wil ik een
andere richting uit. Ik denk zelfs dat in de toekomst het gebruik
van analoge instrumenten nog zal toenemen in mijn muziek. Ik ben
bijvoorbeeld zeer enthousiast over The Books. Die gebruiken volgens mij
weinig elektronica. De manier waarop ze hun instrumenten aanwenden,
vind ik zeer origineel. Die richting zou ik ook graag uit
gaan.
enola: Op ‘Vadem’ vertrek je altijd vanuit een duidelijke
structuur, maar de muziek klinkt bijwijlen behoorlijk duister. Wou
je bewust een luchtige sfeer vermijden?

In eerste instantie wou ik een luchtigere plaat maken, maar dat is
inderdaad anders uitgedraaid. Dat heeft veel te maken met mijn
persoonlijkheid en mijn muzikale smaak. Ik heb een voorliefde voor
donkere klanken en een bevreemdende sfeer. Die geluiden kruipen er
dus sowieso in. Een andere reden voor het duistere geluid van
‘Vadem’ is het feit dat er tijdens het ontstaansproces van de plaat
een vriend van mij is gestorven. Zijn overlijden heeft zeker een
invloed gehad op ‘Vadem’. Twee nummers refereren daar ook aan, maar
op een impliciete manier. Dat zijn ‘Elysian’ en ‘Elm’.
enola: Vreemd, want een nummer als ‘Elysian’ klinkt minder zwaar
dan bijvoorbeeld ‘Glisten’.

Ja, het is raar. Ik weet het. Nu je het over ‘Glisten’ hebt: dat
was oorspronkelijk een ander nummer. Ik heb het dan uitgepuurd door
het helemaal her op te bouwen met nieuwe klanken. Nu klinkt het wat
experimenteler.
enola: Wie naar je muziek luistert, kan niet anders dan
concluderen dat je een klankenfetisjist bent. Op ‘Vadem’ klinkt
alles loepzuiver en vooral erg intrigerend.

Dat klopt. Ik heb meestal geen vooropgesteld beeld van een nummer
als ik aan iets begin te werken. Ik ga gewoon grasduinen in wat ik
aan samples voorhanden heb. Ik begin vaak met één klank die een
zekere sfeer in zich draagt. Daar bouw ik dan op verder. Muziek is
voor mij deels compositie en deels klank.
enola: Maak je dan, net als Matthew Herbert, gebruik van
zogenaamde found sounds om werkelijk unieke klanken in je
muziek te kunnen integreren?

Ik heb twee methodes. Enerzijds gebruik ik bestaande klanken. Die
komen meestal van sample-cd’s. Die kunnen echter ook van gewone
cd’s afkomstig zijn, hoor. Als ik iets hoor dat me erg bevalt,
begin ik daarrond te werken. Anderzijds werk ik ook veel met
geluiden die ik zelf opneem. Om een voorbeeld te geven, de klank
die je hoort in het begin van ‘Glisten’ is het geluid van
zeepsop.
enola: Serieus?
(lacht) Ja, dat was een idee dat al lang in m’n hoofd rondspookte.
Als ik in bad zit, hoor ik altijd dat knisperende geluid van
zeepsop en die klank intrigeert me. Ik zit vaak met zulke ideeën,
maar het lukt niet altijd om alles goed op te nemen. Sommige
geluiden zijn bijvoorbeeld te stil.
enola: Je kunt die klanken dan wel bewerken met de
laptop.

Ja, natuurlijk. Dat heb ik bij ‘Glisten’ ook gedaan. Oorspronkelijk
is die klank vrij egaal. Ondanks het feit dat ik geen echte
topapparatuur heb, probeer ik die geluiden dus te bewerken om er
meer dynamiek in te krijgen.
enola: Op de plaat vielen me vooral de mooie klanken op in
‘Chomsky’. Ze deden me denken aan waterdruppels. Waar komen die
geluiden vandaan?

Wel, dat nummer is puur met de laptop gemaakt. Het thema heb ik
gespeeld op een virtuele synthesizer. Dat heb ik dan bewerkt met
filters om het sprankelender te krijgen.
enola: In het begin van die song is er ook een ironisch tekstje te
horen dat we mogen beschouwen als een sneer naar de VS. Vind je het
belangrijk om maatschappijkritiek in je muziek in te
bouwen?

Ja, daar hecht ik wel belang aan. Dat nummer heet ‘Chomsky’, dus ik
dacht: waarom er geen quote van die man in verwerken? Dan ben ik
gaan zoeken op het net en Chomsky heeft een site die vol staat met
opnames van zijn speeches. Ik heb toestemming gevraagd om die quote
te gebruiken, maar ik kreeg geen antwoord. Ik heb het risico dan
maar genomen. Ik kan me niet voorstellen dat daar problemen uit
zullen voortvloeien. Als het zo is, dan zien we wel.
enola: Waarom Chomsky?
Ik kan me erg goed vinden in zijn ideologie ten opzichte van de
wereld. Zijn houding over de oorlog in Irak en de regering Bush,
daar sluit ik me volledig bij aan. Met dat citaat wil ik dus vooral
aangeven aan de luisteraar hoe mijn levensfilosofie in elkaar zit.
Mijn muziek is bijna volledig instrumentaal. Het moest dus in zo’n
quote gebeuren.
enola: Paul Snoek zei altijd dat water een grote katalysator was
voor zijn dichtwerk. Als ik naar jouw plaat luister en de hoes
bekijk, geldt volgens mij net hetzelfde voor jouw muziek. Het
verhaal van het zeepsop lijkt mijn vermoeden zelfs nog te
bevestigen.

(lacht) Wel, ik moet zeggen dat die verwijzingen naar water niet
bewust gebeurd zijn, maar de link is er zeker. De titel van de
plaat, ‘Vadem’, refereert ook naar water. Naast water slaat de
titel echter ook op diepte. Het thema van de plaat is dus
eigenlijk: stille waters, diepe gronden.

Freejazz

In m’n recensie over Vadem verwees ik naar jazztronica. Zou
een avontuur als ‘The Exchange sessions’ van Steve Reid en Kieran
Hebden iets voor jou zijn?

Ik moet bekennen dat jazz me vrij weinig zegt. Ik heb wel een paar
jazz-cd’s in huis, maar dat idee had ik niet in m’n hoofd. Ik sluit
wel niks uit, misschien probeer ik in de toekomst toch mijn
elektronica te laten versmelten met een jazzinstrument. In het
verleden heb ik bijvoorbeeld nog een optreden gedaan met een
klarinettist. Dan hebben we geïmproviseerd op het podium. Hij begon
te spelen en ik samplede dan stukjes van zijn klarinetgeluid om er
iets nieuws mee op te bouwen. Achteraf was ik daar wel niet zo
tevreden over. Het was te chaotisch.
enola: Bijna freejazz dan?
Ja, het kwam in de buurt van freejazz. Ik heb liever dat alles
beter is voorbereid.
enola: Hoe moeten we ons Zool. dan voorstellen
live?

Er zijn nog niet zoveel optredens geweest, maar meestal sta ik
alleen op het podium met mijn laptop en een klaviertje. Daar voeg
ik dan nog een gewoon instrument aan toe om er een echte
live-ervaring van te maken. Dat kan een basgitaar zijn of een
percussie-instrument om metaalachtige geluiden te creëren.
enola: Op je site heb ik gezien dat er erg weinig optredens
gepland staan.

Ja, eentje maar. Dat is net voorbij.
enola: Mogen we daaruit afleiden dat je niet graag live
speelt?

Nee, ik vind het zeer boeiend om live te spelen. Het is zeker niet
zo dat ik liever thuis zit in m’n eentje om wat te prutsen en te
bricoleren. Ik hou van de interactie met het publiek en live breng
ik m’n nummers ook anders. Dan zit er minder een vaste structuur in
de songs. Via een bepaalde software kan ik m’n muziek opdelen in
verschillende deeltjes zodat ik live remixes kan maken.

Do it yourself

Vadem is te verkrijgen
via U-Cover. Is dat een label of een
platenmaatschappij?

Het is een label. Daarnaast is het ook een verdeler via het
Internet. Ze houden zich specifiek bezig met elektronische muziek.
Het gaat meestal om artiesten die alleen werken. Eén van de
bekendere dingen die ze vorig jaar hebben uitgebracht is Kettel. Dat is een Nederlander uit
Groningen (Reimer Eising, sv), die ik heel erg apprecieer. Hij
maakt elektronica met heel veel melodielijnen door elkaar. Met hem
zou ik in de toekomst zeker nog willen samenwerken. U-Cover is
misschien een klein label, maar ze brengen steeds interessante
muziek uit. Ik was opgetogen dat het Koen Lybaert (van U-Cover, sv)
zelf was die me contacteerde na m’n eerste ep. Hij heeft dan m’n
twee ep’s verdeeld en als ik een full-cd zou uitbrengen, wou hij
die zeker ook verdelen. En zo geschiedde.
enola: Het album is nu wel niet in de platenwinkels te verkrijgen,
op de Vynilla in Gent na dan.

Het is inderdaad geen fysieke distributie. Alles verloopt online.
Ik hoop stiekem dat ik via deze weg de aandacht kan trekken van een
groter label zodat m’n muziek iets breder kan verspreid
worden.
enola: Ik kan me voorstellen dat het frustrerend is om met
kwalitatief hoogstaande muziek geen onderdak te vinden bij een
platenmaatschappij als Morrmusic of Warp.

Ik heb al muziek naar Morrmusic gestuurd, hoor. Ze antwoordden dan
dat het niks voor hen was. Ze krijgen waarschijnlijk dagelijks
demo’s binnen. Die reactie heb ik al bij verschillende
platenfirma’s gekregen.
enola: Dat is toch vreemd omdat een artiest als Styrofoam, die in het vaarwater zit van
wat jij doet, wel een platencontract kan versieren.

Ja, Styrofoam ken ik al langer en hij werkt wel met
live-muzikanten. Misschien ligt daar het verschil. Nu, ik vind dat
gebrek aan een platencontract niet zo frusterend, hoor. Ik ben niet
zo’n hyperambitieuze artiest die de wereld wil veroveren met z’n
muziek. Hoe meer mensen m’n plaat horen, hoe liever natuurlijk. Ik
zal je eens iets vertellen. In 1999 speelde ik bij Kolk en we zaten
toen bij Sony Music. Dat is een echte platengigant, maar dat
project is wel een geruisloze dood gestorven. Waaraan dat ligt,
weet ik ook niet. Na dat avontuur heb ik volledig voor de do it
yourself
-aanpak gekozen. Je hebt dan minder exposure,
maar je hebt als artiest wel alle touwtjes in handen. Op die manier
werk ik het liefst.
enola: Welke horizonten wil je nog verkennen met Zool.? Zal je
vooral het ingeslagen pad blijven bewandelen of liggen er
koerswijzigingen in het vooruitzicht?

Ik heb een aantal ideeën, maar die zijn vaak zeer uiteenlopend. Het
is dus maar de vraag of die allemaal te realiseren zijn. Ik kan wel
vertellen dat er op m’n volgende plaat nog meer analoge
instrumenten zullen staan en dat ze nog experimenteler zal klinken.
Ik wil niet met breakbeats gaan werken als Aphex Twin, maar m’n
muziek zal toch afwijkender worden op het vlak van melodische
structuren. Daarnaast heb ik ook een sterke behoefte om meer dubby
dingen te doen en die drang zal in de toekomst ook zeker een
uitlaatklep krijgen. Ik zou ook graag met zang gaan werken.
ms. John Soda en Lali Puna vind ik bijvoorbeeld zeer
goed.
enola: Dan loop je wel het risico om een indietronics-kloon
genoemd te worden.

Klopt. Elektronica met stem, it’s been done en het is dus
heel moeilijk om iets te maken dat binnen het genre een andere
richting uitgaat. Ik leg nooit op voorhand vast wat ik precies ga
maken. Als ik eraan begin, zorg ik gewoon dat ik een geheel van
ideeën heb die bij elkaar aansluiten.
enola: Hoeveel tijd besteed je aan Zool.?
Dat is moeilijk te zeggen. Aan deze plaat ben ik ongeveer een jaar
bezig geweest. Moest ik geen andere bezigheden hebben en me
volledig op de muziek kunnen focussen, zou ze misschien op een
maand klaar zijn geweest. Er is echter ook mijn werk en ik heb een
gezin, dus me alleen op de muziek concentreren is onmogelijk. Ik
besteed ongeveer een volledige dag per week aan muziek.
enola: Waar werk je?
Ik ben parttime bediende bij de VRT. Ik werk in het geluidsarchief,
waar ik toegang heb tot alle interessante muziekfragmenten. Dat
komt dus behoorlijk goed uit (lacht).
enola: We zouden het geloven.

http://www.zool.be – http://www.myspace.com/zoolmusic

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × een =